Militairen zijn geen ontwikkelingswerkers

01-05-2006
Door: Tekst: Evertjan Quak


Vredeshandhavers zijn in conflictgebieden populairder dan ngo's, stelt het rapport 'Principes en pragmatisme: Civiel-militaire actie in Afghanistan en Liberia' dat onlangs in opdracht van Cordaid is opgesteld. 'De bevolking is de soldaten dankbaar voor het verschaffen van veiligheid, de ontwapening van de strijders en de (zeer zichtbare) hulp die zij verlenen,' staat er geschreven. Aan de andere kant worden veel ngo's als 'niet-betrokken', 'onbetrouwbaar' en 'ineffectief' gezien.' Hoewel de militairen beseffen dat de inspanningen van hulporganisaties essentieel zijn voor het succes van hun missie, blijkt dat ze de professionaliteit van de ontwikkelingsorganisaties negatief inschatten. Ze worden 'amateurs' genoemd die op eigenbelang uit zijn.

Er worden enkele harde noten gekraakt in het rapport. Het schemergebied waarin militairen en hulpverleners operationeel zijn, heeft geleid tot succes en groot falen. In Afghanistan bijvoorbeeld heeft samenwerking voor groot gevaar gezorgd voor hulpverleners. De 'War on Terror'  plaatst ontwikkeling in een precair daglicht. Hulpverleners kunnen beter neutraal blijven, zodat zij na vertrek van de militairen minder gevaar lopen bij hun werkzaamheden. ViceVersa zal in het volgende nummer uitgebreid aandacht besteden aan de implicaties van civiel-militaire acties voor ontwikkelingsorganisaties.

Het rapport is te bestellen op cordaid@cordaid.nl



Reacties