Tien jaar Nafta, lessen van een 'bilateraal' verdrag

19-09-2003
Door: OneWorld Redactie

Wat is Nafta?

Nafta staat voor Noord-Amerikaanse Vrijhandelsverdrag dat de Verenigde Staten, Canada en Mexico hebben gesloten. Het vrijhandelsverdrag trad officieel in werking op 1 januari 1994.

Wat houdt Nafta precies in?

De naam dekt niet volledig de lading. Het gaat er niet alleen om dat zoveel mogelijk invoerheffingen en quota in het onderlinge handelsverkeer worden afgeschaft. Ook vrij verkeer van kapitaal, investeringen en aandelen is in het verdrag meegenomen.
De vrijhandel betreft alle producten; van speelgoed en diensten tot avocado's en maïs. Alleen olie, belangrijk voor de Mexicaanse staatskas, blijft buiten het verdrag.
De invoertarieven op vele producten werden direct opgeheven. Voor economisch gevoelige producten is afgesproken dat de tarieven stapsgewijs worden afgebouwd. Appels, aardappelen en kippen zijn tariefvrij verhandelbaar sinds 1 januari dit jaar. Voor maïs, bonen en poedermelk worden de tarieven geleidelijk afgebouwd, tot nul in 2008. Voor een aantal producten blijven ook quota korter of langer bestaan.

Wat zijn de gevolgen van Nafta - de cijfers

De buitenlandse investeringen in Mexico zijn sinds 1993 sterk toegenomen. Van bijna 50 miljard dollar halverwege 1993 tot 110 miljard dollar in 2001 (met een piek van bijna 130 miljard in 1997). [Bron: Ministerie van Economische Zaken, Mexico]

Vanaf 1993 is de landbouwexport van de VS naar Mexico verdubbeld tot 7,9 miljard dollar in 2002. De Mexicaanse export van landbouwproducten verdubbelde ook bijna tot 6,1 miljard dollar. [Bron: Amerikaanse ministerie van Landbouw]

Voor de totale onderlinge handel is de handelsbalans van de VS ten opzichte van Mexico veranderd van een overschot in 1994 (1,34 miljoen) naar een tekort in 2000 (22,8 miljoen) [Bron: Census Bureau, VS]

De totale omvang van de Mexicaanse export steeg sinds 1994 van 61 tot 173,3 miljard dollar in 2002, terwijl de invoer toenam van 79,3 tot 185,4 miljard dollar. Mexico blijft een handelstekort houden. [Bron: Wereldbank]

Het aantal Mexicanen dat werkt in de maquiladoras (de assemblage-bedrijven) is gestegen van 550 duizend in 1994 tot 1,2 miljoen in 2001. [Bron: Statistisch Onderzoeksbureau Inegi, Mexico]

Tussen 1993 en 2001 steeg de arbeidsproductiviteit met 47,7 procent. In bijna dezelfde periode (1993-200) daalde echter het minimumloon in Mexico met 18 procent en het gemiddelde arbeidsloon met 21 procent. [Bronnen: ministerie van Economische Zaken en Inegi, Mexico]

Het aantal Mexicanen dat in armoede leeft is tussen 1994 en 1998 gestegen van 50,9 procent tot 58,4 procent. Van de Mexicanen op het platteland leefde in 1998 82 procent in armoede, tegenover 79 procent in 1994. [Bron: Wereldbank 2001]

Bovenstaande cijfers geven een trend weer. Niet alles is voor 100 procent te wijten aan Nafta.

Hoe kunnen Nafta en een WTO-verdrag worden vergeleken?

Nafta is weliswaar een regionaal verdrag maar de economische relatie tussen de VS en Mexico heeft alle trekken van een bilaterale handelsovereenkomst. In zijn geheel lijkt dat voor Mexico ongunstig uit te pakken. Een overzicht op vier gebieden.

Landbouw
Ondanks het feit dat tarieven voor landbouwproducten fasegewijs zijn afgebouwd, blijken de gevolgen voor kleine boeren in een minder ontwikkeld land als Mexico ingrijpend. Onder druk van met name de VS en de Europese Unie blijven de meeste ontwikkelingslanden in de WTO hardnekkig vasthouden aan de eis van een speciale en gedifferentieerde behandeling als het gaat om invoertarieven. Zoals voor Mexicaanse boeren maïs een strategisch product is, is koffie en suiker dat voor sommige Afrikaanse en Caraïbische landen en willen zij die markt beschermen.

De exportmogelijkheden van een goedkoper producerend land blijken ondanks de vrijhandel niet altijd zo groot. Mexico verwachtte een enorme afzet van met name fruit. Maar de Verenigde Staten slaagden erin bijvoorbeeld lange tijd Mexicaanse meloenen maar ook avocado's tegen te houden, vanwege respectievelijk een rups en een vliegje. Hoewel de Mexicanen dat euvel op de meeste plaatsen hebben verholpen, gebruiken de VS nog te pas en te onpas fyto-sanitaire argumenten om Mexicaans fruit te weren. Inmiddels zijn Amerikaanse appels op de Mexicaanse markt niet meer weg te denken.

Niet-agrarische productie
Op dit gebied heeft Mexico met Nafta de deuren wijd opengezet. Producenten van frisdrank, speelgoed en textiel werden weggeconcurreerd. Buitenlandse bedrijven hebben de lokale economie overgenomen. De werkgelegenheid in met name de maquiladoras, assemblagebedrijven in onder meer de auto-, textiel- en elektronica-industrie, steeg, maar de duizenden arbeiders zijn bij gebrek aan contracten vrijwel rechteloos.

Bovendien zijn de buitenlandse bedrijven even snel vertrokken, als het elders goedkoper kan. In Mexico bestond een verticale textielindustrie (van katoenbewerking tot t-shirt). Inmiddels is die bijna geheel verplaatst naar Midden-Amerika en Azië, met alle nadelige gevolgen voor de Mexicaanse werkloosheid.

Investeringen
Handelsblokken als de VS en de EU zien de mogelijkheden voor investeringen door hun bedrijven graag verruimd. Zij wilden al op de WTO-top in Cancun onderhandelen over een multilateraal investeringsverdrag.

Nafta versterkte de al bestaande mogelijkheden voor buitenlandse investeringen. Als gevolg daarvan steeg in Mexico de productie. Maar gunstige gevolgen voor de lokale economie bleven uit. Volgens een rapport van de internationale ontwikkelingsorganisatie Oxfam komt tegenwoordig slechts 3 procent van de productie in de maquiladoras-centra van lokale Mexicaanse bedrijven.
Daar waar de productie steeg, bleven loonverbeteringen uit. In 30 jaar daalden de reële lonen in Mexico zelfs met 70 procent. Als gevolg van de armoede in Mexico blijft het echter voor bedrijven altijd mogelijk goedkope arbeidskrachten te vinden.

Ontwikkelingslanden vrezen dat zij als gevolg van zo'n verdrag dezelfde kant opgaan als Mexico. Zij willen geregeld zien dat buitenlandse bedrijven ook op hogere posities, lokale mensen aannemen; dat een deel van de winst in het gastland wordt geïnvesteerd en dat de buitenlandse technologie ook verder in het gastland wordt verspreid.

Milieu
Bedrijven uit de Nafta-landen worden in het regionale verdrag beschermd tegen beslissingen van gastlanden die tegen hun bedrijfsbelangen ingaan. Nafta laat zien dat de milieuwetgeving in alledrie al vaak met succes is bestreden door een buitenlands bedrijf.

Zo wilde het Amerikaanse bedrijf Metalclad een stortplaats voor gevaarlijk afval bouwen. De Mexicaanse regering gaf daarvoor toestemming. De provincie San Luis Potosi deed dat niet, toen uit onderzoek bleek dat de stortplaats de lokale watervoorziening zou vervuilen. Een Nafta-tribunaal bepaalde in 2001 dat de Mexicaanse regering Metalclad 15,6 miljoen dollar aan schadevergoeding moest betalen.

Sinds Nafta is de milieuwetgeving in Mexico sterk verbeterd. Controle op handhaving schiet echter ruimschoots tekort. De Nafta-landen hebben onder druk van Amerikaanse milieu-organisateis een Noord-Amerikaanse commissie voor Milieusamenwerking in het leven geroepen. Die signaleert en rapporteert jaarlijks, maar sanctionele bevoegdheden heeft zij niet.

In een zijverdrag van Nafta is opgenomen dat alledrie landen hun milieuwetgeving niet mogen oprekken, om aantrekkelijker te zijn voor buitenlandse investeerders. Zo'n afspraak bestaat binnen de WTO nog niet.

Ontwikkelingslanden verzetten zich onder meer ook tegen een mogelijk investeringsverdrag in de WTO omdat zij bang zijn dat zij op milieugebied geen eisen meer kunnen stellen. Al langer bestaat spanning tussen wereldwijde milieuverdragen en de WTO. Alom is er de verwachting dat bij een conflict vrijhandelsafspraken zegevieren over multilaterale milieuverdragen. Overigens is in Nafta juist bepaald dat wereldwijde milieuverdragen over onder meer uitstoot van broeikasgassen en bedreigde dieren, voorrang hebben boven handelsafspraken.

Wie zijn de winnaars van tien jaar Nafta?

Globaal gezien zijn drie soorten winnaars te onderscheiden.

- Grote agro-industriële bedrijven in met name de Verenigde Staten en Canada heeft Nafta geen windeieren gelegd. De Amerikaanse reus Archer Daniels Midland zag zijn winst in bijna tien jaar tijd verdrievoudigen tot 301 miljoen dollar. Ook in Mexico zijn er landbouwbedrijven die van de vrijhandel profiteren. Zo kent het noorden, dat grenst aan de Verenigde Staten, een paar grote tomatenproducenten die goed boeren.

- Van de maïsimport profiteren ook Mexicaanse ondernemers. Zo is er een aantal kippenfokbedrijven die de goedkope gele maïs uit de VS aan hun kippen voeren. Grote tortilla-producenten gebruiken daarvan eveneens veel. Tortilla's, basisvoedsel van de Mexicanen, is daardoor ook goedkoper voor de consument.

- In het noorden van Mexico vinden inmiddels ruim een miljoen Mexicanen werk in de maquiladoras. Deze bestonden al in de jaren 60 als goedkope productielocaties voor Amerikaanse bedrijven, maar hebben sinds Nafta een hoge vlucht genomen. In sectoren zoals televisieproductie en autofabricage, worden steeds meer onderdelen in Mexico zelf gebouwd. In de computersector profiteren werknemers sterk van Nafta. Hi-techbedrijven halen ook steeds meer productie binnen. De Mexicanen verdienen in de noordelijke maquiladoras over het algemeen meer dan in de traditionele bedrijven. De maquiladoras zuigen daarom ook steeds meer werkloze zuiderlingen aan. De arbeidsomstandigheden zijn er echter niet even goed en het leven is ook aanmerkelijk duurder dan in het zuiden.

Wie zijn de verliezers van tien jaar Nafta?

- Mexicaanse boeren zijn vooral de verliezers. Ondanks de gefaseerde afbouw van de tarieven, is Mexico sinds 1994 overspoeld door goedkopere want gesubsidieerde maïs uit de VS. Eenderde van de maïs die in Mexico wordt gegeten, komt nu uit de Verenigde Staten. De prijs voor maïs daalde in diezelfde periode met 70 procent. Zo'n 15 miljoen mensen zijn voor hun bestaanszekerheid grotendeels afhankelijk van inkomsten uit maïsproductie.

De steun aan de 3 miljoen kleine Mexicaanse boeren werd tegelijkertijd vrijwel volledig afgebouwd. Honderdduizenden moeten elders geld verdienen om eten voor hun gezin te kunnen kopen. De laatste jaren is een stroom op gang gekomen richting het noordelijke centrum van de maquiladoras en de VS. Jaarlijks zouden zo'n 400 duizend van hen hun geluk over de grens beproeven. Sinds 1994, toen de Amerikanen de grens strenger gingen controleren, hebben ruim 2.000 Mexicanen dat met de dood moeten bekopen.

- Ook kleinere familiebedrijven in de Verenigde Staten lijden onder de sterk gedaalde prijzen voor onder meer maïs en tomaten. Het percentage familiebedrijven in de Verenigde Staten is inmiddels geslonken tot ongeveer 1 procent.

- Voor niet-agrarische producten is de afschaffing van de tarieven in een keer gebeurd. Het Mexicaanse midden- en kleinbedrijf, dat nauwelijks moderniseerde, was op zo'n radicale ingreep niet voorbereid. Fabrikanten in onder meer speelgoed en huishoudelijke apparaten konden niet concurreren met Amerikaanse bedrijven.

Zijn ontwikkelingslanden beter af met bilaterale verdragen?

Multilaterale verdragen op het gebied van vrijhandel voor zowel landbouw als niet-agrarische goederen en diensten zouden de rechtszekerheid van ontwikkelingslanden beter kunnen beschermen. Ex-minister voor Ontwikkelingssamenwerking Evelien Herfkens zei onlangs in Trouw: 'In het vrijhandelsverdrag voor de Amerika's heeft Mexico al alles weggeven op het terrein van investeringen en patentbescherming. (..) Andere landen kunnen dat opkomen van die bilaterale overeenkomsten niet verdragen.'

Niet voor niets kondigde de Amerikaanse handelsvertegenwoordiger Robert Zoellick aan dat de VS bilaterale handelsbesprekingen met kracht voortzetten. De VS zien meer in bilaterale verdragen omdat ze meer kunnen afdwingen.

In bilaterale verdragen kunnen ontwikkelingslanden meer eisen stellen op het gebied van milieu- en arbeidswetgeving. Bovendien kunnen ze garanties proberen af te dwingen dat de buitenlandse technologie bijvoorbeeld ook in het land wordt verspreid.
Maar veeleisend kunnen ze niet altijd zijn, omdat een multinational net zo gemakkelijk verkast naar een meer toeschietelijk (buur)land. In multilaterale verdragen zou geregeld kunnen worden dat investeerders geen concessies op belastingvrijstelling kunnen afdwingen. Oftewel dat ontwikkelingslanden niet tegen elkaar worden uitgespeeld.

REAGEER OP DIT ARTIKEL

(bron: OneWorld/Mark van Kollenburg)

(Met dank aan: Barbara Hogenboom, Centrum en Documentatie Latijns Amerika (Cedla); Bertram Zagema, schrijver van 'Casino Mexico' (Kritische Reeks Lemniscaat 2003); IPS; Milieudefensie; Oxfam.)

Reacties