"Een Indonesiër laat niet snel het achterste van zijn tong zien"

18-09-2014
Door: Liza Titawano
Bron: OneWorld
Foto: Ruby Mangunsong / World Bank
In november begint de regentijd voor het Indonesische eiland Java. Om de hoofdstad Jakarta te beschermen tegen overstromingen, werken Nederlandse bedrijven en organisaties samen met de Indonesische overheid.
REPORTAGE – 

Vrijwel elk jaar is het weer raak: door hevige regenval en verzakkende grond komen grote delen van de Indonesische hoofdstad Jakarta onder water te staan. Het openbare leven wordt hierdoor, zeker in januari en februari als de moesson op z’n hevigst is, grondig verstoord. Huizen, kantoren en scholen lopen onder, mensen verdrinken en soms wordt er iemand geëlektrocuteerd in het stilstaande water. Hoewel betrouwbare schattingen over de schade niet voor handen zijn, wordt er door de overstromingen niet geïnvesteerd in de kwetsbare delen van de stad.

Dat was voor de Nederlandse overheid de reden om in 2011 geld te steken in een plan dat Jakarta moet helpen de wateroverlast te voorkomen. Inmiddels zijn verschillende partijen bij het masterplan National Capital Integrated Coastal Development (NCICD) betrokken en is de samenwerking met Indonesische partners sinds 2013 op gang. Nederland heeft tot nu toe zo’n 4,7 miljoen euro geïnvesteerd.

Masterplan National Capital Integrated Coastal Development (NCICD)

De vleugels van 'The Great Garuda' vormen een immense zeedijk. De Garuda is een grote mythische vogel die in zowel hindoeïstische en boeddhistische mythologie verschijnt. De Garuda in het officiële wapen van Indonesië.

De vleugels van de Garuda beschermen Jakarta
Onder meer een 36 kilometer lange dijk langs de stad in zee, die eruit ziet als de mythische vogel Garuda, en een verbeterd meteorologisch systeem zijn onderdeel van het NCICD. Het masterplan is inmiddels helemaal rond, zo laat het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken weten. Ook de implementatie ervan is uitgewerkt. Bedrijven als BAM en Boskalis helpen met de praktische uitvoering ervan en ook het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI) is bij het NCICD betrokken. Door middel van betere weersvoorspellingen en cursussen voor meteorologen hoopt bijvoorbeeld het KNMI Indonesië te helpen in de voorbereiding op hevige regenval in de toekomst.

Dit project in Jakarta is een voorbeeld van een partnerschap tussen het bedrijfsleven en overheidspartijen. Maar ondanks de veelbelovende plannen zijn er ook enige obstakels. “Samen met het technologisch instituut Deltares zijn wij bezig de meteorologische invoergegevens voor het Flood Early Warning System op orde te krijgen”, vertelt Gerard van der Schrier, klimaatonderzoeker van het KNMI.

Als het hevig regent valt de verbinding van de buienradar weg. De Indonesische meteorologische dienst heeft dan geen informatie.

Tot dusver blijkt het ingewikkelder dan verwacht om een goed en betrouwbaar systeem in Indonesië op poten te zetten. “Jakarta en omgeving beschikken over verschillende buienradars, maar die moeten aan elkaar worden gekoppeld om een beter beeld te geven van hoeveel neerslag er op komst is. Omdat die buienradars van verschillende producenten zijn, is dat koppelen in de praktijk lastig.” Bovendien worden de metingen van een radar bij Jakarta via een straalverbinding uitgewisseld. Dat zorgt er volgens Van der Schrier voor dat wanneer er een hevige bui valt en de straalverbinding wegvalt, er ook geen uitwisseling van informatie is tussen de buienradar en het kantoor van de Indonesische meteorologische dienst.

Opvallend vindt Van der Schrier dat er door de Indonesische overheid desondanks hard wordt getrokken aan de ontwikkeling van een degelijk meteorologisch systeem. “Indonesiërs eten veel rijst en als er weer een El Nino komt zoals in 1997/1998 en veel rijstoogsten verloren gaan, is het risico op sociale onrust groot. Voedselveiligheid staat hoger op de politieke agenda dan ooit.”

De DO’s  van werken met Indonesiërs

  1. Indonesiërs verwachten voorafgaand aan het zakendoen dat er een ontmoeting in informele sfeer plaatsvindt om met elkaar vertrouwd te raken. Dit noemen ze socializing. Het wordt op prijs gesteld als er dan kleine relatiegeschenken worden uitgewisseld.
  2. Volg bij voorafgaande correspondentie én bij de feitelijke onderhandelingen strikt de hiërarchische volgorde. Richt je in eerste instantie tot de hoogste in de hiërarchie en vergeet niet om alle betrokkenen in de cc. te noemen (ook in hiërarchische volgorde).
  3. Vaak zijn de uitkomsten van de onderhandelingen naar Nederlandse begrippen wat onduidelijk. Schroom niet om afsluitend alle afspraken klip en klaar geformuleerd in een formeel document te zetten en dit ter goedkeuring aan alle betrokkenen te sturen.

Cultuurverschillen overbruggen
De samenwerking met Nederland wordt zodoende steeds intensiever. Regelmatig komen Indonesische meteorologen naar Nederland om te kijken hoe het KNMI hier te werk gaat. Ook vliegen klimatologen, onder wie Van der Schrier, naar Indonesië om ter plaatse een bijdrage te leveren. Het cultuurverschil tussen Nederlanders en Indonesiërs kan op dat soort momenten van grote invloed zijn op de efficiëntie van het project.

Van der Schrier: “Een Indonesiër laat niet snel het achterste van zijn tong zien en ze werken vanuit een sterke hiërarchie.  Wanneer de baas van een afdeling tijdens een vergadering minder dan de ondergeschikte op de hoogte is van wat er speelt, zal dat nooit worden getoond. De baas voert het woord, maar is niet accuraat. Als Nederlander kun je je dan niet tot de ondergeschikte richten, want dan lijdt de baas gezichtsverlies.”

Ook belemmert deze hiërarchie de snelheid op de werkvloer nogal eens. Van der Schrier: “Ondergeschikten moeten wachten op groen licht van bovenaf, terwijl je in Nederland meer vrijheid krijgt als bekend is dat je kennis van zaken hebt. Hierdoor lopen onderdelen van het project nogal eens vertraging op.”
Ardhasena Sopaheluwakan, hoofd van het klimaatanalyse- en informatiecentrum van de Badan Meteorologi, Klimatologi dan Geofisika (BMKG, het Indonesische KNMI), beaamt dat plannen en consistentie in werk niet de meest sterke kanten zijn van Indonesiërs. “Bovendien zijn Nederlanders erg punctueel qua tijd, en wij zijn erg relaxed. We kunnen op dat gebied nog veel van onze Nederlandse collega’s leren.” Tegelijkertijd ziet Sopaheluwakan het directe en botte van Nederlanders wel als iets dat een succesvolle samenwerking in de weg kan zitten. Zelf studeerde hij in Nederland en zodoende is hij bekend met de Nederlandse cultuur. “Maar voor degene die dat niet zijn kunnen die eigenschappen wel confronterend zijn.”

Het directe en botte van Nederlanders kan een succesvolle samenwerking in de weg zitten.

 

De DON'Ts  van werken met Indonesiërs

  1. Vermijd gezichtsverlies: zet mensen in gezelschap nimmer onder druk. Als afspraken aangescherpt moeten worden, doe dit dan zoveel mogelijk in een één-op-één gesprek.
  2. Maak bij het uitwisselen van visitekaartjes niet de fout het kaartje van de gesprekspartner direct in je zak te stoppen, maar bestudeer dit eerst aandachtig.
  3. Indonesië is het grootste Islamitische land ter wereld. Houd hier rekening mee als er dames in het gezelschap zijn. Wacht bijvoorbeeld af of je een uitgestoken hand krijgt en bied hem niet aan. Krijg je geen hand, maak dan een kleine buiging met de rechterhand op de linkerborst (op je hart).

Toch hebben de culturele verschillen nooit voor grote problemen gezorgd. Volgens Sopaheluwakan zorgt het “gemeenschappelijk doel” er voor dat beide partijen er met “goed begrip voor elkaar wel uitkomen”. Van der Schrier: “We leren beetje bij beetje hoe het samenwerken met Indonesiërs moet. In het kader van de samenwerking leiden we Indonesische promovendi op, en die vertellen ons veel.” Maar, zo geeft Van der Schrier toe: een handleiding voor samenwerking zou handig zijn.

Voorlopig blijft het KNMI in elk geval betrokken bij de ontwikkelingen op Java, het huidige project loopt in 2015 af. De Nederlandse bijdrage aan de technische ondersteuning van het NCICD loopt tot eind 2014.

Reacties