Vrede biedt hoop op terugkeer voor Afrikaanse vluchtelingen

12-03-2004
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld

Vanuit de lucht lijken het oases in de dorre binnenlanden van Afrika. Blauwe plastic zeilen van de UNHCR markeren de plaatsen van de talloze vluchtelingenkampen. Van de 10,4 mensen in de wereld die naar andere landen zijn gevlucht en de 5,8 miljoen interne vluchtelingen bevindt eenderde zich in Afrika. Sommige kampen herbergen 300.000 tot een half miljoen mensen.

vluchtelingen kamp

De bewoners van die kampen hebben vaak snel een paar spullen bij elkaar moeten graaien en zijn als een dief in de nacht hun geboortegrond uitgeslopen, bang voor de burgeroorlog die over hun land raast. Eenmaal aangekomen op hun nieuwe plaats van bestemming zitten de getraumatiseerde vluchtelingen dicht op elkaar gepakt met vaak niet eens een echt dak boven hun hoofd en een karig rantsoen van voedsel en drinkwater. Omdat de conflicten in het thuisland soms wel decennialang aanhouden, kan hun verblijf hier lang duren.

In 2002 bood Tanzania 'onderdak' aan 690.000 vluchtelingen uit buurland Burundi. De Democratische Republiek Congo en Sudan huisden beiden 330.000 interne vluchtelingen. Daarmee bezetten de drie Afrikaanse landen respectievelijk de 4e, 7e en 8e plaats in de top 10 van landen die in 2002 vluchtelingen opvingen. Die lijst is overigens erg afhankelijk van conflicten. Als gevolg van de verdrijving van de Taliban in Afghanistan stonden in 2002 Iran (1,3 miljoen Afghaanse vluchtelingen) en Pakistan (1,2 miljoen Afghanen) bovenaan.

Nu de vrede in een aantal landen is getekend, kunnen veel Afrikaanse vluchtelingen naar huis, denken de Verenigde Naties. Afgelopen week confereerden zij over het vluchtelingenprobleem in Afrika. Op de bijeenkomst in Genève stemden 60 landen in met de instelling van een werkgroep die de terugkeer van 2 miljoen Afrikaanse vluchtelingen moet begeleiden. De werkgroep wordt samengesteld uit vertegenwoordigers van Afrikaanse landen, VN-organisaties en maatschappelijke organisaties.

Veilige repatriatie kost geld

Bij de terugkeer naar hun land moeten de vluchtelingen worden geholpen met voedsel, onderdak en werk. Gebeurt dat niet dan zou deze omgekeerde exodus in het moederland een bron van nieuwe conflicten kunnen worden. Voor een veilige terugkeer is echter geld nodig, veel geld.

Op de UNHCR-conferentie riep de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen, de Nederlandse ex-premier Ruud Lubbers, de 60 aanwezige donorlanden op tot forse financiële toezeggingen voor een langere termijn. 'We hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om het zaad van vrede en ontwikkeling, dat in Afrika is gezaaid, de kans te geven om te groeien,' zei Lubbers. De Nederlander doelt daarmee op de vrede en stabiliteit in landen als Angola, Burundi, Congo, Sierra Leone, Liberia, Eritrea, Somalië, Rwanda en Sudan, waar decennialang conflicten woedden.

Donorlanden zouden moeten 'investeren' in de kansen die het huidige vredesklimaat biedt, vindt de UNHCR. Afrikaanse landen kunnen gebruik maken van de capaciteiten en energie van hun terugkerende landgenoten. Westerse landen zouden goedkoper uit zijn als zij maar een deel van de kosten van het huidige asielbeleid in de repatriëring en reïntegratie van miljoenen Afrikaanse vluchtelingen zouden steken. Bovendien kan dat geld niet alleen de vluchtelingen maar ook het gastland en de bevolking daarvan ten goede komen. Vooralsnog zijn er echter nog geen concrete toezeggingen gedaan voor stortingen in een 'terugfonds'.

Wrok opzij schuiven

'Alleen als de wegen, scholen en ziekenhuizen weer zijn opgebouwd kunnen mensen weer terug naar hun land of streek,' zegt Liesbeth Volkert, projectmedewerker West-Afrika van Stichting Vluchteling. 'Hoe langer en heftiger een oorlog is geweest, hoe langer het duurt voordat deze voorzieningen weer een beetje zijn opgebouwd en vluchtelingen ook echt terug naar hun land of streek kunnen.'

Volkert denkt dan ook dat de inschatting dat 2 miljoen vluchtelingen binnen een paar jaar naar huis kunnen, een beetje aan de optimistische kant is. 'Er is veel bereikt op het gebied van vrede en daardoor zullen inderdaad mensen kunnen terugkeren. Maar je kunt wat dat betreft niet heel Afrika over een kam scheren. In het ene land zullen mensen eerder kunnen terugkomen dan in het andere. De gesloten vredesakkoorden zijn bijvoorbeeld niet in elk land even duurzaam.'

Afrikaanse vluchtelingen

Maar er is volgens Volkert ook een succesverhaal: Sierrra Leone. Nadat er drie jaar geleden een eind kwam aan de gruwelijke burgeroorlog zijn daar inmiddels vrijwel alle vluchtelingen teruggekeerd. 'We hebben allemaal de vreselijke beelden gezien van de mensen met afgehakte armen', memoreert Volkert. 'Ik was echt verbaasd dat ook de daders van die gruweldaden weer terug konden keren naar hun oorspronkelijke gemeenschappen. De bevolking was de jarenlange oorlog waarschijnlijk zo zat dat ze verder wilden met hun leven en makkelijker hun wrok opzij konden schuiven.'

Dat de internationale gemeenschap ruimhartig heeft bijgedragen aan de wederopbouw en ook een flink aantal blauwhelmen heeft gestuurd, heeft volgens haar de spoedige terugkeer van de ontheemden in Sierra Leone bevorderd. Die bijdrage is echter niet in ieder land vanzelfsprekend.

Broze vrede

De totstandkoming van een aantal van die vredesakkoorden en missies is mede te danken aan een hernieuwde interesse van de Verenigde Staten voor het donkere continent. In hun strijd tegen het terrorisme zijn de Amerikanen ook eens wat nader naar de problemen in Afrika gaan kijken. Ze kwamen erachter dat de onlangs beëindigde burgeroorlogen in landen als Sierra Leone, Ivoorkust of Congo de stabiliteit van hele regio's bedreigden.

Falende staten werden een vrijhaven voor maffia en terroristen. Liberia ontwikkelde zich onder de inmiddels verdreven Taylor tot regionaal centrum voor de drugshandel. Ook Al-Qaeda zou ongestoord zaken hebben kunnen doen in de eerste vrijstaat voor slaven.

Die ontwikkeling heeft Amerika en de rest van de internationale gemeenschap de ogen geopend voor de Afrikaanse politieke chaos. De VS hebben het bovendien gemunt op de veelbelovende olievoorraden in Afrikaanse landen als Sudan, Angola en Nigeria. De voormalige oliebaron George Bush wil immers minder afhankelijk zijn van het Amerika-vijandige Midden-Oosten. Zij waren het die de Sudanese regering en de strijders van het volksleger SPLA aan hun haren naar de onderhandelingstafel sleepten. De vredesonderhandelingen daar verlopen echter nog niet al te soepel.

Amerika neemt bovendien ongeveer een kwart van de kosten van de Afrikaanse vredesmissies van de Verenigde Naties voor hun rekening. De VN hebben momenteel vijf vredesmissies in Afrika: in Liberia (UNmil), Ethiopië en Eritrea (UNmee), Congo (Monuc), Sierra Leone (UNamsil) en in de Westelijke Sahara (Minurso). Een nieuwe vredesmissie voor Ivoorkust is inmiddels goedgekeurd. Missies naar Sudan en Burundi staan op stapel.

Gebrek aan Blauwhelmen

De internationale gemeenschap hoest wel wat geld voor deze missies op, maar levert zelf maar mondjesmaat manschappen. De westerse regeringen laten het puinruimen liever over aan soldaten uit Afrikaanse landen en India. Vaak zijn dit minder goed uitgeruste troepen. De aantallen zijn lang niet altijd voldoende en het duurt lang voordat de verschillende landen toezeggingen doen. Zo duurde het langer dan gepland voordat de troepenmacht in Liberia eind 2003 op sterkte was. Amnesty sloeg rond de jaarwisseling nog alarm over grove mensenrechtenschendingen en anarchie in de Liberiaanse straten.

Veel getraumatiseerde vluchtelingen zullen waarschijnlijk nog niet terugwillen zolang de vrede die op papier is getekend nog geen blijvertje is. De Sudanees Gideon Gadua ziet zijn vier zonen voorlopig liever nog in het vluchtelingenkamp over de grens met Kenia blijven. De angst voor een opnieuw oplaaiende oorlog zit er na 20 jaar diep in, zo vertelde hij de BBC. 'Als het vrede blijft, kunnen ze terugkomen. Maar als de vrede niet wordt bezegeld, kunnen ze maar beter daar blijven om hun opleiding af te maken. Ik wil alleen maar dat ze hard leren en goed onderwijs volgen.'

 

UNHCR
Stichting Vluchteling

Amnesty International

Verenigde Naties

BBC Factfile on Migration

 

Reacties