Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Ik ben zo ongeveer naar alle muziekfestivals geweest die je kunt bedenken. Toch ontbrak er nog een festival op mijn lijst – eentje die ik al jarenlang bewonder van de zijlijn: De Zwarte Cross. Afgelopen weekend ging ik er eindelijk naartoe, in een camper met drie fantastische vrienden. Je zou zeggen dat je in goed gezelschap alles aankan, maar nog nooit voelde ik me op een festival zo ongemakkelijk.

‘Ook veur blanken’

De ongemakkelijkheid begint al op vrijdag, als we voor onze camper ons eerste biertje drinken. Terwijl hardcorebangers van de ene kant mijn trommelvliezen in worden geforceerd, wordt het muzikale territorium van de andere kant met Hollandse meezingers afgebakend. Een groepje jongens tegenover ons schreeuwt naar elke vrouw die langsloopt. Bij de douches wordt door een ander testosteronclubje op de douchedeur gebonkt en in koor ‘homooooo’ gescandeerd. In één klap ben ik me bewust van mijn veilige Amsterdamse bubbel.

‘Ook veur blanken’? Ik ben nog geen zwarte mensen tegengekomen

Niet veel later zit de 65-jarige campingeigenaar Jan bij ons aan tafel. Ik vind het gezellig met hem. Mijn drie vrienden werken bij de televisie en ook ik doe iets met media. Jan zit, naar eigen zeggen, ‘in de stront’ – hij doet iets met mest en de bio-industrie.

Terwijl One Love van Bob Marley door de speakers schalt, begint Jan vanuit het niets over het Zwarte Piet-debat. “Dat is typisch zoiets wat jullie uit de Randstad ons willen opleggen.” Een minuut later vraagt hij me wat we moeten met die ‘honderdduizend Nigerianen die straks deze kant opkomen’. Ik ben ondertussen al vier bier verder en wil ook wel eens het terrein op. Daarom stel ik hem voor het gespreksonderwerp morgen uitgebreid te bespreken.

Als we die avond richting het terrein lopen, passeren we het bordje ‘Zwarte Cross, ook veur blanken’. Ook voor blanken? Ik ben nog geen zwarte mensen tegengekomen – wel veel zatte mensen.

Apartig

Over een laag lege bekers en plastic bordjes lopen we rechtstreeks naar de gaybar waar onze vrienden zo moeten optreden. De sfeer is er goed. Mensen hebben hier kennelijk het gevoel dat ze lekker gek mogen doen. Dat blijkt wel als een vriendin me vertelt over de drie mannen die op de grond gingen liggen om foto’s te maken vanonder haar minirok. Het interesseert haar vrij weinig – ze danst ook weleens naakt op een podium – al had ze het wel aardig gevonden er toestemming was gevraagd.

Omar Souleyman treedt op in een tent aan de overkant. Ik wil daarheen. Ik weet even niet wat ik moet doen als ik boven de poort van het Exoticana-podium lees ‘Say yes to apartigheid’. Ik vraag me af waarom de makers van dit festival willen refereren aan de apartheid, en waarom ze juist bij een podium met voornamelijk niet-westerse muziek deze slogan gebruiken. Omdat de rest van de tekst Engels is, en apartheid internationaal bekend, vraag ik me bovendien af wat de internationale artiesten die er optreden van de slogan vinden.

Later hoor ik via Facebook dat ‘apartig’ zijn in de Achterhoek betekent dat je een paradijsvogel bent. Ik moet het vooral ‘niet zo serieus nemen’. Kennelijk is het mijn tekortkoming dat ik denk aan apartheid. ‘Jill, je schiet echt door’ en ‘schijnbaar kan dat tegenwoordig niet meer, de bordjes hangen er al meer dan tien jaar’.

Bij het verlaten van de exotische dansweide zie ik nog meer bordjes. Boven een waxprint hek hangt ‘Mede mogelijk gemaakt door de VOC-mentaliteit’, iets verderop ‘Medicijnman’ (inclusief karikatuur) en ‘Oeloe boeloe’.

Je hoeft niet woke te zijn om te begrijpen dat stereotyperende en aan slavernij refererende teksten niet oké zijn. En dat terwijl ik altijd dacht dat De Zwarte Cross op haar eigen manier progressief was; ze zetten zich in voor bejaarden, gehandicapten, vrijheid en ze werken samen met Amnesty. Ze doen de meest gekke dingen, en zijn onpretentieus. Ze bieden bijvoorbeeld gevluchte Syriërs een podium om Nederlanders les te geven in het geval ze ooit moeten vluchten.

Beroerde bordjes

Die visie lees ik ook terug op de website: ‘Op maatschappelijk vlak willen wij juist óók een voetafdruk achterlaten. Dat is vanaf de eerste editie van De Zwarte Cross een van de belangrijkste pijlers.’ Maar hoe geloofwaardig is dat als er groepen mensen worden uitgesloten en opzettelijk worden gekwetst, en als je ze ongemakkelijk laat voelen met schijnbaar grappig bedoelde teksten? Dat valt niet goed te praten, zelfs niet na achttien bier.

Als ik de volgende dag word gewekt door hardcore en schreeuwende mannen (opnieuw met ‘homoooooooo’) besluit ik vandaag mijn best te doen om alles los te laten.

Het is niet één bordje dat niet helemaal lekker valt, het zijn er een heleboel

Het is een uur of vier als ik samen met mijn vriend het festivalterrein op loop. Bordjes die ik gisteren in het donker niet kon zien, vallen me nu wel op. ‘Nog even en dit bord mag ook al niet meer’, ‘Zwarte Cross 80% halal’, ‘Foi, wat een apartigheid’, ‘Aanpassen aan onze cultuur s.v.p.’ en ‘Allah’s afbakbar’ boven de kebabtent. Als tekstschrijver vraag ik me af wie de teksten bedenkt en wat diens intentie is. Hoe de brainstorms over de bordjes zijn gegaan, of de marketingmanager ze heeft gezien of ze hebben getwijfeld of het wel kon. Want het is niet één bordje dat niet helemaal lekker valt, het zijn er een heleboel.

‘Gewoon humor’

Het argument dat het festival ook zichzelf op de hak neemt vind ik te makkelijk. Iets is niet ineens goed omdat iedereen in de zeik wordt genomen. Je hebt hier te maken met grappen – op een festival waar vrijwel iedereen wit is – over kwetsbare groepen. Mensen die stelselmatig worden gediscrimineerd en daar dagelijks mee te maken krijgen. Die grappen zijn alles behalve onschuldig en kun je niet vergelijken met grappen over de witte meerderheid.

Inmiddels loop ik met mijn vriend door een massa dronken, kebab-etende mensen naar onze safespace: de gaybar waar onze vrienden draaien. Vier witte mannen met een rastapruik heten ons welkom. Kort daarna raak ik backstage aan de praat met een jongen uit Eritrea – de eerste zwarte jongen die ik tegenkom. Hij vertelt me dat veel mensen met hem op de foto willen want ‘ja, het is toch De Zwarte Cross?’.

De volgende ochtend vraag ik aan Jan hoe hij denkt over mijn bevindingen op het festivalterrein. Jan blijft er maar op hameren hoe leuk mensen voor elkaar zijn op de camping. Hij legt uit dat al die borden ‘gewoon humor’ zijn. “Kijk, wij hebben nooit geweten dat Zwarte Piet een slaaf was, wij vinden hem gewoon een leuk figuur. Als jullie in het westen van Nederland een andere Piet willen, moeten jullie dat doen. Maar leg het ons niet op. Het komt wel, het heeft tijd nodig. Nu worden mensen alleen maar boos en maken ze van die bordjes om zich af te zetten. Jullie moeten stoppen met dat activisme, daar creëer je alleen maar een kloof mee.”

Ondertussen vraag ik me af waar de fuck ik nog moet beginnen. Het weekendje De Zwarte Cross heeft me keihard met mijn neus op de feiten gedrukt.

Festival De Zwarte Cross reageerde op 22 juli op de kwestie. De reactie kun je hier teruglezen.

milkovi-444287-unsplash

Met deze taal stoppen we

OneWorld is klaar met neokoloniale woorden. Welke media gaan ons volgen?

festivals-2

Van zeewierburger tot composttoilet: festivals steeds milieubewuster

Voedsel- en watergebruik op muziekfestivals laat een flinke CO2-voetafdruk achter.

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
image001

Jill Mathon

Jill Mathon (1986) studeert in 2011 af als sociaal wetenschapper. Na een jaartje gewerkt te hebben als gedragswetenschapper in een …
Profielpagina

Advertentie

wca2019_600x500_v4 (002)