Natuurparken krijgen steeds meer te maken met de krachten van de markt. Maar volgens Bram Büscher kan je die economische wetten niet aan de natuur opleggen. OneWorld Research sprak met hem over het nieuwe boek ‘Nature Inc. Environmental Conservation in the Neoliberal Age’.

Bram Büscher is universitair hoofddocent (associate professor) Milieu en Duurzame Ontwikkeling aan het Institute for Social Studies, Erasmus Universiteit. 

Op 1 januari 2015 start hij als hoogleraar aan de Wageningen UR. 

 

 

Boek: 

 

Büscher, B.,  W. Dressler & R. Fletcher  (2014), Nature™ Inc. Environmental Conservation in the Neoliberal Age, The Univerity of Arizona Press. 

Het idee is niet nieuw; overheden trekken zich meer terug en betrekken marktpartijen bij natuurbehoud. Toeristen die op safari gaan betalen al jaren voor hun kaartje. Maar je stelt dat er nu iets wezenlijks anders aan de hand is dan 15 jaar geleden?
“Het gaat niet zozeer om het terugtrekken van de staat, maar om een ander soort staat. Een staat die zich steeds meer als marktpartij opstelt en steeds meer op een bedrijfsmatige manier werkt. De overheid zelf is meer geneigd om alles in markttermen te gieten. Heel invloedrijke bedrijven, zoals grote oliemaatschappijen, hebben daar ook hard voor gelobbyd. Een ander groot verschil met 15 jaar geleden is dat natuurbehoud zelf steeds meer wordt vermarkt. Natuurbehoud werd lange tijd als een soort grens gezien ten opzichte van economische ontwikkeling. Het was; tot hier en niet verder. Nu moet de natuur zichzelf verdienen. Als de natuur geen economische waarde heeft, dan is het blijkbaar weinig meer waard. Dat zijn belangrijke verschillen die in de laatste 15 jaar veel veranderd hebben in de relatie tussen mens en natuur. Het gaat dus niet alleen om vermarkting van de natuur, maar ook om vermarkting van natuurbehoud.”

Is het bevorderen van economische groei niet per definitie in strijd met natuurbehoud? 
“Dat is inderdaad één van de belangrijke conclusies van ons boek. Je kunt niet dezelfde logica toepassen voor economische groei en natuurbehoud. De logica van het neoliberalisme is gestoeld op groei die alsmaar door moet gaan. Dezelfde logica lijkt ook steeds meer toegepast te worden op mensen en natuur. Het gaat steeds meer om efficiëntie. Maar mensen hebben maar een beperkte veerkracht. Ze raken gestrest en kunnen de druk niet meer aan. De sterkste, gezonde mensen blijven overeind. Natuur werkt daar helemaal niet aan mee. Natuur laat zich niet door markten beperken. De natuur is cyclisch, het gaat om groei én verval. Dus als je de natuur wilt vangen in markten gericht op groei, dan kan dat helemaal niet. Jammer genoeg gaan veel mensen mee in het idee van zogenaamde ‘ecosysteem diensten’; de natuur of een ecosysteem die diensten moet leveren. Het boek laat zien dat dit helemaal niet werkt.” 

“Een ander probleem is dat bij duurzaamheidvraagstukken mensen vooral worden aangesproken als consumenten. Neem bijvoorbeeld de Prius. Fantastisch dat die minder brandstof verbruikt. Maar als je van het marktidee uit gaat, krijg je alleen maar meer Priussen op de weg. Uiteindelijk heb je dan toch meer energieverbruik. Dit wordt ook wel het ‘Jevons Paradox’ of het efficientie dilemma genoemd. Stel dat mijn vliegreis – ik kom net uit Londen – minder energie kost dan voorheen. Dan is dat prachtig, maar de KLM gaat het geld dat ze besparen niet wegzetten op een bank. Ze investeren het in meer vliegtuigen en meer vliegroutes. Uiteindelijk leidt dat toch tot meer energieverbruik en druk op het milieu. In het kort: efficiëntie alleen redt het milieu niet.”

Het nieuwe boek van Naomi Klein ‘This changes everything’ gaat ook over het economische systeem dat in conflict is met de natuur en het leven op aarde. Ze stelt dat we naar een ander economische model moeten en dat die verandering ook mogelijk is. In jullie boek stippen jullie ook alternatieven aan. Ben jij optimistisch over de verandering van het economische model?
“Ik ben optimistisch. Het kan gewoon niet anders. Naomi Klein noemt het voorbeeld van oliemaatschappijen die opties nemen op olievoorraden. Die olievoorraden zijn vijf keer zo groot als de hoeveelheid die we mogen verbruiken, willen we binnen de twee tot drie graden temperatuur stijging blijven. Als de temperatuur twee tot drie graden stijgt, dan krijgen we al te maken met allerlei problemen als het gevolg van de zeespiegelstijging en klimaatverandering. Moet je nagaan wat er gebeurt als we alles verbruiken! We kunnen dus lang niet alles gebruiken. Ik ben niet zo van de apocalyptische doembeelden. Er zijn genoeg mensen die ook naar een ander systeem willen. Het kapitalistische systeem is alleen zo veelomvattend; voor de meeste mensen is het te groot en complex. Frederic Jameson stelde dat het gemakkelijker is om het einde van de wereld voor te stellen dan het einde van het kapitalisme.”

It is harder to imagine the end of capitalism than the end of the World

“De contradicties in het kapitalistische systeem worden nu steeds zichtbaarder. Zelfs economen zoals Piketty zeggen het. We moeten dus naar een ander systeem, dat is de enige echte realistische oplossing voor het milieuprobleem. Hoe je het wilt noemen maakt me niet uit maar er moet een ander ‘isme’ komen. Als je bij beslissingen mens en natuur in plaats van kapitaal (geld dat ingezet wordt om meer geld te genereren) als uitgangspunt neemt, dan heb je de helft van de problemen al ondervangen. Ik geloof in mensen. Er is veel vernuft en kennis. Maar we moeten ook duidelijker grenzen aangeven en bijvoorbeeld tegen oliemaatschappijen zeggen dat niet alle olievoorraden gebruikt kunnen worden. En dat kan. Bij een crisis kan opeens heel veel, zoals we ook zagen bij de financiële crisis. Het gaat niet om geld maar om de politieke wil.” 

In jullie boek gaan jullie ook in op het behoud van natuurparken in Afrika en Azië. Is dat voor Nederland een ver-van-mijn-bed show? Of hebben overheden, bedrijven, organisaties en burgers ook een rol?
“In principe heeft iedereen een rol. Je moet mensen steeds aanspreken; je bent niet alleen consument maar ook een burger. Iedereen kan zich inzetten voor een systeem dat mens en natuur boven kapitaal stelt; een systeem dat mensen of natuur niet slechts als ‘menselijk of natuurlijk kapitaal’ ziet dat ingezet moet worden ten dienst van kwantitatieve groei. Om terug te komen op het voorbeeld van de natuurparken; in Afrika moeten mensen veel geld betalen om bij deze parken naar binnen te komen. Voor de meeste Afrikanen is dat niet te betalen. De parken zijn vooral blanke speeltuinen. Je ziet ook steeds meer een trend richting private parken waar mensen soms een paar duizend dollar moeten betalen om naar binnen te kunnen. Dat is niet te verkopen. Dat kan gewoon niet. Lokale mensen, de gewone Afrikanen die daar wonen, moeten ook veel meer bij die parken betrokken worden.”

Wat kunnen Nederlandse burger zelf doen?
“Probeer private parken te vermijden. En als je naar een regulier park gaat, dan kun je je verdiepen in het park. Kijk niet alleen naar de olifanten en leeuwen. Vraag je af hoe het met de mensen zit. Iedereen die naar het Krugerpark in Zuid-Afrika gaat ziet het; de armoede op weg naar het park en aan de randen van het park. Als er meer mensen vragen stellen over de mensen om dat park heen, dan geven die ook een signaal af aan het park en de overheid. Tour operators hebben Afrikanen in dienst die mensen rondleiden; vraag naar hun arbeidsomstandigheden, naar wat ze verdienen. Je zult verbaasd zijn over de verhalen.” 

670

Edith van Ewijk

Edith van Ewijk is senior onderzoeker bij Kaleidos Research, onderdeel van stichting NCDO.
Profielpagina

Advertentie

Lecture van Max Havelaar