Zweten achter de naaimachine in de Kalverstraat

14-05-2016 Bron: OneWorld
Conceptstore The Mad Rush
Het winkelend publiek wordt geconfronteerd met de schaduwzijde van de mode-industrie.
Het winkelend publiek in de Haagse binnenstad kan sinds gisteren zomaar een nagebootste Bengaalse kledingfabriek instappen. In de conceptstore The Mad Rush zwoegen naaisters in hitte en lawaai achter hun krakkemikkige naaimachines. Met tot gevolg eyeopeners en ongemakkelijkheid. De sweatshop opende eerder haar deuren op de Kalverstraat in Amsterdam. OneWorld nam destijds een kijkje.
Reportage – 

Een grote sticker met ‘99% off’ op de winkelruit en ook de typisch hippe inrichting met cactussen en Perzische kleedjes zijn goed gekozen als lokmiddel om de langslopende mensen de winkel in te krijgen. Nietsvermoedend snuffelen de mensen tussen de kledingrekken. “Achter deze deur vindt u nog veel meer uit onze collectie!”, roept de zogenaamde verkoopster enthousiast.

Mondkapjes

Maar achter die deur zitten vrouwen met mondkapjes te werken in hitte en kabaal. Met elkaar praten is, net als in het echt, verboden. De 120 vrijwilligers die hier in shifts van twee uur zitten, hopen op deze manier bij te dragen aan meer bewustwording over de slechte arbeidsomstandigheden in de textielindustrie. Oftewel lage lonen, te lange werktijden en onveilige werkplekken. 

Nietsvermoedend komen klanten conceptstore The Mad Rush binnen.

Sweatshop

Geïnspireerd door de documentaire De slag om de klerenwereld van de VPRO bedachten Susanne Kuiper en Ester Serrano deze zogenaamde Sweatshop. Ester: “De modewereld is een façade. Er zijn genoeg evenementen waar over dit thema gesproken wordt, maar daar komen de bewuste mensen op af. Door in de Kalverstraat tussen grote ketens te zitten, hopen we juist die mensen te bereiken die daar totaal niet bezig zijn.” Ze bundelden hun krachten met Schone Kleren Campagne en Mama Cash om hun plan te realiseren.  

Door tussen grote ketens te zitten, hopen we mensen te bereiken die hier totaal niet mee bezig zijn

Wanneer je de ‘fabriek’ doorloopt, word je achterin opgevangen. Met video’s en foto’s krijg je de verhalen te zien van de meisjes die echt in de Bengaalse fabrieken werken. De bezoeker wordt geconfronteerd met keiharde cijfers en feiten. “Maar het is vooral belangrijk om ze op een positieve manier handvaten te bieden hoe ze bewuster kunnen zijn. Het kopen van duurzame en Fair Trade kleding bijvoorbeeld. Of in de winkels vragen hoe hun kleding gemaakt is, zodat bedrijven zich er ook meer mee bezig gaan houden”, zegt Ester. 

Impact

Blijkbaar worden de tips wel opgepikt. “Gisteren was er een meisje dat hier in de buurt in een kledingzaak werkt. Zij kreeg opeens vragen van mensen waar haar kleding gemaakt werd. Ze snapte het niet en toen hoorde ze van de Sweatshop. Ze kwam een kijkje nemen en vond het echt een eyeopener.”

Het is een raar beeld dat juist blanke westerse vrouwen hier zitten te werken

Maar niet iedereen is enthousiast. Er zijn mensen die zich bij het zien van de ploeterende naaisters ongemakkelijk voelen en snel wegbenen met kreten als “Dit is niks voor mij” en “Ik wil dit niet”. Een jonge vrouw zegt al bewust met schone kleding bezig te zijn, waarna ze opbiecht net een broek bij de Topshop, een winkel die enkele keren in opspraak is geweest door de slechte arbeidsomstandigheden, te hebben gekocht. “Dit is echt een mooi initiatief, maar het zou nog mooier zijn als ze echt meisjes hadden ingevlogen uit de fabrieken in Bangladesh. Dat had nog meer impact gemaakt, nu kan ik me er redelijk makkelijk voor afsluiten”, zegt ze.

Maar dat is volgens Ester juist wat ze bewust niet hebben gedaan. “Het is een raar beeld dat juist blanke, westerse vrouwen hier zitten te werken. Het confronteert meer en je denkt eerder: ‘Oja, dat had ik ook kunnen zijn’.”

Saskia Stavenuiter

Saskia Stavenuiter is vierdejaars-student journalistiek uit Utrecht en ze...

Lees meer van deze auteur >

Reacties