OneWorld presenteert:

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 4 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

We waren het eeuwenlang vergeten: het recept waarmee de Romeinen, met behulp van kalksteen, al beton maakten. Uiteindelijk werd aan het eind van de negentiende eeuw het recept opnieuw uitgevonden, maar de chemie van beton was en is nog altijd niet helemaal begrepen.

Helaas kost de productie van beton veel energie. Pas bij hoge temperatuur worden uit kalksteen – de belangrijkste grondstof voor beton – de juiste mineralen gevormd die zand en steen aan elkaar binden en die het beton zijn sterkte geven. Daarnaast komt er bij het verhitten van kalksteen CO2 vrij. Het maken van beton resulteert dus op twee manieren in de uitstoot van CO2. Eén ton beton veroorzaakt één ton CO2.

Beton is na water het meest gebruikte materiaal ter wereld. Jaarlijks wordt 30 miljard ton cement en beton geproduceerd, verantwoordelijk voor zo’n 5 tot 7 procent van de jaarlijkse uitstoot van broeikasgassen zoals CO2. De bouwsector is wereldwijd een van de grootste sectoren. Nu de economie groeit, wordt er meer gebouwd dan ooit tevoren. Gezien de huidige klimaatdoelen zijn nieuwe innovaties dus hard nodig.

Nieuwe soorten beton

Er valt daarom veel te winnen bij de productie van beton (en het bindmiddel in beton: cement). Al meer dan tien jaar wordt er gewerkt aan nieuwe betonsoorten die milieuvriendelijker zijn en minder CO2 gebruiken.

Zo wordt er gewerkt aan betonsoorten, met een andere mix van grondstoffen, zodat er minder water en energie nodig is om ze te maken. Hiermee kan de CO2-uitstoot tijdens de productie verlaagd worden met gemiddeld 30 tot 50 procent. In sommige van deze betonsoorten (van bedrijfjes als CeraTech en The Sefa Group) worden afvalstoffen verwerkt uit industriële processen, zoals de as uit kolencentrales.

Bedrijfjes met namen als Calera, Carbon Cure en Solidia Technologies injecteren CO2 in het beton tijdens het productieproces. De CO2 wordt dan opgeslagen in het beton als een carbonaat-verbinding met de magnesium of calcium die aan het beton worden toegevoegd. Hierdoor zijn deze betonsoorten ook nog iets sterker dan gewoon. De CO2 is afkomstig van industriële processen, bijvoorbeeld uit energiecentrales. In dit geval wil je de productie van beton zo dicht mogelijk laten plaatsvinden bij andere industrieën zodat hun afvalstoffen, restwarmte en CO2 direct kunnen worden hergebruikt en worden opgeslagen in het beton. Of het beton tijdens de levensduur schadelijke stoffen uit het opgenomen afval gaat lekken is niet bekend.

CO2 opnemen uit de lucht

Daarnaast worden er nieuwe betonsoorten en bouwmaterialen (onder andere voor asfalt) ontwikkeld die CO2 kunnen opnemen uit de lucht. Er zijn namelijk meer materialen die koolzuurgas bij kamertemperatuur kunnen opnemen en binden in een vaste stof. Olivijn en magnesiet worden momenteel bijvoorbeeld als veelbelovend gezien. Deze materialen zouden eveneens op grote schaal gebruikt kunnen worden in gebouwen, wegen, infrastructurele werken en steden.

Olivine_sand_from_Hawaii_Island_800
Olivijngruis zoals dat gevonden wordt op de stranden van Hawaii Island

Het grijsgroene olivijn is een natuursteen die veel voorkomt op aarde, soms aan de oppervlakte maar meestal ondergronds. De Nederlandse emeritus hoogleraar Schuiling noemt olivijn een wondermiddel en richtte zelfs een stichting op. Olivijn kan CO2 omzetten in magnesiumcarbonaat met behulp van water. Magnesiumcarbonaat is een materiaal dat in de natuur wordt omgezet in koraal en schelpen.

Tot kiezels gemalen olivijn is te koop in diverse tuincentra in de vorm van steentjes voor in de tuin of speeltuinen. Rijkswaterstaat strooit fijngemalen olivijn, greenSand genaamd, in bermen uit en biedt het materiaal aan voor andere toepassingen en gebruikers.

Als het aan sommige ‘klimaatredders’ ligt wordt olivijn op grote schaal uitgestrooid in het milieu, boven de grond, zodat het CO2 kan opnemen onder invloed van water (vocht). Er zijn wel wat nadelen: voor de mijnbouw om olivijn te winnen is energie nodig. Bovendien werkt olivijn het beste als er veel oppervlakte aan de atmosfeer bloot staat en moet je de gemijnde mineralen dus eigenlijk eerst fijnmalen. Ook dat kost veel energie, die vooralsnog vaak gelijkstaat aan CO2-uitstoot. Bovendien komt bij de chemische reactie met water ook nikkel vrij dat niet in te hoge concentraties in drinkwater mag komen.

Een ander materiaal dat op veel belangstelling mag rekenen is magnesiet, een vorm van magnesiumcarbonaat. Normaal verloopt het vormen van magnesiumcarbonaat, waarbij water en CO2 worden opgenomen, heel langzaam. Onlangs is een katalysator ontdekt waarmee de vorming van magnesiet enorm versneld kan worden zodat er dus ook veel sneller, grotere hoeveelheden koolzuurgas al bij kamertemperatuur kunnen worden opgenomen.

Ook magnesiet is niet helemaal zonder risico. Zo zijn er maxima verbonden aan de blootstelling aan de stof. Daarnaast is de schaal waarop het moet worden ingezet onrealistisch: om een ton CO2 uit de atmosfeer te halen is twee ton magnesiet nodig.

De steden en wegen van de toekomst

Hoewel de nieuwe betonsoorten en andere koolzuurgasbindende materialen al meer dan tien jaar als veelbelovend worden gezien, worden ze nog steeds niet op grote schaal ingezet. Deels komt dit door gebrek aan investeringen van de bouwsector, die nogal traditioneel is. De aanvoer van de grondstoffen (voor beton) is in sommige gevallen een probleem maar de meeste van de besproken materialen zijn op aarde ruim voorhanden.

Verder moeten de nieuwe materialen zich nog bewijzen in de markt: hun sterkte en nieuwe eigenschappen moeten nog een plek krijgen in het ontwerpen en ontwikkelen van gebouwen. Dat ontwerpen wordt langzaamaan steeds meer hightech. Kennisinstituten als MIT hebben al laten zien dat het mogelijk is om constructies te maken met ongeveer de helft van de hoeveelheid bouwmaterialen, die toch even sterk zijn.

duurzaam kantoor toekomst

Zo ziet het kantoor van de toekomst eruit

Niet alleen hightech, ook lowtech gaat de toekomst van kantoorgebouwen bepalen.

Daarbij kan ook nano engineering een belangrijke rol gaan spelen: nieuwe procestechnologieën waarbij de structuur van materialen nog preciezer worden beheerst. Zo zou je bijvoorbeeld sterke materialen kunnen maken waarin olivijn of magnesiumcarbonaat en enkele katalysatoren zijn opgenomen, die toch poreus zijn of een dunne coating hebben waar de CO2 uit de lucht gemakkelijk kan worden geabsorbeerd.

De grootste uitdaging is nu om ervoor te zorgen dat deze nieuwe technieken sneller en grootschaliger worden ingezet en dat de nieuwe veelbelovende materialen een definitieve plek krijgen in gebouwen, wegen, viaducten en andere grote infrastructurele werken. Die kans is het grootst als bij het bouwen vaker direct al rekening wordt gehouden met de totale levenscyclus en de bijdrage aan broeikasgassen en niet alleen wordt gekeken naar de goedkoopste manier van produceren.

Op deze manier kan de bouw transformeren van een van de grootste veroorzakers van broeikasgassen naar een van de grootste bijdragers aan de oplossing.

afvangen van co2

CO2 uit de lucht halen: de redding voor onze klimaatdoelen?

Het is technisch mogelijk om CO2 uit de lucht te filteren. Redt deze technologie ons?

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€4 per maand)
Maurits

Maurits Kreijveld

Futuroloog

Maurits Kreijveld is futuroloog en strategisch adviseur bij wisdomofthecrowd.nl. Hij verkent de impact van nieuwe ontwikkelingen op de …
Profielpagina