'Onderwijs biedt kinderen weer perspectief voor de toekomst'

18-10-2016
Door: Stef Arends
Bron: OneWorld
Foto: School in Aleppo, Unicef
Tegelijk met het einde van het staakt-het-vuren op 19 september, is het Syrische schooljaar begonnen. "Veel mensen in oorlogsgebieden denken dat onderwijs wel kan wachten, maar onderwijs heeft juist ook tijdens een oorlog een belangrijke functie", aldus Bart Vrolijk, hoofd onderwijs van Unicef Syrië.
Interview – 

Bart Vrolijk kende Syrië al toen het nog vrede was. Als student liftte hij via Aleppo en Beiroet naar Egypte: “Voor het begin van de crisis was Syrië een van de landen in het Midden-Oosten waar bijna iedereen naar school ging. Door de oorlog kunnen nu zeker een op de vier scholen niet meer gebruikt worden en gaan ongeveer twee miljoen kinderen niet naar school.”

EU houdt de grenzen gesloten 

Unicef doet haar best om te helpen binnen de kaders van de internationale gemeenschap. Volgens Bart Vrolijk is onderwijs, net als water, voedsel en onderdak een eerste levensbehoefte, en de anekdotes over het werk van Unicef laten daar geen twijfel over bestaan. Maar toch blijft het vreemd dat de grootste sponsor van deze humanitaire hulp, de Europese Unie, zijn grenzen zelf gesloten houdt. Het blijft vreemd dat Unicef de mensen die door het Europese grensbeleid gevangen zitten in hun eigen land, geholpen worden met geld uit datzelfde Europa.

Wanneer zelfs hulporganisaties worden bestookt met raketten zou je zeggen dat school even geen prioriteit heeft, maar volgens Vrolijk is het juist essentieel om ook in conflictsituaties hulp te blijven bieden. Moeten die kinderen niet gewoon wegwezen uit Syrië? En is het überhaupt nog wel mogelijk om les te geven in dit soort gevechtssituaties?

Hebben ze in Syrië nog gewoon een officieel schooljaar?

“Ja, meer mensen kijken daar gek van op. De afgelopen decennia dacht men in veel oorlogsgebieden dat onderwijs wel kan wachten tot er vrede is, maar inmiddels realiseren steeds meer mensen zich wel dat onderwijs ook tijdens een oorlog een belangrijke functie heeft. Het geeft kinderen een soort routine om in een beschermde omgeving te kunnen leren en spelen. In Syrië leidt Unicef leerkrachten op om psychische problemen bij leerlingen te herkennen. Zo kunnen ze kinderen helpen om hun moeilijke situatie te verwerken door erover te praten of tekeningen te maken. In ernstiger gevallen kunnen we ze ook doorverwijzen naar gespecialiseerde hulp die we samen met plaatselijke organisaties opzetten. Daarnaast zorgen scholen voor essentiële informatie om te overleven. We hebben bijvoorbeeld een programma over de risico’s van mijnen, bermbommen en ander oorlogstuig.”

Officieel overheidscurriculum - Bart Vrolijk | UNICEF from Stef Arends on Vimeo.

Is het niet levensgevaarlijk om Syrische kinderen nog naar school te sturen?

“Allereerst wil ik de misvatting rechtzetten dat heel Syrië in puin ligt door de oorlog. Want er zijn hele wijken in Damascus die veilig zijn en je hebt de kustgebieden zoals Tartus en Latakia waar een relatief normale situatie is. Doordat die gebieden minder in het nieuws komen hebben veel mensen een vertekend beeld van de situatie in het land.

Er zijn natuurlijk verschillende gradaties van veiligheid, en het klopt dat het voor sommige kinderen een risico is om naar school te gaan. In Aleppo boden we bijvoorbeeld zelfstudiepakketten aan in een school vlakbij de bufferzone [gebied tussen de twee strijdende partijen, red.] en toen ik daar op bezoek kwam was er net een mortier op het schoolplein geland. Daar hebben we toen een soort beschermende laag op de ramen geplakt van transparant materiaal, zodat mócht er dan toch nog eens een mortier op het schoolplein inslaan, het glas niet breekt. Want glasscherven hebben een dodelijke consequentie. Samen met donoren als de Europese Unie doen we dus veel van dit soort ‘light rehabilitation’, lichte herstelwerkzaamheden in gebieden waar scholen beschadigd zijn door geweld.

En in februari en maart van dit jaar spraken we met de leerlingen in diezelfde wijk in Aleppo, en toen was er een meisje dat zei: ‘het is een groot risico als we naar school gaan, want er zijn soms sluipschutters’. Toen hebben we een extra grote metalen schutting gemaakt om ze een soort bescherming te geven. Op andere plekken helpen we de gemeenschap met het opzetten van zogenaamde ‘temporary learning spaces’ in bijvoorbeeld parkeergarages. Daar kun je dan nog relatief veilig zitten wanneer er een risico is op bombardementen.

De motivatie van deze kinderen is zo hoog dat zij dit alles riskeren. Zij vinden onderwijs zó belangrijk dat ze al deze risico’s nemen om een vorm van onderwijs te kunnen genieten. In nog gevaarlijkere gebieden, die vaak in handen zijn van de gewapende oppositie of van IS, kunnen wij ook niet meer werken. Veel kinderen uit die gebieden vluchten ook naar de veilige plekken in het land. Die proberen we dan te helpen om de scholen en examencentra te bereiken. We hebben dit jaar meer dan 10.500 kinderen geholpen om de frontlinies te doorkruisen om hun middelbare schoolexamen af te leggen. Eén jongen heeft drie keer geprobeerd door de checkpoints van de gewapende oppositiegroeperingen te komen. Drie keer is het mislukt, en toch zette hij door. Met een hele grote omweg is hij er toch nog gekomen. Unicef heeft zijn reis- en verblijfskosten kunnen vergoeden.”

Bij IS in de buurt - Bart Vrolijk | UNICEF from Stef Arends on Vimeo.

Sluipschutters, bombardementen en mortieren die uit het schoolplein steken… goed dat jullie deze mensen helpen, maar moet je al deze kinderen niet gewoon zo snel mogelijk het land uit zien te krijgen?

“Dat kan natuurlijk niet. Je kunt niet zeggen: jullie moeten je woonplaats verlaten. Mensen moeten er altijd zelf voor kiezen om te vertrekken. En bovendien: wat we ook mogen denken over de hele migratiestroom die naar Europa gekomen is, degenen die daar het meest gebruik van gemaakt hebben waren de mensen met geld, degenen die de mensensmokkelaars konden betalen. Dus een groot gedeelte kán simpelweg niet vluchten. Door dit soort voorzieningen op te zetten, kunnen we ze helpen waar ze behoren, en waar ze ook willen zijn.

En het tweede belangrijke aspect is ook de verzoening. Door naar school te gaan leren kinderen om met elkaar om te gaan. Er is een grote diversiteit binnen het land wat betreft religieuze stromingen en etnische achtergronden. Door het conflict is er polarisatie en worden mensen uit elkaar gedreven. Onderwijs heeft er een belangrijke functie in om die verzoeningsprocessen op gang te brengen.

Ziet u een rol voor kinderen in het vredesproces?

“Zonder meer. Er zijn bijvoorbeeld kinderen die gevlucht zijn uit Idlib, Aleppo of zelfs uit Raqqa, die dan in de veilige gebieden op scholen terecht komen. En dat die dan ook samen moeten gaan leven met de kinderen uit die veilige plaats zelf. Dan kan er soms ook discriminatie voorkomen, dus we zijn ook met de leraren bezig om dat tegen te gaan. Zo kunnen we bijdragen aan het verminderen van de verdeeldheid in het land. En nogmaals: onderwijs biedt vooral ook die kinderen zelf weer perspectief voor de toekomst.”

Reacties