TTIP ligt in de ijskast, maar CETA komt eraan

19-08-2016 Bron: OneWorld
Cecilia Malmström, eurocommissaris van Handel
Cecilia Malmström, eurocommissaris van Handel. Foto: Flickr/EU NL 2016
Terwijl een TTIP-vrijhandelsakkoord met de Amerikanen steeds verder weg lijkt, is de focus van Brussel inmiddels verschoven naar een verdrag met Canada. De EU-Commissie zet alles op alles. ‘’Ze willen dit er heel graag doorheen duwen.’’
Achtergrond – 

Het gaat om CETA, dat in het lettervermicelli van de internationale vrijhandelspolitiek staat voor het EU-Canada Comprehensive Economic and Trade Agreement. De Zweedse EU-handelscommissaris Cecilia Malmström heeft laten weten al in oktober haar handtekening te willen zetten onder de verdragstekst, die in tegenstelling tot TTIP al geheel is uitonderhandeld. Wat nog rest is groen licht van de Europese handelsministers.

Wat is CETA?

CETA is een vrijhandelsverdrag waar de EU en Canada al sinds 2009 over onderhandelen. Net als TTIP, een beoogd handelsakkoord met Amerika, is CETA geen traditioneel vrijhandelsverdrag. Invoertarieven spelen een kleine rol, het gaat met name om regelgeving, bijvoorbeeld voor voedselveiligheid of de bescherming voor investeerders. Volgens de EU-Commissie kan het verdrag de handel met Canada met een kwart doen toenemen, nu al goed voor zo’n 60 miljard euro per jaar.

Voor de Europese Commissie is goedkeuring van CETA topprioriteit. De onderhandelingen over TTIP, het meest ambitieuze verdrag waar Brussel aan werkt, zijn door een golf aan publiek protest inmiddels zo goed als vastgelopen. ‘’TTIP ligt op ijs’’, constateerde de Duitse sociaaldemocraat en voorzitter van de handelscommissie in het Europarlement Bernd Lange dan ook. Als CETA, het kleinere en meer vriendelijk geachte broertje van TTIP sneuvelt, dan zal de vraag rijzen wat de EU op het gebied van handel nog wel kan klaarspelen.

Handelsbeleid EU dreigt te ontsporen

‘’Als de EU dit verdrag [CETA] niet kan ratificeren, dan heeft het EU-handelsbeleid een groot geloofwaardigheidsprobleem’’, aldus Jean-Luc Demarty, Europees topambtenaar voor handel op 15 juli. Het staat in vertrouwelijke notulen van het Trade Policy Committee (TPC), een Brussels overleg achter de schermen met de Europese lidstaten, en een document dat OneWorld kon inzien. Demarty bestempelt daar goedkeuring van CETA als ‘lakmoesproef’ voor de EU. Wanneer het verdrag met Canada faalt, zo stelt hij, dan is het handelsbeleid van de Commissie-Juncker ‘op sterven na dood’.

achterkant gebouw waar ttip wordt besproken
Het gebouw op de achtergrond is DG Trade, waar men druk werkt aan CETA en TTIP. Foto: Vincent Harmsen

Met de beslissing aanstaande groeit de druk, en ook de discussie. Zo plannen actievoerders een grote demonstratie in Brussel op 20 september. Zij noemen het verdrag met Canada ‘TTIP-via de achterdeur’. Reden is dat CETA, net als het EU-VS verdrag TTIP, bedrijven een alternatief rechtssysteem biedt waarmee staten zijn aan te klagen. De Europese Commissie heeft onder publieke druk die speciale rechtsgang, in vakjargon 'ISDS' geheten, hervormt, en stelt dat de scherpe randjes er nu vanaf zijn. Maar volgens critici is het slechts een cosmetische ingreep geweest. Met CETA in de hand zouden buitenlandse investeerders miljarden euro’s kunnen claimen van landen als Nederland, zo stellen zij, wanneer bijvoorbeeld milieubeleid de verwachte bedrijfswinst teniet doet.

‘Rechten staten niet goed verankerd’

Dat risico is reëel, meent ook onderzoeker Cecilia Olivet van het Transnational Institute (TNI). ‘’Ondanks de hervormingen van de Europese Commissie is het recht van staten om onafhankelijk beleid op te stellen niet goed verankerd in CETA’’, zegt zij in een telefoongesprek. ‘’Bij de arbitrage ligt de bewijslast nog steeds, net als bij het oude ISDS, bij de landen die te maken krijgen met een claim. Zij zullen moeten aantonen dat beleid niet strijdig is met zaken als de ‘legitieme verwachting van investeerders’ en niet ‘willekeurig’ is. Maar wie bepaalt wat deze begrippen betekenen? Het staat niet duidelijk in de verdragstekst, en de interpretatie zal bij de arbiters komen te liggen.’’

Wat is ISDS?

ISDS staat voor Investor-State Dispute Settlement, en is een clausule opgenomen in duizenden vrijhandelsakkoorden, voor het eerst in een verdrag tussen Duitsland en Pakistan in 1959. Doel is om investeerders te beschermen tegen willekeur en discriminatie, met name in landen met minder ontwikkelde rechtssystemen. Volgens critici wordt het echter in toenemende mate misbruikt om torenhoge claims in te dienen wanneer beleid en/of wetgeving bedrijven niet zint. Voorstanders wijzen er op dat in de meeste gevallen echter de staten gelijk krijgen, en niet hoeven te betalen.

Binnen ISDS (zie kader) zijn het gespecialiseerde investeringsadvocaten; arbiters en geen rechters, die zich buigen over een claim. Volgens de Europese Associatie van Rechters, die in december 2015 van zich liet horen (pdf), voldoen deze advocaten niet aan de ‘minimale eisen’ die in Europa worden gesteld aan de onafhankelijkheid van rechters, ook niet met de hervormingen die in het CETA zitten.

Canadese teerzandolie

Naast vragen over de kwaliteit van de arbitrage, en waarom er überhaupt een apart rechtssysteem moet worden opgetuigd, sluiten de hervormingen van de EU-Commissie de ergste excessen niet uit. Dat zou onderzoek van TNI tonen, waarbij vijf recente ISDS-claims werden onderzocht. Eén daarvan is TransCanada vs. the US, een zaak waarbij het Canadese bedrijf dat de Keystone XL-pijplijn zou aanleggen een claim van maar liefst 15 miljard dollar bij de Amerikaanse regering heeft neergelegd. De Obama-regering besloot om in de strijd tegen klimaatverandering de controversiële pijplijn, die tot doel had om Canadese teerzandolie naar raffinaderijen in de VS te transporteren, te schrappen. 

protesten keystone xl
Protesten bij het Witte Huis tegen de plannen voor de aanleg van de XL-pijplijn. Foto: Wikimedia

Canada en de Verenigde Staten hebben sinds 1994 een vrijhandelsverdrag, NAFTA geheten, waar ook een ISDS-clausule inzit. Het is die clausule waar TransCanada haar arbitragezaak nu op baseert.

‘’TransCanada claimt dat de maatregel om af te zien van pijplijn politiek gedreven was”, vertelt Olivet. ‘’En dat deze niks met klimaatverandering van doen had.’’ Als bewijsmateriaal wijst TransCanada naar een rapport van de Amerikaanse overheid dat eerder had geconcludeerd dat de milieueffecten van de pijpleiding konden worden ‘gemitigeerd’. Ook voert het bedrijf aan dat er sprake is van discriminatie: een Mexicaans bedrijf zou wel toestemming hebben gekregen voor een andere pijpleiding. ‘’Argumenten die ook aan te voeren zijn met de tekst in CETA’’, aldus Olivet.

Claims VS-bedrijven

Het risico op claims heeft inmiddels ook bij EU-lidstaten het ongemak doen toenemen, temeer omdat met CETA ook in Canada gevestigde Amerikaanse bedrijven – koplopers in de wereld als het gaat om ISDS-arbitrage – gebruik kunnen maken van deze speciale investeringsbescherming.

Brussel lijkt nu af te stevenen op een politiek compromis waarbij CETA zo snel mogelijk in werking wordt gesteld, maar dat wel nog even wordt gewacht met invoering van ISDS. Dat laatste hebben de lidstaten bedongen. EU-handelscommissaris Malmström heeft voorgesteld dat de nationale parlementen mogen meestemmen over CETA, een knieval richting de lidstaten Frankrijk en Duitsland die dat hebben geëist, maar voorwaarde is wel dat het verdrag in de tussentijd al ‘voorlopig’ in werking wordt gesteld.

Ploumen: ‘kritiek onterecht’

De Nederlandse regering is voorstander van die tijdelijke goedkeuring van het CETA-verdrag, zo laat minister Ploumen (Handel) bij monde van haar woordvoerder weten. ‘’Het kabinet is in beginsel voorstander van voorlopige toepassing van (delen van) handelsakkoorden, iets dat partijen in staat stelt al eerder te profiteren van de afspraken in het verdrag.’’ Op 14 september zal het kabinet na overleg met de Tweede Kamer een definitief standpunt innemen, aldus de woordvoerder.

Het kabinet ziet geen risico op ‘ongerechtvaardigde claims’, en de woordvoerder benadrukt dat ISDS van belang is voor het bedrijfsleven: ‘’Het biedt basisregels voor behoorlijk bestuur. Bijvoorbeeld dat bedrijven niet zomaar onteigend kunnen worden of dat investeerders onderling worden gediscrimineerd.’’

Ze willen het verdrag er doorheen duwen om geen gezichtsverlies te leiden

Maar terwijl officieel samen met de leden van de Tweede Kamer het standpunt van Nederland nog moet worden bepaald, heeft het kabinet-Rutte in Brussel al aangegeven geen bezwaar te hebben tegen de ‘voorlopige’ inwerkingstelling van CETA. Dat valt op te maken uit de eerder genoemde notulen van het Trade Policy Committee, die werden bemachtigd door nieuwswebsite POLITICO. Topambtenaar Demarty benadrukt in de stukken dat deze toezegging ook noodzakelijk is: ‘’Canada zou CETA niet ondertekenen zonder deze voorlopige toepassing’’, zou hij letterlijk gezegd hebben.

‘Geen gezichtsverlies’

‘’Ze willen dit er echt heel graag doorheen duwen, om zo geen gezichtsverlies te lijden’’, zegt Anne-Marie Mineur, Europarlementslid voor de SP, en CETA-criticus van het eerste uur. Volgens Mineur is wat zij noemt de ‘greenwash’ van ISDS in CETA door de Europese Commissie geslaagd. Nadat de Commissie onder grote publieke druk in september 2015 enkele hervormingen presenteerde, was de naam ISDS ook plots verdwenen. De Commissie refereert nu naar het 'Investment Court System'. Mineur: ‘’De meest in het oog springende problemen hebben ze eruit gehaald, maar in feite blijft het gewoon klassenjustitie voor buitenlandse investeerders. Ik noem het de gebotoxte versie van ISDS.’’

De planning van commissaris Malmström is om op de EU-Canada top in Ottawa op 27 en 28 oktober, het verdrag te tekenen. Dan rest er nog één obstakel: een stemming in het Europees Parlement, maar de verwachting is dat daar een meerderheid uit de bus komt. Dat komt door een vakkundig uitgevoerde politieke draai van de sociaaldemocraten (S&D), die lange tijd tegen elke vorm van ISDS waren, maar onder druk van de partijtop toch hebben ingestemd met het hervormde systeem.

Op 22 september ontmoeten de Europese handelsministers in Bratislava, hoofdstad van Slowakije, momenteel voorzitter van de EU, om te praten over CETA. 

Update 31 augustus 2016: naar aanleiding van dit artikel zijn op maandag 29 augustus Kamervragen gesteld door Jasper van Dijk (SP) gericht aan minister Lilianne Ploumen (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking).

Vincent Harmsen

Vincent Harmsen is onderzoeksjournalist bij OneWorld en schrijft over voedsel...

Lees meer van deze auteur >

Reacties