Pleidooi voor wereldpolitiek

01-09-2005
Door: Tekst: Frans Bieckmann


U bent vanaf het begin betrokken bij het ngo-netwerk Social Watch. Dat ontstond tijdens de voorbereiding van de Sociale Top in Kopenhagen, in 1995, en de Vrouwentop in Beijing in datzelfde jaar. Waarom moest Social Watch er komen?

'De Sociale Top was een serieuze poging van politici om globalisering te bekijken vanuit alle mogelijke gezichtspunten. In Kopenhagen ging het heel bewust om drie thema's: armoede, werk en sociale integratie. Armoede is vooral een prioriteit in de ontwikkelingslanden, werkgelegenheid in de ontwikkelde landen. En sociale integratie is overal een probleem. Het thema omvat migratie, cultuur, drugsverslaving, ouderen, et cetera. In Kopenhagen verplichtte dan ook iedereen, niet alleen het Zuiden, zich tot actie. Social Watch werd opgericht om de politieke toezeggingen in de gaten te houden. Bij Social Watch zijn niet alleen ontwikkelingsorganisaties aangesloten, maar ook groepen die zich met nationale sociale onderwerpen bezighouden. In Duitsland bijvoorbeeld is het een coalitie van kerken, vakbonden en ngo's.'

Roberto Bissio en Social Watch

De Uruguayaan Roberto Bissio (in december 1952 geboren te Montevideo) is directeur van de onderzoeks- en lobbyorganisatie Instituto del Tercer Mundo in Montevideo. Hij beheert daar ook het secretariaat van het wereldwijde Social Watch-netwerk en is eindredacteur van het jaarlijkse Social Watch-rapport. Lees meer...

Waarom is dat in Nederland anders? Hier zijn het vooral op ontwikkeling georiënteerde clubs als de NCDO en Novib.

'In Nederland hebben zulke groepen al een dialoog met de regering. Zij hebben daar geen extra instrument voor nodig. En ik denk dat het in Nederland ook moeilijker is om coalities te smeden. Organisaties zijn erg gespecialiseerd, alleen bezig met hun eigen thema - ontwikkeling, of juist met binnenlandse sociale onderwerpen. Zij vinden het moeilijker om verder te kijken dan het eigen mandaat.

In Italië, Duitsland en Canada bijvoorbeeld komen veel organisaties in het kader van Social Watch één keer per jaar bijeen en bekijken dan wat er aan sociale kwesties op de agenda staat. Die netwerken groeien nog steeds. Er zijn nu zestig landen bij Social Watch aangesloten. In Oost-Europa groeien we ook. Het werkt, want het idee is heel simpel: de regeringen hebben iets beloofd, en het is een essentieel recht van burgers om te controleren of politici hun beloften nakomen.'

In 2000 werden er nieuwe beloften gedaan: de Millenniumdoelstellingen.

'Dat kwam neer op het inperken van de agenda. Kofi Annan zei in zijn recente rapport over de VN - "Larger than freedom" - wat Social Watch al vijf jaar roept: de Millenniumdoelstellingen - MDG's - mogen hoger op de internationale agenda staan, maar ze komen niet in de plaats van de ontwikkelingsagenda van de Toppen uit de jaren negentig. Die brede agenda is erg complex, en daarom leefde onder de ontwikkelingsministers en de multilaterale instituties een gevoel dat er concretere criteria nodig waren. Dat werden de MDG's. Die worden nu te vaak tegenover die eerdere toezeggingen geplaatst, terwijl ze juist in elkaars verlengde zouden moeten liggen. Ook bij de MDG's kom je al snel weer uit bij handel, schuld en andere structurele oorzaken.

Tegelijkertijd was het Social Watch Report ook de eerste onderbouwde kritiek op de MDG's. De MDG's zijn in feite een projectie van bepaalde trends. Als alles zich had voltrokken zoals tussen 1990 en 2000, waren we automatisch in 2015 op de doelstellingen uitgekomen. Dat is veel te makkelijk. Sinds 1990 is die voortgang echter nog minder geweest. Er is niet op het gaspedaal gedrukt, maar op de rem. Terwijl de economie groeide, gingen alle sociale indicatoren omlaag. In Afrika ging het universitaire onderwijs vooruit, maar de kwaliteit van het basisonderwijs werd minder. Dus de elites hebben het beter. Dat is een direct gevolg van het pakket maatregelen dat onder de (neoliberale) Washington Consensus aan de ontwikkelingslanden werd opgelegd. Er is een groeiende kloof in de samenlevingen, ook in het Noorden. Dat is geen toeval. Het is ook geen "zero sum game", zoals soms wordt voorgesteld: banen gaan van Noord naar Zuid, dus dáár worden ze er beter van. Dat is niet zo, want de kwaliteit van die banen wordt minder: het salaris is lager en er is veel minder bescherming. En de ongelijkheid stijgt.'

Was dat alleen de schuld van de economen in Washington?

De gevolgen van dit hele pakket aan maatregelen werden pas in de tweede helft van de jaren negentig in hun volle omvang duidelijk. Argentinië stortte dramatisch in elkaar, maar ook elders ging het fout.'

(Advance) Social Watch Report

Elk jaar brengt Social Watch een rapport uit, waarin op basis van wereldwijd onderzoek de sociale vorderingen worden beschreven. Het rapport van 2005 kwam uit in september, maar vanwege de speciale VN-top in die maand besloot Social Watch al in juni een Advance Social Watch Report - 'Unkept Promises. What the numbers say about poverty and gender' - te publiceren, om nog enige invloed op de discussie uit te kunnen oefenen. Volgens Bissio trekt dit rapport dezelfde conclusies als het officiële rapport ('Roars and Whispers. Gender and poverty: promises vs. Action'): de internationale gemeenschap maakt haar beloften niet waar. Lees meer...

Was het fiasco in Argentinië niet mede te wijten aan wanbeleid en corruptie?

'Corruptie is inherent aan het pakket. Als je alle staatsinstrumenten ontmantelt, krijg je natuurlijk corruptie. Kijk naar Enron en andere bedrijven - het gebeurt ook in het Noorden. Er zijn dus controlemechanismen nodig.

Ik haal graag Adam Smith aan, een van de grondleggers van de liberale economische theorie. Als deze econoom nu had geleefd, zou hij nooit naar het Wereld Economisch Forum in Davos zijn gegaan. Hij zei al dat de armoede in Europa voor een groot deel werd veroorzaakt door het gegeven dat mensen niet konden migreren - toen van de ene gemeente naar de andere - omdat ze hiervoor geen vergunning kregen. En hij stelde dat de ondernemers de belangrijkste vijand zijn van de markt: ze proberen de markt te verslaan en een monopolie te verkrijgen. Tegenover zo'n kartel of alliantie kunnen de werknemers zich nooit verenigen. Dat zien we nu op wereldniveau gebeuren. Deregulering betekent: het stimuleren van private monopolies, waardoor corruptie ontstaat en een concentratie van inkomen, macht en besluitvorming. Dat is in Latijns Amerika gebeurd en verklaart ook waarom we nu, in reactie daarop, zo'n sterke opkomst zien van linkse bewegingen en op hervormingen georiënteerde regeringen.'

Gaan zij het anders doen?

'Het probleem waar al deze regeringen mee te maken krijgen, is dat zij binnen de zeer beperkte marges van de mondiale economie moeten manoeuvreren. De grenzen zijn allang bepaald. Er zijn handels- en investeringsakkoorden, schulden en voorwaarden voor kwijtschelding. De bewegingsruimte is beperkt. Argentinië moet heel veel schulden afbetalen - nu ook aan geprivatiseerde bedrijven, die in Washington rechtszaken aanspannen ter waarde van meer dan 100 miljard dollar. Dat kan leiden tot verhoging van de tarieven voor publieke diensten in Argentinië, voor water, elektriciteit, de metro, enzovoort.

Het grote gevaar is dus dat niet aan de verwachtingen van de mensen voldaan kan worden. Hetzelfde zie je in Brazilië - het Nul Honger-programma - en Uruguay: er zijn geen middelen.'

Is er een uitweg?

'In Latijns Amerika worden verschillende wegen bewandeld. De eerste is die van president Lula in Brazilië: we winnen onze vrijheid door het IMF te betalen. Daarna kunnen we zelf beslissen, want we gaan geen nieuwe leningen meer aan. De Argentijnse strategie is anders: het IMF en de internationale schuldeisers zijn net zoveel verantwoordelijk voor onze crisis als wijzelf. Het IMF heeft dat toegegeven, dus betalen we ieder de helft.

Er is ook een polemiek gaande over regionale televisie. Onlangs is er een Latijns-Amerikaanse televisiezender opgericht, als tegenhanger voor CNN. Net als in de jaren zeventig wordt er gepraat over een nieuwe informatieorde, met staatssteun voor massacommunicatie. Dat doet natuurlijk een aantal alarmbellen rinkelen, maar aan de andere kant: ook de BBC krijgt steun van de overheid.

In de tussentijd trekken deze Latijns-Amerikaanse landen, samen met andere grote ontwikkelingslanden uit Azië en Afrika, samen op in hun pogingen het internationale systeem te hervormen. Want uiteindelijk gaat het natuurlijk om nieuwe vormen van mondiaal bestuur. Het interessante is dat deze ontwikkelingen allemaal gelijktijdig plaatsvinden.'

Aanbevelingen van het Advance Social Watch Report 2005

Het Advance Social Watch Report 2005 zit inhoudelijk op een heel andere lijn dan de Millenniumdoelstellingen. Het rapport van Social Watch stelt dat vooral sinds 11 september 2001 een militair veiligheidsconcept dominant is geworden, dat de verhoudingen in de wereld serieus onder druk heeft gezet. Tegenover de huidige nadruk op militaire kracht stellen 'civil society organizations' (cso's) in de hele wereld - waarvan Social Watch de spreekbuis wil zijn - een concept dat naleving van alle mensenrechten centraal stelt. Het rapport komt met elf belangrijke actiepunten: Lees meer...

Mondiaal bestuur is nodig, zegt u. Daarbij horen ook mondiale burgers. Is er al sprake van een mondiale civil society?

'Die is er nog niet, maar is wel hard nodig. Analoog aan wat Ghandi zei over de westerse beschaving: het is een heel goed idee. Ik denk dat we kort kunnen zijn over de vraag of de problemen van nationale aard zijn en dus nationale politieke en maatschappelijke bemoeienis vereisen, of van internationale aard, en dus een internationale civil society behoeven. Veel problemen zijn mondiaal geworden en kunnen niet meer worden opgelost door nationale regeringen en hun maatschappelijke organisaties. Je moet dus zoiets hebben als wat in de Europese Unie "subsidiariteit" heet: bespreek een probleem op het niveau dat daarvoor het meest geschikt is.

Vrede, internet, de mondiale handel en "global bads" als de opwarming van de aarde, aids, internationale misdaad en wapenhandel moeten op internationaal niveau worden behandeld. Zelfs terrorisme, al moet je dan eerst vaststellen wat het verschil is tussen een terrorist en een "freedom fighter", zoals de Amerikanen de contra's in Nicaragua noemden. Er zijn ook twijfelgevallen. Biodiversiteit? Armoede? In Brazilië zeggen ze: "Wij willen best het Amazonegebied globaliseren, als jullie de arme kinderen globaliseren."

Het grote probleem is dat bij al die wereldproblemen de politiek nog steeds nationaal is. We hebben de juiste instrumenten nog niet. Daarom moet er een mondiale civil society komen. Er is nu een groep van internationale ngo's - Greenpeace, Amnesty International, Oxfam, Transparency International, Save the Children - met hoofdkantoren in vooral Amsterdam, Londen, Washington en New York. Dat moet ook, want ze willen dicht bij de machten zitten die ze proberen te beïnvloeden. Het zijn goede organisaties, laat daarover geen twijfel bestaan. Maar het blijven "Atlantische" ngo's. Op de website van Live8 stond een zin - die later is weggehaald - over "concerten in de hele wereld", terwijl het ging om Berlijn, Londen en Philadelphia. Dat is veelzeggend.

De laatste jaren kiezen sommige mondiale organisaties ervoor om hun hoofdkwartier niet in het Noorden op te slaan. Denk aan de World Rainforest Movement, Civicus en ook Social Watch. ActionAid besloot te verhuizen van Londen naar Johannesburg. Dat is een nieuwe trend die tien jaar geleden nog niet mogelijk was, maar nu wel, vooral door internet. Dat opent nieuwe perspectieven.

Maar een internationale organisatie is nog geen internationale civil society. Je kunt geen mondiale burgers hebben als je geen mondiale staat of wereldomvattend machtssysteem hebt. De enige mondiale burgers nu zijn de multinationals. Zij hebben de afgelopen twintig jaar mondiale rechten gekregen, zonder dat parallel daaraan ook verplichtingen werden opgelegd. En dat is nu juist de essentie van burgerschap: je krijgt rechten én plichten. De rest van de wereld heeft geen rechten gekregen. We hebben natuurlijk de universele mensenrechten, maar die kunnen niet worden afgedwongen. De rechten van multinationals wél.'

In plaats van meer aandacht voor internationale processen zie je dat burgers zich juist afkeren van de wereld en terugvallen op ouderwets nationalisme.

Ik zie inderdaad zo'n nationalistische trend. Het "nee" tegen de Europese Grondwet is een voorbeeld. Zulke ideeën leven ook in delen van het Wereld Sociaal Forum, of bij organisaties die proberen de Hongkong-conferentie van de WTO te laten mislukken. Ik begrijp dat wel, want soms is een slechte overeenkomst nog erger dan geen akkoord, zoals in Cancún het geval was. Maar je moet wel streven naar een goed akkoord. Dat betekent politiek bedrijven, betrokken zijn. Op alle niveaus. We hebben heel lang de internationale financiële instellingen bekritiseerd omdat we niet mee mochten praten. Nu dat wel kan, moeten we het doen ook. Je moet je nek uitsteken, fouten durven maken en daarvoor worden bekritiseerd.

Een door sommigen bepleit alternatief voor de politiek - want dat levert toch nooit wat op - is alles over te laten aan de experts, aan de intellectuelen in hun ivoren torens. Denk aan het Sachs-rapport of het rapport over de VN onder leiding van Cardoso. Die trend zie ik ook: een soort verlichte monarchie van wijze mannen die het beter weten en problemen gaan oplossen. Maar uiteindelijk werkt dat niet. Kijk naar het Europese referendum: Brussel wordt gewantrouwd omdat het veel te ver weg staat van de mensen. Ik ben dus tegen constructies van de elite die niet democratisch zijn.'



Reacties