Vis: we kunnen er niet genoeg van krijgen

01-09-2004
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld


Vooraf: De milieu- en diervriendelijkheid van vis laat vaak te wensen over. Voor het vangen van platvis bijvoorbeeld wordt de zeebodem keer op keer omgewoeld, waardoor op de bodem levende soorten aanzienlijk in aantal zijn afgenomen. Ook 'longlining' maakt veel onnodige slachtoffers. Lijnen van soms wel honderd kilometer met aas, bedoeld om tonijn of zwaardvis te vangen, lokken ook veel grote zeevogels als albatrossen, die vast komen te zitten en verdrinken. En iedereen kent de verhalen over dolfijnen die bij tonijnvangst verstrikt raken in de netten.

vis tonijn

Veel soorten dreigen door overbevissing te verdwijnen. Daarom zijn er in de Europese Unie visquota ingesteld, maximale hoeveelheden die de vissers aan land mogen halen. Nadeel van quota is dat wat vissers te veel vangen, of wat ongewenst mee komt in de netten, weer overboord wordt gekieperd, dood of (nog net) levend. Wereldwijd gaat het om miljoenen tonnen. Ander nadeel is dat de Europese vissers nu de visrechten opkopen van arme landen langs de West-Afrikaanse kust en daar de zee leegvissen.

De sterk groeiende vraag naar en het dalende aanbod van wilde vis heeft inmiddels van de viskweek een lucratieve industrie gemaakt. Momenteel is 30 procent van de vis op tafel afkomstig uit de kweek. Helaas blijkt ook kweekvis geen erg vriendelijk alternatief. Er is weliswaar geen sprake van bijvangst, maar vooralsnog voedt de kweekvis zich vooral met vismeel afkomstig van jawel.. de wilde vis. Op een enkele plaats worden pogingen gedaan de kweekvis aan een vegetarisch dieet te krijgen.  


De Negen Best Verkochte Verse Vis van Nederland:
 

1. Op nummer één staat de zoute haring. Onze Hollandse nieuwe, die in het voorjaar wordt gevangen, is alleen afkomstig uit de Noordzee. Haring zwemt in grote scholen, waardoor er efficiënt, zonder veel bijvangst, op kan worden gevist.

haringMomenteel wordt onderzocht of de Nederlandse haringvisserij op de Noordzee in aanmerking kan komen voor een label als duurzame visserij. In de Atlantische Oceaan is de haring plaatselijk overbevist maar in de Noordzee is de vangst, na een dramatische teruggang van de haringstanden in de jaren '70, nu beperkt. Hierdoor zit de haringstand weer boven het minimum en mag je zonder schuldgevoel een harinkje weghappen.



2.
Dat geldt niet voor zalm. De meeste zalm die in de winkel ligt, is gekweekt, en dat gebeurt meestal niet op milieuvriendelijke wijze. De zalm wordt gehouden in grote kooien langs de kust. Voor het kweken is veel wilde vis nodig als voer en er wordt gebruik gemaakt van antibiotica.
Onbedoeld ontsnappen er zalmen uit de kooien die zich mengen met wilde soorten. Nakomelingen hiervan zijn minder bestand tegen ziektes of overleven niet in het wild. Zowel gekweekte als wilde zalm uit Europa kan PCB's en dioxines bevatten.

De stand van wilde zalm is ernstig achteruit gegaan door watervervuiling, overbevissing en zeeluis die ze 'oplopen' door contact met kweekzalm. Alleen Alaskazalm (+) wordt goed beheerd en krijgt een plusje.


3.
Kibbeling is geen soort vis maar stukjes vis die in een beslagje zijn gefrituurd. Soms is het nog kabeljauw, want oorspronkelijk waren het de uitgesneden, gezouten wangetjes van de kabeljauw. Ongezouten wangetjes heetten 'lekkerbekjes', maar dat is tegenwoordig weer iets anders (zie bij 4.). Meestal wordt voor kibbeling nu goedkopere soorten vis gebruikt, variërend van schelvis tot wijting en heek. Er wordt zelfs vis uit Azië voor geïmporteerd.


4.
Ook het lekkerbekje is dus geen vis, maar vaak een gebakken wijting of heek. Wijting staat er niet zo goed voor. Tienduizenden onvolgroeide visjes zijn bijvangst in de industrievisserij (voor vismeel en -olie) en enorme hoeveelheden worden teruggegooid als ondermaatse wijting voor consumptie. Heek is zwaar overbevist, zowel in Europa als bij Argentinië.


5.
Het kweken van mosselen heeft relatief weinig effect op het milieu, sterker nog, de schelpdiertjes zuiveren het water van een teveel aan algen. Er bestaat alleen discussie over de hoeveelheid mosselzaad (piepkleine mosseltjes) die de mosselvissers in voor- en najaar uit de Waddenzee mogen opvissen.
Natuurbeschermers willen dat er genoeg overblijft voor wadvogels, terwijl de vissers zoveel mogelijk willen vissen. Er wordt momenteel onderzocht of mosselteelt een biologisch label kan krijgen.


6.
Noordzee- en Noorse garnalen zijn de belangrijkste koudwatergarnalen. De Noordzeegarnaal wordt intensief bevist. Toch is de Noorse garnaal, die groter en rozer is, commercieel belangrijker. De garnalenstand is variabel en fluctueert per jaar.

Voor Noordzeegarnalen zijn er geen quota, maar is er wel een vergunning nodig om erop te mogen vissen. Bijvangst wordt aan boord van de garnalen gescheiden en veel van deze, meest jonge, visjes overleven dit. Veel Noordzeegarnalen worden in Marokko gepeld, om vervolgens hier weer als 'vers' te worden verkocht. Ze leggen daardoor een (milieuonvriendelijke) reis van 5000 km af.


7.
Het eten van paling is om diverse redenen niet echt aan te raden. Met name in het wild gevangen paling bevat hoge gehaltes PCB's en dioxines. Die zitten ook in kweekpaling, maar in mindere mate. Kweekpaling wordt geïnjecteerd met waterbindend dierlijk eiwit, om hem zwaarder te maken. Palinglarfjes zweven op de Golfstroom van de Sargassozee naar Europa, waar ze als glasaaltjes de rivieren inzwemmen.
palingVaak worden ze al bij de riviermondingen gevangen, meestal bestemd voor viskwekerijen. Het aantal aaltjes dat de rivieren inzwemt, is nog maar een fractie van de hoeveelheden uit de jaren '80. Door het vissen op glasaaltjes en de overbevissing van volwassen paling gaat het niet al te best met de paling.


8.
Kabeljauw is een kwetsbare soort die bij Canada bijna verdwenen is. In de Noordzee wordt jaarlijks bijna de helft weggevist en zijn er allerlei vangstbeperkende maatregelen. Visserijbiologen en natuurbeschermers pleiten voor een vangststop. Alleen bij IJsland doet de kabeljauw het iets beter omdat hij daar beter wordt beheerd. Als je per se kabeljauw wilt eten kun je het beste IJslandse nemen, maar schelvis of koolvis is beter. Het verschil proef je niet.


9.
Het bestand makrelen in de Noordzee is al dertig jaar op een laag niveau en er mag ook niet gericht op worden gevist, behalve ter hoogte van Noorwegen. In Nederland wordt vooral makreel aangevoerd uit de Noordoost Atlantische Oceaan waar de makreelstand redelijk goed is. Handlijnvisserij in Zuidwest Engeland is als milieuvriendelijk gecertificeerd.

 

Meer over 'De goede visgids', met vislijst voor in de winkel
Productschap Vis
Stichting de Noordzee
Vis-a-card van Greenpeace
Achtergrondverhaal van OneWorld over kweekvis

Reacties