Banen van de toekomst: De Partnership Broker

24-11-2014
Door: Hsin-Chi Berenst
Bron: OneWorld
Een Partnership Broker, het klinkt als een mond vol. Simpel gezegd is het iemand die, als intermediaire, werkt aan het het bouwen van effectieve en innovatieve samenwerkingen. Wilma Roozenboom werkt sinds een jaar of zes als zelfstandige broker en projectmanager en heeft ruime ervaring met partnerschappen. Of het nou om NGO's gaat, overheidsinstanties of bedrijven, ze heeft ze allemaal voorbij zien komen én begeleid.

Een aantal vragen aan Wilma over wat haar dagelijkse werk inhoud, wat een goed partnerschap maakt en hoe je samenwerkingsproblemen het beste kunt oplossen, of beter nog, voorkomen.
Interview – 

Waarom ben je dit werk gaan doen?
“Ik heb een achtergrond in ontwikkelingssamenwerking en werkte al zes jaar lang bij Plan Nederland, waar ik het prima naar mijn zin had als manager corporate partnerships. Tijdens mijn zwangerschapsverlof ging ik nadenken of ik wel echt op de goede plek zat en kwam ik tot de conclusie dat ik het werk inhoudelijk heel leuk vond, maar dat het té comfortabel was. Ik had meer uitdagingen nodig en was toe aan iets nieuws. Ik werk het beste als ik in het diepe word gegooid en in een korte tijd nieuwe onderwerpen en situaties onder de knie moet krijgen. Mijn rol is het verbinden van de verschillende partijen, zowel inhoudelijk als organisatorisch, de focus op het gezamenlijke doel te houden en tot concrete resultaten te komen in een goede sfeer.”

Wat voor soorten partnerschappen begeleid je?
“Je hebt grofweg vier soorten partnerschappen: publiek privaat, dus overheidsinstanties en het bedrijfsleven, ngo's die samenwerken met bedrijven, ngo's die onderling een partnerschap aangaan en tripartite partnerschappen waarbij ngo, bedrijfsleven en overheid samenwerken. Als mensen het hebben over partnerschappen gaat het vaak over cross-sectorale partnerschappen, dus ngo, bedrijf en / of overheid. Ik heb in het verleden gewerkt met Ministerie van Binnenlandse Zaken, Aedes, Bouwend Nederland, Neprom, Vastgoedbelang, maar ook ngo's zoals Stichting Duurzame Terugkeer en KidsRights.”

Wilma Roozenboom

Wilma Roozenboomwww.wilmaroozenboom.nl

 

 

Wat doe jij concreet gezien bij het begeleiden van partnerschappen?
“Vaak hebben partners een vrij duidelijk ideaal voor ogen, maar vergeten ze dat de weg daarnaar toe ook tijd en aandacht vergt. Dat doe ik: procesbegeleiding. Uiteindelijk ben ik vooral bezig met organiseren en verbinden. Opletten wat ieders belang is, organiseren van besluitvorming, afstemming, zorgen dat iedereen afspraken nakomt, luisteren, bundelen. Met als doel om van een vage notie tot een plan van aanpak te komen en dat te implementeren.

Op dit moment werk ik ook mee aan het PPPlab (Public Private Partnership lab), een onderzoek- en kenniscentrum dat zich richt op publiek-private partnerschappen  die ondersteund worden vanuit het  Ministerie van Buitenlandse Zaken. Het is een samenwerking tussen Wageningen Universiteit, het Partnership Resource Centre, SNV en Aqua for All.

Mijn rol is strategisch advies en aansturing van de implementatie van die strategie. Of in normale mensen taal: zorgen dat het onderzoek en de kennis die het PPPLab genereert de juiste mensen bereikt, en op zo’n manier dat zij het ook daadwerkelijk nuttig vinden en gaan gebruiken. Met als doel: grotere effectiviteit van de verschillende samenwerkingsverbanden.”

Partnerschappen worden steeds populairder, hoe kijk jij daar tegenaan? Verliezen partners niet hun identiteit door mee te doen aan een partnerschap?
“Ik ben enorm voor samenwerking, maar niet als doel op zich. Je moet alleen partneren als het zin heeft. Dat klinkt misschien als een open deur, maar partnerschappen zijn een middel en geen doel. Het risico van subsidies die alleen toegankelijk zijn voor samenwerkingsverbanden is dat mensen gaan partneren om het partneren en niet omdat ze een meerwaarde hebben voor elkaar. Dat identiteitsverlies valt trouwens wel mee. Je moet heldere afspraken maken over je identiteit, variërend van woordvoering tot naamsvermelding en logogebruik: zet je alle logo's op een website, of laat je een gezamenlijk logo maken?”

Wat zijn criteria voor een goed partnerschap?
“Uit allerlei onderzoeken, o.a. het Partnership Resource Center, blijkt steeds weer dat het neerkomt op een aantal zaken. Het hebben van een gemeenschappelijk doel. Dat is één. Het tweede is hele heldere afspraken maken over de rollen en de verantwoordelijkheden. Derde punt is duidelijkheid over mutual benefits, dus wat levert het beide partijen op. Ken elkaars agenda. Als vierde openheid en transparantie en ten slotte is goed leiderschap cruciaal: iemand die steeds de verbinding legt en oog houdt voor de voorgaande vier aspecten. Dat hoeft niet de hele tijd dezelfde persoon te zijn en ook niet altijd een externe.”

Waar lopen partnerschappen vaak tegenaan?
“Gebrek aan openheid. Ik heb laatst zes organisaties begeleid die gezamenlijk een aanvraag hebben ingediend bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken. In die alliantie was iedereen heel erg open over hun eigen institutioneel belang. Af en toe gooiden ze (bij wijze van spreken) allemaal hun verborgen agenda even op tafel en daarna ging de agenda weer weg. Dat was een heel mooi voorbeeld van transparantie in samenwerking. Dat zie je lang niet altijd. Organisaties zijn vaak bang zich kwetsbaar op te stellen, wat leidt tot gebrek aan vertrouwen. Of, wat vaker voorkomt bij ngo's, ze zeggen samenwerking te willen terwijl ze eigenlijk op zoek zijn naar sponsoring.”

Hoe los je dat constructief op?
“Door te focussen op de criteria voor een goed partnerschap waar we het eerder over hadden. Transparantie, eerlijkheid over de mutual benefits: wat is ieders eigen doel en wat is het gemeenschappelijke doel. Wat is ieders meerwaarde. Dus door aandacht te besteden aan het proces van samenwerken, niet alleen te focussen op de (individuele) activiteiten en resultaten. Maar liefst wel een beetje praktisch en resultaatgericht: je hoeft niet elke week aan elkaar te vragen of alles nog naar wens is in het partnerschap, maar je moet wel van elkaar weten wat er speelt als het relevant is voor de gezamenlijke doelstelling.”

Reacties