'Ook in Servië daagt de overheid de vakbond uit'

06-10-2004
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld

 

Nog moe van afgelopen zaterdag?

'Inmiddels niet meer, maar zaterdagavond wel. Vrijdagmiddag waren we teruggekomen uit Servië en meteen de volgende ochtend stond ik op het Museumplein. Die overstap naar de demonstratie van 2 oktober was groot. Ik wil de problemen in Nederland niet bagatelliseren, maar je moet het wel in perspectief zien. Een groot deel van de Serven is echt bezig met overleven. Meer dan 30 procent van de beroepsbevolking is werkloos en de lonen liggen ook veel lager dan in Nederland.'

Wat was eigenlijk het doel van jullie missie?

'De reis was vooral bedoeld om een beter beeld te krijgen van de situatie in Servië. Hoe zit de maatschappij daar in elkaar en hoe staat de vakbeweging ervoor.'

En? Geslaagd?

'Zeker. We hebben in vijf dagen tijd een heel breed beeld van het land gekregen. We hebben zowel steden als het platteland bezocht. Spraken met uiteenlopende organisaties. Ook zijn we in fabrieken geweest die slecht draaiden, maar hebben er ook een aantal bezocht dat er weer een beetje bovenop aan het krabbelen is. We hebben wel een goed idee gekregen hoe wij onze collega's daar zouden kunnen helpen.'

Jullie noemen dat internationale collegialiteit. Wat bedoelt het CNV daar precies mee?

Bij cao-onderhandelingen die in Nederland worden gevoerd, spreken we af dat een bepaald bedrag van het loon apart wordt gezet voor projecten in ontwikkelingslanden of Oost-Europa. Met dat geld ondersteunen we collega vakbondsorganisaties. Dat kan zijn door het geven van cursussen, maar ook door hun te helpen met het opzetten van een goede ledenadministratie.'

Zijn Nederlandse werknemers ook zo collegiaal als werk uit Nederland verdwijnt naar bijvoorbeeld Servië?

'Dan zal die collegialiteit ongetwijfeld minder zijn. Ik kan me ook goed voorstellen dat mensen op zo'n moment minder solidair zijn. Maar nu ik zelf in Servië ben geweest, heb ik met eigen ogen kunnen zien dat de situatie daar echt niet te vergelijken is met Nederland. Ik kwam zelfs een beetje teneergeslagen terug van deze reis. Ik heb dingen gezien waar ik heel erg van ben geschrokken. Het land is bezig met de overgang van een socialistisch model naar een kapitalistisch model. De privatiseringen en de hervormingen van het ziektekostenstelsel zijn in mijn ogen wel noodzakelijk, maar hebben voor grote groepen van de Servische bevolking erg pijnlijke consequenties.'

Merkte je nog veel van de afgelopen burgeroorlog?

'Absoluut. Daar ontkom je niet aan in Servië. Als je door Belgrado rijdt, dan zie je continu de ruïnes van de kapotgeschoten gebouwen. En de mensen hebben het er heel veel over. Je merkt dat ze zich een beetje in de rol van slachtoffer hebben ingegraven. En dan niet alleen slachtoffer van de burgeroorlog, maar van alle ellende die het land de afgelopen 500 jaar heeft meegemaakt.

Dat is niet goed. Mensen moeten meer op de toekomst zijn gericht. Maar daarvoor is er te weinig vertrouwen, al helemaal niet in de politiek. En dat is lastig omdat de overheid juist nu ingrijpende maatregelen moet gaan nemen om de economie weer op te bouwen. De Servische vakbeweging speelt daarbij een actieve rol. Zij gaan bijvoorbeeld op zoek naar investeringen in het buitenland.'

Kennen de Serven ook een poldermodel?

'Er is wel een soort van overleg, maar daarbij zitten alleen de overheid en de vakbeweging met elkaar aan tafel. De werkgevers hebben geen landelijke organisatie die hen vertegenwoordigt. Het contact met de overheid verloopt overigens vrij stroef. De bonden moeten continu hun tanden laten zien en laten merken dat ze wel degelijk draagvlak hebben. Wat dat betreft hebben we nu veel met elkaar gemeen. De Nederlandse overheid daagt de vakbeweging momenteel ook uit om te laten zien of ze nog wel voldoende steun uit de samenleving heeft.'

Over draagvlak gesproken. Ze zeggen wel dat de vakbeweging voor Nederlandse jongeren niet meer zo aantrekkelijk is. Hoe zit dat in Servië?

'Dat is inderdaad nog iets wat we gemeen hebben met de Serven. Als voorzitter van de jongerenbond van het CNV merk ik dagelijks dat jongeren het belang van de vakbond niet meer zo inzien. In Servië is dat ook zo. De bond heeft een onderzoek gedaan waaruit blijkt dat Servische jongeren de vakbond vooral associëren met het uitdelen van groente. Toen het tijdens de socialistische periode slecht ging met het land en er nauwelijks te eten was, deed de vakbond dat ook.

Maar dat is al weer een tijd geleden en de vakbeweging doet er goed aan om de jongeren meer aan zich te binden. De problemen van jongeren in Servië zijn groot door de enorme werkloosheid en de onzekere toekomstvooruitzichten. Ze zijn daardoor erg apathisch geworden. De vakbond zou hen weer kunnen activeren en hoop geven door bijvoorbeeld cursussen te geven. Ze hebben daarom net een jongerenafdeling opgericht. Wij gaan hen ondersteunen. Een van de plannen die we hebben is het organiseren van een uitwisseling tussen Nederlandse en Servische jongeren.'

Zouden de Serven net zo massaal de straat opgaan om te protesteren tegen het kabinetsbeleid als de Nederlanders afgelopen zaterdag deden?'

'De actiebereidheid in Servië is behoorlijk groot. Er wordt regelmatig geprotesteerd tegen kabinetsplannen. Er is daardoor zelfs een regering gevallen. We merkten tijdens de reis dat de mensen ook met onze problemen meeleven. Ik kreeg zelfs een vlag mee van de vakbond SSSS om te dragen tijdens de 2 oktober demonstratie.'

Maakt de Serviër zich net zich zo druk om het prepensioen als de Nederlandse werknemer?

'Ik weet niet of ze daar ook een vorm van prepensioen hebben, maar er is wel een uitgebreid pensioenstelsel. Daar zal waarschijnlijk ook fors in worden gesneden. Dat zal voor velen een pijnlijk afscheid worden van goede regelingen uit het verleden.'

 

CNV

Reacties