OneWorld presenteert:

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 4 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Hernán schudt zijn hoofd. “Ze komen hier de mineralen en het water uit de grond halen, nemen de winst mee en laten ons na een paar jaar achter met niets”, zegt de 54-jarige lamaherder. Hernán woont in het Argentijnse Susques, een kleine plaats op bijna 4000 meter hoogte in de noordelijke provincie Jujuy, waar de lemen huizen dezelfde kleur hebben als de zandgrond.

Het is er droog, er valt maar 150 millimeter regen per jaar, en de zon brandt er flink. Het plaatsje ligt aan de rand van Salar de Olaroz, één van de twee zoutvlaktes in de provincie Jujuy, waar sinds 2015 lithium wordt gewonnen. “Onze ouders en voor- ouders hebben altijd goed voor de grond gezorgd en nu komen de bedrijven dat evenwicht verstoren”, zegt mede-inwoner Hipólito (54).

Lithium, ook wel het witte goud van de 21e eeuw genoemd, is een essentieel onderdeel van oplaadbare batterijen en vanwege de stijgende vraag naar elektrische auto’s is er een heuse rush op de grondstof: in 2016 kostte een ton nog iets minder dan 6000 dollar, een jaar later was de prijs meer dan verdubbeld.

Chile’s salt flat
Op satellietbeelden zijn de bassins op een zoutvlakte zichtbaar, waarin zout water verdampt en de grondstof lithium overblijft.

Om het klimaatakkoord van Parijs te halen is de overgang naar een groene economie noodzakelijk en zijn technologische innovatie en alternatieve energiebronnen de sleutels tot succes. Maar is er tijdens de uitgebroken fiebre del litio (lithiumkoorts) wel oog voor milieu, sociale rechtvaardigheid en een eerlijke verdeling van de winst?

Lama's en landbouw

Rondom de twee zoutvlaktes wonen ongeveer 14.000 mensen, vooral oorspronkelijke gemeenschappen van de Kolla en Atacama.

De meeste bewoners leven van de lamateelt, landbouw, handwerk, (tijdelijk) loonwerk en zoutwinning en -handel, en zijn dus sterk afhankelijk van het intact blijven van hun semi-woestijnachtige en kwetsbare ecosysteem. Het weinige water dat er is, is cruciaal voor de dieren en het levensonderhoud van de gemeenschappen. Jill, de vrouw van Hipolito: “We zorgen voor onze lama’s, de wol gebruiken we om kleren van te maken en te verkopen, hun vlees eten we op en ruilen we voor andere goederen. Dat heeft voor ons veel meer waarde dan geld.”

Het weinige water dat er is, is cruciaal voor de dieren en het levensonderhoud van de gemeenschappen

Het grootste bezwaar van de bewoners tegen de lithiumwinning is daarom dat er water wordt onttrokken aan de bodem van het toch al droge gebied. Nóg minder water kan desastreuze gevolgen hebben voor hun traditionele leefwijze.

De bedrijven pompen miljoenen liters mineraalrijk zout water op vanonder de zoutvlakte en laten dat in bassins uitdrogen door de zon. Het residu dat overblijft, bevat mineralen zoals lithium, sodium en magnesium, die van elkaar gescheiden worden met chemicaliën.

Om een idee te geven hoeveel water er aan de bodem onttrokken wordt en moet verdampen voor één ton lithium: zo’n 700.000 liter (en dat zijn nog conservatieve schattingen). Vertaald naar hoeveel auto’s daarvan op elektriciteit kunnen rijden: uitgaande van zo’n 15 kilo lithium per auto zijn dat er ongeveer 100. Vele duizenden tonnen alleen al voor Nederland, wetende dat er eind 2017 al 21.115 elektrische personenauto’s rondreden.

Zoet en zout

Hoewel er volgens de mijnbedrijven geen drinkwater gebruikt wordt, daalt het grondwaterpeil wel en slinken de waterreserves. En volgens rapporten van het internationale milieunetwerk Friends of the Earth komen de chemische stoffen die gebruikt worden om de mineralen van elkaar te scheiden, vaak in het milieu terecht.

Het blijkt tot nu toe moeilijk de directe invloed van de mijnbouw op het ecosysteem vast te stellen. Bewoners rondom de zoutvlaktes vertellen dat het afgelopen jaar bijzonder droog is geweest en dat er al dieren zijn gestorven.

Het is niet helemaal duidelijk of dat aan de lithiumwinning te wijten is, maar tekenend is wel dat het nabijgelegen Pozuelos Meer is opgedroogd. Antropoloog Nestor Ruiz: “Volgens de universiteit is het uitdrogen van het meer een gevolg van een natuurlijk proces, maar ik geloof dat de mijnbouw zeker bijdraagt. Het probleem is dat nu het meer uitdroogt, ook de schelpdieren sterven en dan de flamingo’s volgen.”

Chile, Antofagasta region, San Pedro de Atacama, Atacama salar, the world’s largest lithium deposit, evaporation ponds of the Sociedad Quimica Mineral de Chile lithium mine or SQM and Sociedad Chilena del Litio or SCL (aerial view)
Na een aantal maanden in de brandende zon is het zoute water verdampt en blijven de droge stoffen, waaronder lithium, over. Beeld door: Hemis / Alamy

Een ander probleem bij het opboren van het water met daarin lithium is dat de laag met zoet grondwater doorboord wordt, waardoor zoet en zout water zich kunnen mengen: dat tast de waterkwaliteit aan. Ook kan er zoet grondwater op de zoutvlakte terechtkomen, wat de dunne zoutlaag die elk jaar aangroeit en geoogst wordt, vernietigt.

Wat voor toekomst staat ons allen te wachten zonder water?

Hoewel de bewoners slechts op kleine schaal zout oogsten, omdat het zout voor hen een levende entiteit is, voorziet het hun ook in hun levensonderhoud. Ze spreken niet alleen over het economische verlies dat ze daardoor lijden, maar ook over een spiritueel en cultureel verlies. Bewoner Claudia van het actieplatform Colectivo Apacheta, legt uit: “Ik kan naar de gouverneur gaan en zeggen dat ik het niet eens ben met wat er gebeurt, maar de planten, vogels en dieren kunnen dat niet. Wat voor toekomst staat ons allen te wachten zonder water?”

Rijk aan lithium
Meer dan 70 procent van de wereldwijde voorraad lithium komt uit de ‘lithiumdriehoek’: de zoutvlaktes in het zuiden van Bolivia, ten noorden van Chili en ten noordwesten van Argentinië. De Argentijnse overheid verleidt buitenlandse bedrijven met belastingvoordelen om te investeren in de exploitatie van de mijnen. Critici noemen dit resource grabbing: voorheen publiek land en bijbehorende natuurlijke bronnen komen in privébezit.

Gratis internet

Keer op keer noemen de bedrijven en overheid het mijnen als grote ontwikkelingskans. De regering beweert dat ze zonder de inkomsten van die bedrijven niet kunnen investeren in sociale programma’s voor de bewoners.

Anno 2018 zijn het echter vooral de mijnbedrijven uit China, Australië en Canada die de winst opstrijken. En al heeft de Argentijnse overheid via het staatsbedrijf een aandeel van 8,5 procent in de winst, slechts weinig daarvan vloeit terug naar de gemeenschappen. Zo kreeg het departement van Susques, waar het Australische Orocobre en het Japanse Toyota Tsusho jaarlijks 17.500 ton lithium ophalen tegen een winstmarge van ongeveer 9000 dollar per ton, in 2017 maar 8600 dollar via hun wettelijke royaltyvergoeding van 3 procent.

Het Argentijnse dochterbedrijf Sales de Jujuy dat in Susques de daadwerkelijke exploitatie doet namens het Australisch-Japanse conglomeraat, zegt desgevraagd veel te doen om ‘ontwikkeling te brengen’. Silvia Rodriguez, advocaat van het bedrijf: “Het is een arme regio waar weinig basisvoorzieningen zijn. Wij proberen een beetje te helpen, maar willen dat niet al te paternalistisch aanpakken. We geven niet alleen geld, ook kansen: microkrediet en opleidingen.”

Zo financieren ze het internet op de basisschool en is uit het fonds een ambulance voor het ziekenhuis gekocht. Verder lijkt het dorp niet veel ten goede veranderd, zeggen de meeste inwoners. Anderen hebben het idee omgekocht te worden met de fondsen die het bedrijf beschikbaar stelt voor de catering en muziek bij traditionele vieringen en feestjes.

Clemente Flores, van actiegroep La Mesa, vindt dat de dorpen voor publieke diensten niet afhankelijk moeten zijn van bedrijven: “We willen niet dat de bedrijven investeren in onze scholen en ziekenhuizen. Onderwijs en gezondheidszorg zijn voorzieningen waar de overheid voor moet zorgen.”

Ook van de beloofde hausse in werkgelegenheid komt volgens de Argentijnse socioloog Maristella Svampa niet zo veel terecht. ‘Grote mijnoperaties zijn kapitaalintensief, niet arbeidsintensief. Voor elk miljoen dat geïnvesteerd wordt, komen er niet meer dan twee banen bij’, schrijft zij in het onderzoeksrapport Beyond Development: Alternative Visions from Latin America, dat zij opstelde voor het Transnational Institute, een internationale organisatie die zich inzet voor een eerlijke en duurzame wereld.

Opstand

Mijnbouwbedrijven in het noordwesten van Argentinië claimen de bevolking goed te betrekken bij hun plannen. Volgens hun advocaat Rodriguez is de relatie met de gemeenschappen in de omgeving rondom de zoutvlakte zeer goed. “Vanaf 2012 is het bij wet verplicht om de bevolking in de betreffende regio in te lichten en te betrekken bij mijnbouwplannen voor aanvang van een project, en dat doen wij ook.”

Bewoners van de dorpen rondom de twee zoutvlaktes vertellen een ander verhaal. Hernán was in 2010 comunero, gemeenschapsleider. De bedrijven kwamen naar hem toe om hun plannen uit te leggen. Hij vertelt: “Ze kwamen hier met een rapport van meer dan 800 pagina’s vol technische informatie. Ze zeiden dat ze veel werkgelegenheid zouden brengen en boden me een pick-uptruck aan als ik hun plannen zou goedkeuren. Ik heb geweigerd. Hoe kan ik nou weten of het waar is wat ze zeggen? Ik vertrouwde het niet. Twee jaar later was iemand anders comunero en hij tekende wel. Nu heeft hij een baan bij dat bedrijf.”

Ze zeiden dat ze veel werkgelegenheid zouden brengen en boden me een pick-uptruck aan als ik hun plannen zou goedkeuren. Ik heb geweigerd

In Salinas Grandes, de andere zoutvlakte in de provincie Jujuy waar lithium in de grond zit, waren nog niet alle gemeenschappen ingelicht toen bedrijven in 2010 al begonnen waren met verkennende onderzoeken. Toen de bewoners hierachter kwamen, organiseerden ze zich direct in tientallen actiegroepen.

Alvaro, een 41-jarige activist en één van de initiatiefnemers: “We zagen hoe ze de zoutvlakte aan het vernietigen waren. Eerst wisten wij helemaal niet wat lithium was, dus verzamelden we informatie. Toen kwamen we erachter dat ze helemaal niet zonder onze toestemming op de zoutvlakte mogen werken.”

Met de hulp van organisaties en advocaten zijn ze in december 2015 naar het Inter-Amerikaans Hof voor de Rechten van de Mens in Costa Rica gestapt, waar de zaak nog in behandeling is. Om het heft in eigen hand te nemen, hebben de 33 gemeenschappen in twee jaar tijd gezamenlijk een protocol opgesteld waarin ze uitgebreid beschrijven op welke manier zij geïnformeerd en betrokken willen worden bij ontwikkelingen die op hun grondgebied plaatsvinden. Het protocol Kachi Yupi (sporen van zout) is gebaseerd op internationale wetgeving en lokale kennis, en is opgesteld in hun eigen taal en eigen woorden.

Er staat bijvoorbeeld in dat ze verwachten dat de provinciale overheid het initiatief neemt voor de eerste gesprekken en op welke termijn ze ingelicht willen worden over mijnbouwplannen in hun gebied. Ook kan er pas een volgende stap gezet worden als de bewoners precies begrijpen wat de plannen behelzen en hoe ze uitgevoerd gaan worden.

Eigenlijk draait de bevolking hiermee het proces om: niet de mijnbouwbedrijven bepalen de inhoud en vorm van de onderhandelingen, maar de gemeenschappen zelf bepalen de voorwaarden. Tot de rechter uitspraak doet mag er geen exploratie of exploitatie plaatsvinden op de zoutvlakte. In de tussentijd worden er wel vergunningen afgegeven en staan bedrijven in de rij om het witte goud uit de grond te halen. In Susques is het protocol te laat gekomen en zien Hernán en zijn familie de lithiumproductie komend jaar verdubbelen. “Het enige wat wij nu nog kunnen doen, is aandacht vragen voor onze situatie.”

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€4 per maand)
670

Susan van der Veen

Profielpagina

Advertentie

wca2018_600x500_oneworld