Aids: Wie doet wat?

15-08-2006
Door: Bas Bergers
Bron: OneWorld

 

Taboe op seks

In veel landen wordt ontkend dat jongeren aan seks doen. 'Dat is gevaarlijk want de realiteit is wel even anders', zegt Jeanette Slootbeek van Youth Incentives. 'Jongeren zijn seksueel actief en dat moet worden geaccepteerd. Als er niet met jongeren wordt gepraat, weten ze ook niet waar de gevaren zijn.'

 

'Zo staan meisjes in sommige Afrikaanse landen anale seks toe om hun maagdelijkheid te bewaren. Anale seks vergroot de kans op aids.'

 

Youth Incentives, het internationale programma van de Rutgers Nisso Groep, stimuleert daarom jongeren in ontwikkelingslanden over hun seksualiteit te praten. Met theater, muziek of gewoon een goed gesprek. Daarbij komt ook praktische informatie over bijvoorbeeld het gebruik van condooms aan bod.

 

'Ik ben nog nooit een land tegen gekomen waar het niet mogelijk is', zegt Slootbeek. 'Jongeren vinden het erg leuk. En de volwassenen zien ook wel dat er meisjes te jong zwanger worden en dat er aids is.' Ook gevoelige onderwerpen als abortus en homoseksualiteit worden niet gemeden. Jongeren willen die maar al te graag bespreken. 'In de pauze van onze programma's komen jongens naar ons toe voor adviezen voor een vriend van een vriend die homoseksueel zou zijn.'


 

Werken met aids
 

Stop Aids Now!, een gezamenlijke campagne van verschillende organisaties,  richt zich in haar werk meer en meer op de strijd tegen aids op de werkvloer. 'Als aids bespreekbaar wordt op de werkvloer gaat daar een preventieve werking vanuit', zegt Yvette Fleming, coördinator van het project Managing HIV/Aids at the Workplace. 'Het leidt ook ertoe dat werknemers makkelijker hun weg vinden naar een behandeling.'

 

Werknemers zijn een belangrijke doelgroep omdat de aidsepidemie veel slachtoffers maakt onder mensen tussen de 20 en de 40, zeg maar de beroepsbevolking. Dit heeft niet alleen gevolgen voor henzelf en hun gezinnen. Werkgevers krijgen te maken met uitval van medewerkers. Zij hebben er zelf ook baat bij dat een werknemer gezond blijft.

 

Werkgevers moeten gaan nadenken over hoe ze om willen gaan met aids. 'Samen met hun werknemers moeten ze richtlijnen op papier zetten,' zegt Fleming. Zulke richtlijnen moeten bijvoorbeeld voorkomen dat geïnfecteerde werknemers worden gediscrimineerd.

 

Managing HIV/Aids at the Workplace richt zich vooralsnog op partnerorganisaties van Hivos, ICCO, Memisa en Novib. In Uganda doen inmiddels 82 NGO's mee. Voor hen worden workshops georganiseerd. Daarin leren zij over hiv/aids en de gevolgen daarvan voor het individu, de samenleving en de eigen organisatie.

 

Medicijnen zijn nog steeds te duur

 

Volgens Artsen zonder Grenzen (AzG) blijft de beschikbaarheid van aidsremmers een groot probleem. Ondanks een sterke prijsdaling in de afgelopen vijf jaar zijn de benodigde  medicijnen nog steeds te duur.

 

'De prijsdaling is een positieve ontwikkeling', zegt persvoorlichter Diderik van Halsema. 'Maar vooral de medicijnen in de tweede lijn zijn nog steeds te duur.' Dit zijn de medicijnen die patiënten moeten gebruiken die resistent geworden zijn voor de 'gewone' medicijnen uit de eerste lijn.

 

Artsen zonder Grenzen probeert ervoor te zorgen dat de lokale gezondheidszorg haar taken op termijn kan overnemen. 'We blijven net zolang totdat we denken dat ze het zelf kunnen.' Vaak ontbreekt het aan gezondheidsmedewerkers en kennis, aldus Van Halsema.

Behandeling van de infectie en verstrekking van medicijnen is de afgelopen jaren gemakkelijker geworden. Dat versterkt de mogelijkheid voor lokale behandelingen. Volgens AzG hebben hiv-geïnfecteerden in conflictgebieden zoals het oosten van Congo, daar baat bij.

 

Er zijn overigens nog een hoop verbeteringen mogelijk. 'Er moeten meer medicijnen speciaal voor kinderen beschikbaar komen', vertelt Van Halsema. Nu zijn bijna alle doseringen nog afgestemd op volwassenen.

Artsen zonder Grenzen behandelt wereldwijd 100.000 hiv/aids-patiënten in 65 ziekenhuizen en klinieken in 32 verschillende landen. Ongeveer 60.000 van hen krijgen aidsremmers. Van Halsema: 'Dat lijkt veel maar als je het totale aantal hiv-geïnfecteerden neemt, is het een druppel op een gloeiende plaat.'

 


Aids bedreigt financiering basisgezondheidszorg
 

Wemos kiest ervoor zich vooral in te zetten voor een goed functionerende basisgezondheidszorg. Dit is een voorwaarde voor een effectieve aidsbestrijding. Volgens woordvoerder Ellen Verheul van Wemos heeft teveel aandacht voor aids zo zijn risico's.

 

'Het probleem is dat er het meeste geld is geoormerkt. Dit geld mag voor niets anders worden gebruikt dan aidsbestrijding. En als al het geld naar de aidsbestrijding gaat, blijft er niet veel meer over voor de gebroken benen.' 

In Zambia stijgt het aantal patiënten dat toegang heeft tot aidsremmers terwijl het percentage kinderen dat tegen andere ziektes is ingeënt, daalt. 'Het is de vraag wie dan de keuzes maakt,' zegt Verheul. 'Bovendien gaat het ten koste van de efficiëntie.' Wemos steunt liever lokale organisaties die weten waaraan behoefte bestaat. Volgens Verheul komt dat ook de aidsbestrijding ten goede.

 

 

 

Reacties