Studie overheid bevestigt: bezuiniging Ontwikkelingssamenwerking onterecht

22-05-2003
Door: OneWorld Redactie

Exportkredietschulden zijn schulden van ontwikkelingslanden aan Nederland. Ze komen voort uit exporten van Nederlandse bedrijven aan deze landen, die door het Ministerie van Financiën zijn herverzekerd. Uitgangspunt van dit verzekeringsbeleid, zo schrijft het IOB rapport, is dat het kostendekkend is. De premies die Financiën voor de verzekering ontvangt, zijn hoog genoeg om de kosten van de claims te dekken. Schuldkwijtschelding kost geen extra geld en mag daarom niet afgewenteld worden op OS.

Internationale afspraken zijn niet eenduidig over het onderbrengen van kwijtschelding van exportkredietschulden bij OS. Tijdens de internationale top over Financiering voor Ontwikkeling in maart 2002 is afgesproken dat schuldkwijtschelding niet ten koste mag gaan van ontwikkelingshulp. Volgens de OESO-DAC valt kwijtschelding van schulden wel onder ontwikkelingshulp.

Maar, zo schrijft het IOB rapport, volgens dezelfde OESO-DAC regels moet er sprake zijn van een netto overdracht van middelen. Dat is bij kwijtschelding van exportkredietschulden niet het geval. Tenslotte is het zeer de vraag of de exporten bijgedragen hebben aan duurzame ontwikkeling. Gegevens over die transacties worden door het Ministerie van Financiën geheim gehouden. Ook speelt ontwikkelingsrelevantie geen rol bij het verstrekken van de verzekering.

Uit de IOB studie blijkt dat Financiën in de periode 1997-2002 tussen de 37-69 miljoen euro teveel heeft gedeclareerd. Dat komt onder meer omdat geen rekening is gehouden met het eigen risico van bedrijven: Financiën declareert de volledige vordering bij OS, maar betaalt het bedrijf niet het volledige bedrag. Jubilee Nederland vindt dat Financiën OS hiervoor behoort te compenseren.

De IOB studie bevestigt voorts de stelling van Jubilee Nederland dat het beleid van schuldkwijtschelding niet ver genoeg gaat, terwijl schuldkwijtschelding - anders dan hulp, handel, of investeringsstromen ? een betrouwbare bron van inkomsten is die onmiddellijk resultaat oplevert en voorwaarde is om andere gelden vrij te maken. Werkelijke armoedebestrijding, zoals bijvoorbeeld verwoord in de Millennium Doelstellingen, vergt veel verdergaande schuldkwijtschelding.

Het rapport onthult tenslotte de dubbele moraal van de Nederlandse regering bij schuldkwijtschelding. De vrees voor moreel risico - het belonen van wanbetaling - verklaart de terughoudendheid van de regering bij kwijtschelding van schulden. Maar aan het moreel risico bij de schuldeisers - het schadeloos stellen voor onverantwoorde kredietverstrekking - wordt niet zwaar getild. Jubilee Nederland, dat altijd heeft benadrukt dat ook naar de verantwoordelijkheid van de geldverstrekkers gekeken moet worden, juicht toe dat het rapport dit aan orde stelt.

Reacties