Ontwikkelingslanden leggen eisen voor Qatar op tafel

25-10-2001
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld

De G77 eist ‘vooruitgang naar volledige liberalsering in het bijzonder in die sectoren die in het belang zijn van landen die achterlopen’.

Een andere eis is dat de regeringen door de WTO-afspraken over Trips (de Handelsgerelateerde aspecten van intellectueel eigendom) niet worden verhinderd maatregelen te nemen om de volksgezondheid te beschermen of toegang tot essentiële medicijnen te verzekeren.

Met name de Verenigde Staten en Zwitserland vrezen de ondergraving van het Trips-verdrag. Deze landen accepteren weliswaar het principe dat regeringen ‘geschikte maatregelen’ mogen nemen om te voorzien in betaalbare medicijnen in specifieke noodsituaties, maar wel binnen de afspraken van het Trips-verdrag.

De G77, waaronder landen als Zuid-Afrika, Iran, China, Brazilië en India, wil dat regeringen zelf hun gezondheidsbeleid moeten kunnen bepalen, los van het Trips-verdrag.

De ontwikkelingslanden willen niets weten van een link tussen handel en arbeidsstandaarden. ‘Daar is de ILO (de Internationale Arbeidsorganisatie van de Verenigde Naties) het aangewezen orgaan voor’, stellen zij.

Ook het gebruik van milieustandaarden wordt gezien als ‘een nieuwe vorm van protectionisme’.

Vooral de Europese Unie wil het milieu als onderwerp meenemen in de nieuwe handelsronde.

De ontwikkelingslanden lieten, bij monde van de Cubaanse ambassadeur Jorge Ivan Mora Godoy, wederom weten ontevreden te zijn met de resultaten van de laatste onderhandelingsronde, de Uruguay Ronde die in 1994 eindigde. Ondanks de afspraken destijds hebben ontwikkelingslanden nog altijd geen betere toegang tot de markten van de rijke landen.

Volledige verklaring van de G77

Reacties