‘Nog steeds lijden miljoenen mensen onnodig honger’

16-10-2000
Door: OneWorld Redactie
Bron: onzeWereld

Jacques Diouf, directeur-generaal van de FAO, zei dat de wereldleiders en publieke opinie meer moeten doen om tegen hongersnood te vechten. Gebeurt dit niet, dan haalt de internationale gemeenschap niet de doelstelling, zoals afgesproken in 1996, om tegen 2015 het aantal chronisch ondervoede mensen te halveren.

De successen die worden geboekt worden teniet gedaan door de bevolkingsgroei. De FAO verwacht dat de doelstelling uit 1996 niet voor 2030 gehaald zal worden.

Diouf: ‘We verminderen het aantal hongerenden met acht miljoen per jaar. Om de doelstelling voor 2015 te halen, zou dat op zijn minst 20 miljoen per jaar moeten zijn. Maar het geld dat in landbouw geïnvesteerd zou moeten worden, is er blijkbaar niet. Als je de nationale budgetten voor de landbouw vergelijkt met de percentages van de bevolking die leven van landbouw, zie ik geen consistentie. ’

Honger leidt niet alleen tot menselijk leed en hogere sterftecijfers, maar ook tot sociale onrust en conflicten. Diouf zei dat enerzijds overheden te weinig investeren in landbouw, maar dat ook natuurrampen en conflicten leiden tot onvoldoende voedsel.

Volgens de FAO lijden mensen in 36 landen structureel honger. De ergst getroffen gebieden zijn momenteel de Hoorn van Afrika, Noord-Korea en Irak. Zo’n 19 miljoen mensen in vooral Kenia en Ethiopië wachten op noodhulp. Hoewel de VN hun best doen, blijft de situatie erg kritiek, zei Diouf.

Behalve onvoldoende investering in landbouw, benadrukt de FAO ook dit jaar weer dat honger vooral geworteld is in structurele armoede: te weinig toegang tot scholing, werkgelegenheid en landbouwgrond.

Uit het rapport blijkt ook dat veel voormalige Sovjetrepublieken krijgen te maken met ernstige voedseltekorten. Die worden nog verergerd door de politieke en economische overgang.

Gina Lollobrigida
Volgens het rapport van de FAO is in negen van de twaalf voormalige Sovjetrepublieken ten minste 5 procent van de bevolking ondervoed. In Armenië, Azerbeidzjan, Georgië en Tadzjikistan heeft 20 procent van de inwoners niet voldoende te eten. Georgië, Armenië, Tadzjikistan en Oezbekistan kampen met langdurige droogte. Door het gebrek aan landbouwgewassen zijn de voedselprijzen al meer dan verdubbeld.

De FAO meet de ernst van honger door het aantal calorieën dat hongerenden per dag kunnen consumeren te vergelijken met de minimaal noodzakelijke ‘voedselenergie’ om gezond te kunnen overleven.

Gemiddeld hebben de 826 miljoen mensen 100 tot 400 kilocalorieën per dag meer nodig. In sommige landen is het calorieën-tekort veel hoger. In Somalië worden tekorten van 490 en in Afghanistan 480 kilocalorieën gemeten.

In absolute cijfers zijn er meer hongerige mensen in Azië, maar de ernst van de honger is het ergst in Sub-Sahara Afrika. Daar hebben in 19 van de 46 landen mensen een dagelijks tekort van 300 kilocalorieën.

Het FAO-rapport meldt ook goed nieuws. In onder andere Ghana, Nigeria en Thailand heeft overheidsbeleid geleid tot een daling van hongercijfers. Ook het schuldverlichtingsprogramma van Internationaal Monetair Fonds (IMF) en Wereldbank en andere donors dragen hier volgens de FAO in gunstige zin toe bij. ‘Schuldsanering kan ervoor zorgen dat honger sneller wordt uitgebannen, mits de vrijkomende financiële middelen niet alleen worden gebruikt voor onmiddelijke hulp aan de armen, maar ook voor lange termijn-investeringen in duurzame voedselproductie.’


Wereldvoedseldag is al jaren het startsein voor een mondiale campagne om aandacht te vragen voor het wereldvoedselvraagstuk. De dag herinnert tevens aan de oprichting van de FAO in 1945.

Het komende jaar is de campagneleus ‘A millennium free from hunger’, die mede wordt verspreid door FAO-ambassadeurs als de zangeressen Dee Dee Bridgewater en Miriam Makeba, actrice Gina Lollobrigida en Nobelprijswinnaar Rita Levi Montalcini. Dit jaar voegen ook de zanger Youssou N‘Dour en actrice gong Li zich bij de FAO-ambassadeurs.

'The state of food insecurity in the world' op de website van de FAO

Reacties