Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

‘They had no right’, zei Erykah Badu eens tijdens een live show. Over de slavenschepen waarmee Afrikanen naar Amerika werden gebracht en van alles werden beroofd: hun namen, hun cultuur, hun religie, hun gewoontes, hun vrijheid, hun levens.

Ze hadden het recht niet.

Ik had, zelfs voordat ik mijn favoriete zangeres dat hoorde zeggen, al een tijd een vreemd gevoel bij 1 juli. Op 1 juli vindt Keti Koti plaats; de herdenking van de dag dat Nederland slavernij afschafte in haar koloniën. Het kwartje viel toen ik naar een live uitzending van Keti Koti zat te kijken en al die feestende mensen zag. Want, waar is dat feestje voor? Voor de vrijheid die mijn voorouders terugkregen? Hoe kun je vieren dat je iets terugkreeg dat nooit van je had moeten zijn ontnomen?

Ik schreef het in 2015 al eens: ‘1 juli vieren is voor mij net zo wrang als vieren dat een fietsendief eindelijk tot het inzicht komt dat hij jouw fiets terug moet geven. Stel je dat eens voor. Ieder jaar weer nodig je hem weer uit om samen met jou zijn groei, zijn inzicht, en zijn bewustzijn te vieren.’

Hoe kun je vieren dat je iets terugkreeg dat nooit van je had moeten zijn ontnomen?

Op 1 juli vieren we eigenlijk de verlichting van Nederland. Vanaf 1 juli 1863 staat het te boek als het land dat slavernij afschafte. We vieren niet de vrijheid van zwarte mensen in de koloniën, maar het bewustzijn dat de kolonisators kregen dat zwarte mensen ook als mensen behandeld moesten worden. Zwarte mensen wisten het al die tijd wel, maar het drong toen pas tot Nederland door. En ieder jaar herdenken we die vooruitgang die zij meemaakten met een enorm feest. In Amsterdam in het Oosterpark. In Rotterdam. In Paramaribo.
Kijk, het is absoluut goed dat er met het Slavernijmonument een plek is waar we het leed kunnen herdenken dat onze tot slaaf gemaakte voorouders is aangedaan. Maar de dag van 1 juli gaat om veel meer dan het feestje dat eromheen gebrouwen is en dat langzaamaan door een ieder gevierd wordt. Vrijheid vier je niet alleen; je herdenkt het ook. Hoe vreemd zou het zijn voor de nakomelingen van de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog, als Nederland alleen het Bevrijdingsfestival had op 5 mei en niet de Dodenherdenking de dag daarvoor? Dat zou hun nagedachtenis toch tenietdoen?

Tijdens Keti Koti – Sranantongo voor ‘gebroken ketenen’ – wordt niet alleen gevierd, maar ook herdacht. De zwarte gemeenschap eert ook haar doden namelijk. Jaarlijks met de Kabra Neti, een nacht van herdenking. En de plechtige Bigi Spikri (Grote Spiegel) optocht waarmee men vroeger in de Surinaamse hoofdstad Paramaribo in feestelijke en traditionele kledij langs de etalageruiten (grote spiegels) liep. En op vrijdag 28 juni 2019 was er een Kinderherdenking van het Nederlands Slavernijverleden volgens de website van het NiNsee.

Het kan niet kolonialistischer, eurocentrischer en gevoellozer dan een krantenkop als ‘Langzaamaan viert Nederland nu Keti Koti’ uit NRC of mainstream media die Keti Koti een ‘bevrijdingsfeest’ noemen en er klakkeloos op los schermen met zo’n populaire term als  ‘festival’. Ongenuanceerde journalistiek bedrijven in een bubbel, vind ik dat.

Dat is wat ik wil voor Keti Koti. Een herdenking in stilte

Enkele weken geleden deed ik mee aan een discussieavond over het slavernijverleden, waar de hoofdredacteur van een grote krant vertelde dat hij pas kort begrijpt waarom zwarte mensen zich verbonden voelen met hun slavernijverleden, ook al hebben ze het zelf niet meegemaakt.

In mijn reactie ben ik vergeten om hem te vertellen over hoe mijn oma’s oma, die op 1 juli 1863 vrijkwam, aan onze achternaam kwam. Apolonia was haar voornaam, naar de streek in Ghana waar haar mensen vandaan kwamen. Meer had ze gedurende haar gehele leven als eigendom van de plantage niet nodig gehad. Maar vanaf haar emancipatie moest ze wel een achternaam krijgen. Zonder met haar te overleggen creëerde de machthebber er toen maar snel één uit twee voorwerpen op de plantage. En voor haar nageslacht. Voor eeuwig. Het hebben van die naam alleen al maakt dat ik mijn slavernijverleden altijd met mij meedraag. Ik vertelde dat deze week nog en iemand reageerde met ‘daar word ik stil van’. Waarop ik vroeg ‘net zo stil als bij de dodenherdenking?’

Dat is wat ik wil voor Keti Koti. Een herdenking in stilte.

Delen van dit artikel verschenen eerder op AFRO Magazine.

Slaven-werken-op-het-land2c-anoniem2c-ca.-1850-Collectie-Rijkmuseum

Excuses voor het slavernijverleden: stap vooruit, of lege woorden?

Amsterdam wil mogelijk excuses aanbieden voor het slavernijverleden. Wat moet erop volgen?

perron

‘Ons koloniale verleden bepaalt hoe we naar de ander kijken’

Nira Wickramasinghe: 'Migratie en vluchtelingen zijn verbonden met koloniaal verleden'.

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
Marvin Hokstam

Marvin Hokstam

Hoofdredacteur AFRO Magazine

Journalist, schrijver, publicist en communications consultant. Als journalist woonde en werkte hij voornamelijk op de Engelstalige …
Profielpagina