Asielzoekers die in Nederland worden aangemerkt als vermeend oorlogsmisdadiger mogen hier niet blijven. Maar teruggaan naar hun thuisland kan ook niet altijd, daar is het vaak nog te gevaarlijk. Wat volgt is een onzekere periode in de illegaliteit, een situatie die soms wel jaren duurt. De Nederlandse overheid biedt alleen geen hulp aan de vreemdelingen die hier vast zitten in de hoop dat ze toch nog vrijwillig vertrekken.

Dit kan zo niet langer, vindt Dr. Zarif Bahtiyar-Yakut van de Universiteit van Tilburg. De recent gepromoveerde doctor vergelijkt in haar onderzoek het Nederlandse 1F-beleid met het Britse. Bahtiyar levert ongezouten kritiek op hoe Nederland omgaat met de zogenaamde ‘onuitzetbare 1F’ers’. Aan de regering heeft zij een duidelijke boodschap: "Geef deze mensen perspectief op leven."

Artikel 1F

1F is het artikel van het Vluchtelingenverdrag van de Verenigde Naties dat gaat over welke asielzoekers uitgesloten zijn van bescherming als vluchteling. Als iemand 1F krijgt ‘tegengeworpen’ tijdens de asielprocedure betekent dit dat er ernstige vermoedens zijn dat deze persoon oorlogsmisdaden of andere misdaden tegen de menselijkheid heeft gepleegd in het thuisland, en dus geen asiel zal verkrijgen. 1F’ers moeten worden uitgezet naar het land van herkomst. In de praktijk kan dit niet altijd, omdat in artikel 3 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (3EVRM) is vastgelegd, dat niemand mag worden uitgezet naar een land waar hij mogelijk gevaar loopt. Lees meer over de duivelse dilemma’s van dit aspect van het asielbeleid in het interview met criminoloog Maarten Bolhuis.

 

U bent in uw proefschrift zeer kritisch over de Nederlandse overheid. Wat is het probleem?
"Nederland is koploper in het actief toepassen van artikel 1F en streng in de omgang met onuitzetbare 1F’ers. Het probleem is dat zij geen enkele status krijgen van de Nederlandse overheid en daardoor in een uitzichtloze situatie worden geplaatst. 1F’ers die niet naar hun thuisland terug kunnen, zitten hier vast, maar ze mogen hier tegelijkertijd niet zijn.

Een van mijn kritiekpunten is dat de overheid niet kijkt naar wat er dan met deze mensen moet gebeuren. Ze zitten hier in de illegaliteit en hebben niks: geen werk, geen eigen huis, geen bestaansrecht. Hun situatie is totaal uitzichtloos met vrijwel geen kans op verbetering. Na tien jaar kan een 1F’er in uitzonderingsgevallen toch een verblijfstatus krijgen. Maar dat gaat dan hoogstens om een éénjarige verblijfsvergunning en komt zelden voor. Na jarenlang zo te leven worden veel van deze mannen psychisch ziek en deze situatie heeft ook grote gevolgen voor hun familie.

De meerderheid van de 1F’ers die in Nederland verblijven bestaat uit Afghanen. Dit komt door een ambtsbericht uit 2000 op basis waarvan veel van hen 1F hebben gekregen."

Afghaanse 1F'ersIn de jaren ’90 kwamen veel Afghaanse asielzoekers naar Nederland op de vlucht voor de Taliban. Kort daarop berichtte de media dat er zich ook oorlogsmisdadigers onder deze groep bevonden en dus in Nederland verbleven samen met hun slachtoffers. Het onderzoek dat hierop volgde leidde in 2000 tot een ambtsbericht. Hierin werd vastgelegd dat alle (onder-)officieren van de Afghaanse veiligheidsdiensten, de zogenaamde KHAD/WAD, verantwoordelijk waren voor mensenrechtenschendingen. Op grond van deze informatie is het beleid sindsdien om voormalige medewerkers van de KHAD/WAD per definitie uit te sluiten van een vluchtelingenstatus. De enige optie voor hen om toch nog asiel te krijgen is om zelf bewijs van hun onschuld te leveren.

Doet onze overheid juridisch iets fout? Of is het een morele kwestie?
"Juridisch is het niet fout hoe Nederland handelt. Maar dit gaat wel over mensen. Ik vind het dan heel makkelijk om te zeggen ‘we doen niks fout’. Nederland wil graag een voorbeeld zijn voor andere landen en benadrukt heel stoer koploper te zijn in het actief toepassen van artikel 1F. Ik vind dat er dan ook een oplossing moet komen voor de mensen die 1F krijgen, maar die tegelijkertijd niet weg kunnen worden gestuurd. Wat Nederland nu doet, is de kop in het zand steken.

De wet en wat moreel juist is, raken op den duur met elkaar verwikkeld. We leven in een democratische rechtstaat waarbij we hechten aan de wet. Tegelijkertijd hechten we ook aan de waardigheid van mensen. Maar als we deze mensen zo lang in zo’n onmogelijke situatie laten zitten en geen perspectief bieden, kunnen we dan nog zeggen dat wij hier de mensenrechten respecteren?"

Wat Nederland nu doet is de kop in het zand steken

Uw onderzoek gaat over het Britse 1F-beleid. Wat kunnen we daarvan leren?
"De Britse regering werkt met tijdelijke vergunningen voor 1F’ers die niet direct kunnen worden uitgezet. Dat betekent dat je als 1F’er een verblijfsvergunning krijgt voor zes maanden waarbij de regering om het half jaar kijkt of het veilig is om terug te kunnen naar het thuisland. Als dat niet zo is, wordt je vergunning weer met zes maanden verlengd. Als iemand na tien jaar nog steeds niet terug kan, dan kan zo’n tijdelijke verblijfsvergunning worden omgezet naar onbepaalde tijd. Dit zorgt ervoor dat een 1F’er in Groot-Brittannië een ‘normaal’ leven kan leiden. Ik pleit ervoor dat Nederlandse 1F’ers ook een tijdelijke verblijfsvergunning krijgen. En dan niet voor zes maanden maar liefst voor een jaar, want zes maanden is wel erg kort om de situatie in het thuisland opnieuw in te schatten.

Daarnaast vind ik dat bepaalde categorieën 1F’ers na tien jaar in Nederland te zijn geweest verblijf voor onbepaalde tijd moeten krijgen. Eén van die categorieën zijn psychisch zieken. De andere categorie zijn 1F’ers met gezinsleden, waarbij vrouw en kind hier al lang zitten en een leven hebben kunnen opbouwen. Na zoveel jaar in onzekerheid is het dan gewoon genoeg.

Wat ook een verbetering is aan het geven van tijdelijke vergunningen, zoals ze in Groot-Brittannië doen, is dat er hierdoor beter zicht is op 1F’ers. Nu heeft de Nederlandse overheid geen idee waar deze mensen zich bevinden. En dat terwijl er bij het toekennen van 1F vaak wordt gezegd dat dit in het belang is van de openbare orde. ‘We willen geen vluchthaven zijn voor oorlogsmisdadigers’ herhalen Nederlandse politici constant. Maar het wordt dus wel veilig genoeg geacht om zo’n potentieel gevaarlijk persoon gewoon maar buiten op straat te laten hangen. Daar is de openbare orde – de samenleving, wij dus – toch ook niet bij gebaat?"

Wat kan de Nederlandse regering nog meer leren van de Britten?
"Het grote voordeel van het feit dat 1F’ers in Groot-Brittannië kunnen werken, omdat ze dus een tijdelijke verblijfsstatus krijgen. Hierdoor voorziet de 1F’er in zijn eigen levensonderhoud en heeft hij een dagbesteding. Wel verbindt de overheid hier voorwaarden aan. Iemand mag bijvoorbeeld een bepaalde functie niet uitvoeren of moet zich op gezette tijden melden.

In Nederland kan dat nu niet. Een 1F’er heeft hier namelijk geen ‘recht op verblijf’. Dat wil zeggen dat iemand geen recht heeft op reguliere zorg, op arbeid of op een woning om maar wat te noemen. Het beleid is erop gericht deze mensen absoluut niks te geven. Zodat ze hier geen leven kunnen opbouwen en toch nog vrijwillig vertrekken. Maar terug naar het thuisland kunnen ze niet en geen enkel ander land wil ze hebben natuurlijk. Als 1F’er ben je dan ook compleet afhankelijk van je familieleden, of als je niemand hebt, van liefdadigheidsinstellingen. Het is een uitzichtloos bestaan.

Wat ook tot verbetering in het Nederlandse 1F beleid zou leiden, is als de Europese Unie een gemeenschappelijk beleid opzet voor het omgaan met 1F’ers. Eén van de punten in mijn proefschrift is bijvoorbeeld ook dat we moeten gaan kijken of we met Europese ambtsberichten kunnen werken. Dat je in ieder geval allemaal dezelfde lijn aanhoudt. Het moet niet zo zijn dat Nederland voormalig medewerkers van de Afghaanse veiligheidsdienst uitsluit en dat Groot-Brittannië dat niet doet. Maar dat is wel zoals het nu gaat. Wij sluiten oud-medewerkers van de Afghaanse veiligheidsdienst uit op basis van een ambtsbericht uit 2000. Wij zijn de enige in Europa die dat doen. Geen enkel ander land heeft dezelfde conclusie getrokken met betrekking tot die organisatie. Dat vind ik absoluut niet wenselijk. Er moet één lijn zijn. Het is een gemeenschappelijk probleem. Daar moeten we ook echt samen iets mee doen."

Iedereen heeft toch recht op perspectief op leven?

Wat moet er gebeuren om de door uw voorgestelde oplossingen te realiseren?
"Het beleid moet zo worden aangepast dat 1F’ers wel in aanmerking kunnen komen voor rechtmatig verblijf. Dit voorstel moet komen vanuit de staatssecretaris voor Veiligheid en Justitie (Klaas Dijkhoff, red.). Maar ik zie dit niet op korte termijn gebeuren. De partijen die in de huidige regering de meerderheid hebben, zien er niets in om het beleid te versoepelen.

Hier kan verandering in komen als het Europese Hof voor de Rechten van de Mens een uitspraak doet over hoe Nederland nu omgaat met onuitzetbare 1F’ers. Als het Hof verklaart dat deze omgang een schending van de rechten van de mens is, dan zou dit de regering dwingen actie te ondernemen."

Ziet het Nederlandse 1F-beleid er over tien jaar anders uit?
"Ik hoop het wel. Want wat wil je? Dat die mensen hier over dertig jaar nog steeds illegaal zitten en illegaal sterven? Uiteindelijk heeft iedereen toch recht op perspectief op leven?"

670

Hannah Kooy is freelance journalist, gespecialiseerd in Amerikanistiek. Zij doet onderzoek naar de Amerikaanse buitenlandse politiek, de …
Profielpagina

Advertentie

Lecture van Max Havelaar