Arif* werkt als afwasser in een Indonesisch restaurant in Den Haag. Hij komt uit Indonesië en is ongedocumenteerd, dus officieel mag hij niet werken. Op een ochtend in 2022 gaat het mis: plots staat er een tiental ambtenaren – politie, Belastingdienst, Arbeidsinspectie – in het restaurant. Arif moet mee naar het politiebureau. Daar krijgt hij van de Vreemdelingenpolitie te horen dat hij Nederland moet verlaten.
Met de Arbeidsinspectie heeft Arif in het restaurant nauwelijks een woord gewisseld; de inspecteurs richtten zich direct tot zijn baas. Daardoor ontdekken ze niet dat Arif van zijn werkgever nog ruim 1.000 euro achterstallig loon moet krijgen.
Dubbele pet
Aankloppen bij de Nederlandse Arbeidsinspectie lijkt een logische stap wanneer je als werknemer voor je recht wil opkomen. Maar voor mensen zoals Arif is de aanwezigheid van de inspectie juist bedreigend. Ongedocumenteerde mensen zijn relatief vaak slachtoffer van arbeidsuitbuiting, maar juist zij durven misstanden op de werkvloer niet te melden.
Dat komt door de dubbele pet van de Arbeidsinspectie. Enerzijds moet de inspectie arbeidsrechten van werknemers waarborgen, óók als ze ongedocumenteerd zijn. Zij hebben onder andere recht op het minimumloon en doorbetaling bij ziekte. Anderzijds is het haar taak om de Wet arbeid vreemdelingen uit te voeren, wat betekent dat ze werkgevers moet beboeten als die mensen zonder werk- of verblijfsvergunning in dienst hebben.
Deel dit
‘De Arbeidsinspectie doet ‘collegiale meldingen’ bij de Vreemdelingenpolitie’
Maar de Arbeidsinspectie heeft er op eigen initiatief, zo blijkt uit beleidsstukken, een andere taak aan toegevoegd: intensieve samenwerking met de Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel (AVIM) – zoals de Vreemdelingenpolitie officieel heet. Niet alleen gaan ze samen op controle, ook doet de Arbeidsinspectie – als inspecteurs een ongedocumenteerde werknemer tegenkomen – regelmatig zogenoemde ‘collegiale meldingen’ bij de Vreemdelingenpolitie.
Gevolg: de Arbeidsinspectie is niet de plek waar ongedocumenteerde mensen hun recht kunnen halen. Door de samenwerking met de Vreemdelingenpolitie belanden zij direct in een proces van uitzetting, terwijl ze vaak nog recht hebben op duizenden euro’s aan loon of anderszins bescherming tegen arbeidsuitbuiting nodig hebben. Dat blijkt uit onderzoek van OneWorld en De Groene Amsterdammer. Bovendien is de samenwerking in strijd met internationale regelgeving, waarin staat dat het beschermen van alle werknemers de hoofdtaak is van de Arbeidsinspectie.
Deze conclusie is gebaseerd op inzage in jaarverslagen en inspectierapporten van de Arbeidsinspectie en haar fraudeteams, dossiers van stichting FairWork en het Ondersteuningskomitee Illegale Arbeiders (OKIA), gesprekken met vijf oud-medewerkers van de Arbeidsinspectie, drie ongedocumenteerde werknemers, en verschillende hoogleraren en experts. De inspectie zelf ging niet in op herhaaldelijke verzoeken om de inhoudelijk verantwoordelijke ambtenaren te mogen spreken en heeft uiteindelijk schriftelijk op het onderzoek gereageerd.
Hoeveel ongedocumenteerde mensen er precies in Nederland werken, is niet bekend. De Arbeidsinspectie schatte in april 2025 dat er alleen al zo’n 40.000 ongedocumenteerde Brazilianen wonen en werken in Nederland. Volgens een nog recentere schatting van onderzoeksbureau Intelligence Group zijn er ruim 100.000 ongedocumenteerde werkenden. Dat aantal is gebaseerd op meldingen van opsporingsdiensten en bestaande schattingen, zoals over de Braziliaanse gemeenschap.
In 2024 gaf de Arbeidsinspectie 743 keer een boete aan werkgevers voor illegale tewerkstelling. Een groot deel van het werk van ongedocumenteerde mensen blijft dus buiten het zicht van de inspectie.
Collegiaal
Toezichthouders die tijdens een werkplekinspectie ongedocumenteerde werknemers tegenkomen, geven dat door aan de Vreemdelingenpolitie. Oud-medewerkers van de Arbeidsinspectie bevestigen deze ‘collegiale meldingen’. Maar zij zijn niet verplicht om zo’n melding te doen, laat de inspectie in een reactie weten. Bovendien zijn er geen interne richtlijnen die ervoor zorgen dat de meldingen op een zorgvuldige manier gebeuren.
Deel dit
Voor inspecteurs is de stap om de politie te bellen niet groot
Toch vinden medewerkers van de Arbeidsinspectie het over het algemeen geen probleem om ‘collegiale meldingen’ te doen bij de Vreemdelingenpolitie, zeggen meerdere oud-werknemers. De inspecteurs zijn overtuigd van de ‘één-overheidgedachte’: als ambtenaren van verschillende overheidsinstanties informatie delen, bevordert dat de efficiëntie. Veel inspecteurs hebben bovendien een achtergrond bij de politie of in de beveiliging. De stap om een oud-collega van de politie te bellen is daardoor niet groot.
Daarnaast zijn er gezamenlijke controles, waarbij de inspectie, de Vreemdelingenpolitie en soms andere overheidsinstanties betrokken zijn. In 2024 deelde de inspectie in totaal 743 boetes uit aan werkgevers vanwege illegale tewerkstelling, laat de Arbeidsinspectie weten in een reactie. Volgens de inspectie was de Vreemdelingenpolitie betrokken bij 123 van die controles. Hoe vaak er ‘collegiale meldingen’ plaatsvinden is niet bekend; die cijfers houdt de inspectie niet bij.
In 2014 was er een completer beeld. Hoogleraar migratierecht Tesseltje de Lange onderzocht de boeterapporten van de Arbeidsinspectie uit dat jaar. De politie was destijds in 71 procent van de dossiers betrokken bij een werkplekinspectie of na afloop ervan.
Bang
Een paar jaar voordat Arif door de politie wordt meegenomen, werkt Hasan* al in hetzelfde restaurant. Hij is de enige kok voor één restaurant en twee toko’s, dus aan pauze komt hij niet toe. Zelfs toen hij een keer geopereerd moest worden, stond hij de volgende ochtend weer in de keuken. De baas van het restaurant betaalt Hasan structureel minder dan afgesproken: elke keer belooft hij dat het geld later komt, maar door de jaren heen loopt het bedrag op tot 6800 euro. Hasan wil het geld sturen naar zijn studerende kinderen in Indonesië.
Ook Hasan werd ooit tijdens een controle van de Arbeidsinspectie meegenomen door de Vreemdelingenpolitie. De inspecteurs informeerden niet naar zijn werkomstandigheden of achterstallig loon. Wat hij wel te horen kreeg: ‘Je moet terug naar Indonesië.’
Hasan blijft in Nederland, maar sindsdien is hij op zijn hoede. Als hij aan het werk is houdt hij de camera die op de ingang gericht staat, strak in de gaten. Zou hij ooit bij de inspectie om hulp vragen? “Nee”, antwoordt hij beslist.
Deel dit
‘Belangrijke signalen van uitbuiting blijven onopgemerkt’
Zorgelijk, zegt de Nationaal Rapporteur Mensenhandel Conny Rijken in een reactie op dit onderzoek. Ongedocumenteerde mensen zijn voor hulp afhankelijk van instanties die hen als slachtoffer aanmerken, en dat gebeurt nu onvoldoende. “De nadruk die wordt gelegd op het bestrijden van illegale tewerkstelling gaat ten koste van de bescherming van ongedocumenteerde werknemers, waardoor belangrijke signalen van uitbuiting onopgemerkt blijven.”
Stichting FairWork ondersteunt slachtoffers van arbeidsuitbuiting. Projectleider Anna Ensing spreekt daardoor jaarlijks tientallen ongedocumenteerde mensen. Veel van hen zijn huiverig om informatie over hun werksituatie te delen, omdat ze bang zijn dat de inspectie hun namen doorgeeft aan de Vreemdelingenpolitie, vertelt ze.
Saints & Stars
Bij de Amsterdamse sportschool Saints & Stars meldden ongedocumenteerde werknemers zich in de zomer van 2025 wel zelf bij de Arbeidsinspectie – een uitzondering. De schoonmakers maakten te lange dagen, kregen te weinig betaald en moesten hun paspoorten inleveren.
Toch was er volgens het OM geen sprake van arbeidsuitbuiting, want arbeidsuitbuiting is moeilijk te bewijzen. Slechts 1 procent van de signalen van arbeidsuitbuiting die binnenkomen bij de Arbeidsinspectie leidt tot strafrechtelijke vervolging, bleek eerder dit jaar uit een steekproef van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel.
Alleen als de signalen van uitbuiting bijzonder ernstig zijn – bijvoorbeeld als iemands paspoort is afgepakt of de werknemer met geweld werd gedwongen om te werken – doen Arbeidsinspectie-rechercheurs van de opsporingsafdeling onderzoek. In die situatie krijgen ongedocumenteerde werknemers bescherming: zolang het onderzoek loopt, kunnen ze niet worden uitgezet. De schoonmakers van Saints & Stars worden na het onderzoek van het OM waarschijnlijk wel uitgezet.
Maar misstanden kunnen ook onder de radar blijven doordat inspecteurs onvoldoende doorvragen naar de woon- en werksituatie van medewerkers. De Arbeidsinspectie zegt in een schriftelijke reactie dat daar bij elke werkplekcontrole naar wordt gevraagd. Maar uit gesprekken die OneWorld en De Groene Amsterdammer voerden met oud-medewerkers, ongedocumenteerde mensen en belangenorganisaties blijkt dat dit in de praktijk lang niet altijd gebeurt.
Deel dit
‘We zien niet de rol van beschermer die de Arbeidsinspectie wel heeft’
Voor de Arbeidsinspectie is de werknemer bijzaak, constateert hoogleraar Tesseltje de Lange. Ze onderzoekt al jaren de bescherming van ongedocumenteerde werknemers en analyseerde dossiers van de Arbeidsinspectie over illegale tewerkstelling. Ze zag nauwelijks gegevens van werknemers voorbijkomen: geen nationaliteit en zelfs geen leeftijd. “De bescherming van werknemers valt ook onder de taak van de Arbeidsinspectie en in ons onderzoek zagen wij die rol van beschermer niet”, zegt De Lange.
Europese richtlijnen
Het is de hoofdtaak van de Arbeidsinspectie om de rechten van alle werknemers te beschermen. Dat staat in het Arbeidsinspectieverdrag van de Internationale Arbeidsorganisatie, die Nederland ondertekend heeft. Bovendien moeten lidstaten volgens Europese richtlijnen ongedocumenteerde werknemers helpen om het loon te krijgen waar zij recht op hebben, zelfs nadat ze het land uitgezet zijn.
Toch helpt de Arbeidsinspectie zelden ongedocumenteerde werknemers die te weinig loon kregen. De Arbeidsinspectie laat in een reactie weten alleen een loonvordering bij de werkgever te kunnen doen als er een loonadministratie is. En precies dat ontbreekt bij ongedocumenteerde werknemers, omdat hun werk illegaal is en over het algemeen niet wordt vastgelegd.
Maar De Lange wijst erop dat een loonvordering ook mogelijk is als die administratie ontbreekt. Volgens de Wet arbeid vreemdelingen mag je er in dat geval van uitgaan dat een werknemer ergens minstens zes maanden heeft gewerkt, tenzij de werkgever kan bewijzen dat dat niet zo is.
Volgens de Internationale Arbeidsorganisatie moeten lidstaten ook een firewall hebben: een scheiding tussen de handhaving van arbeidswetten en het vreemdelingenrecht. Werknemers moeten hun recht kunnen halen zonder risico op problemen met de politie.
Deel dit
Internationale regelgeving leent zich voor verschillende interpretaties
Een firewall is er in Nederland niet, zegt De Lange. De internationale regelgeving is wel vertaald naar Nederlandse wetten, maar daarin worden de firewall en de beschermende taak van de Arbeidsinspectie niet expliciet benoemd. Hoewel de internationale regelgeving rechtsgeldig is, biedt de Nederlandse wetgeving dus ruimte voor een andere interpretatie.
Dat heeft directe gevolgen, ziet Ensing. Ze ondersteunt ongedocumenteerde werknemers bij het opeisen van hun rechten en belt regelmatig met de Arbeidsinspectie over ongedocumenteerde medewerkers die melding willen doen van problemen op de werkvloer. “We vragen steeds of ze ons kunnen garanderen dat deze mensen niet meteen aan de Vreemdelingenpolitie worden overgedragen. Het antwoord is nee.”
*De namen van Arif en Hasan zijn op verzoek van de geïnterviewden gefingeerd. Hun echte namen zijn bekend bij de redactie.
Het onderzoek voor dit artikel kwam tot stand in samenwerking met De Groene Amsterdammer. Het volledige verhaal verschijnt woensdag op OneWorld.nl en in de papieren versie van De Groene Amsterdammer.
Verder lezen?
Rechtvaardige journalistiek verdient een rechtvaardige prijs.
Maak jij OneWorld mogelijk?
Word abonnee
- Digitaal + magazine — € 8,00 / maand
- Alleen digitaal — € 6,00 / maand









