‘Eindelijk!’, schreef twitteraar Gert Jan Bakker: ‘Geen vaag en voorzichtig taalgebruik als ‘activisten’ maar gewoon waar het op staat: racisten. Zouden meer media moeten doen.’ Het was een veelgehoorde reactie op een kop in Trouw, dat het bekladden van gezichten van zwarte helden op de muur van een pand van The Black Archives een daad van racisten noemde. ‘Er staat racisten. Niet een of ander eufemisme. Wow.’, schreef Natya. En Erkin Erciyas: ‘Geen aanhalingstekens. Is dit een primeur?’

Ook ik was aangenaam verrast door de kop, van een krant waar ik in mijn tijd als redacteur nog flinke discussies moest voeren over het gebruik van ‘wit’ in plaats van ‘blank’ en waar ik als columnist vertrok omdat mijn kwetsbare positie als zwarte, vrouwelijke opiniemaker niet werd erkend. Toegegeven: de lat lag laag, want het wit verven van gezichten van overleden zwarte helden als Anton de Kom en Perez Jong Loy is een wel zeer expliciete terreuractie. Maar dat is wel vaker het geval en toch wordt het woord ‘racisten’ door media angstvallig vermeden.

Alleen Trouw durfde het aan de vandalen ‘racisten’ te noemen, en enkel in de kop: in het artikel komt het woord niet voor. Andere media spraken van ‘onbekenden’ (Telegraaf en Nu.nl) of lieten in het midden wie achter de actie zat (Parool). Nu.nl schrijft wel dat de zijkant van het pand ‘racistisch beklad’ is.

Overgevoelige individuen

Het woord ‘racisme’ (en zeker antizwart racisme) nam zeer recent pas ruimte in in media en, in mindere mate, in de politiek. Voorheen gaven journalisten en politici de voorkeur aan het veel ruimere begrip ‘discriminatie’. Dat kan namelijk over van alles gaan: onderscheid tussen mensen op basis van leeftijd, seksuele gerichtheid, beperking, religie, huidskleur of afkomst. Door racisme, antizwart racisme of afrofobie onder de grote, diffuse paraplu ‘discriminatie’ te plaatsen, konden noodzakelijke gesprekken over bijvoorbeeld het koloniaal verleden, de doorwerking in het heden en eventuele correctie daarvan – denk aan herstelbetalingen – fijn worden vermeden.

Naamloos

‘Er is niets heldhaftigs aan het ‘activisme’ van bol.com’

Dat het bedrijf Zwarte Piet uit het assortiment haalt, is vooral uit lijfsbehoud.

En als het woord ‘racistisch’ al in de media of het publieke gesprek voorkwam, dan steevast met aanhalingstekens, zoals Erciyas opmerkte. Racisme wordt in Nederland namelijk beschouwd als een perceptie of een mening die zich afspeelt in het hoofd van ‘overgevoelige individuen’. ‘Zwarte Piet kan als racistisch worden ervaren’, was dan ook het wat laffe, diplomatieke verweer waar bestelgigant bol.com zich achter verstopte tegen de voorspelbare witte woede, nadat het bedrijf besloot de racistische karikatuur in de ban te doen. Bol.com durfde dus niet openlijk te zeggen dat Zwarte Piet racistisch is, het sprong op een trein die allang het station binnenreed.

Een land van racisme, zonder racisten

Voor een duidelijke uitspraak over of tegen racisme wijst iedereen in Nederland naar elkaar: media kijken naar de politiek, de politiek kijkt naar ‘het volk’, het volk luistert naar de rechter en de rechter kijkt naar het maatschappelijk klimaat, net als het bedrijfsleven. Maar zolang de mensen die achter de knoppen zitten profiteren van het racistische systeem, gaat dat systeem niet worden hervormd, laat staan ontmanteld.

Racisten gaan schuil onder een mantel van eufemismen

Ondanks die tegenwerking van bovenaf en door racistische groeperingen, zetten antiracisme-activisten en -organisaties (zoals het zojuist aangevallen The Black Archives) door. Dankzij hen is er inmiddels bredere erkenning dat racisme in ieder geval bestáát in Nederland, en niet steeds weer bewezen moet worden. Maar wie nog steeds niet bestaan zijn de daders, de mensen die racisme mogelijk maken, in stand houden, indirect ondersteunen, actief uitvoeren en er zelfs van profiteren zonder er wat aan te doen: de racisten. Nederland is het land van racisme zonder racisten.

Eufemismen

De racisten zijn er wel, maar gaan schuil onder een mantel van eufemismen. De relschoppers die recente demonstraties van Kick Out Zwarte Piet (KOZP) met zwaar geweld onmogelijk maakten in Maastricht, en daar ook plannen toe hadden in Eindhoven, werden in allerlei media als ‘tegendemonstranten’ aangeduid. Door het racistische geweld te omschrijven als ‘rellen’, werd bovendien de indruk gewekt dat het geweld van weerszijden zou komen, van zowel KOZP als hun belagers. Het zogenaamd komische ‘blokkeerfriezen’ werd in 2018 zelfs uitgeroepen tot het woord van het jaar.

_9
Het pand van The Black Archives vóór het vandalisme door racisten. Beeld door: The Black Archives

Het geweld tegen The Black Archives van deze week was geen primeur: na een bestorming van een vergadering van KOZP vernielden racisten de auto van The Black Archives-oprichter Mitchell Esajas. In de media werden de daders omschreven als ‘activisten’, bijzonder kwalijk omdat die term de vreedzame activisten van KOZP min of meer gelijktrekt met de gewelddadige criminelen die hen aanvielen. Terwijl al het geweld constant van één kant komt; de racisten.

haley-phelps-119782-unsplash

Validisme, say what?

Discriminatie en stigmatisering van mensen met een beperking komt nog erg vaak voor.

‘Idioten’ noemde D66-Kamerlid Jan Paternotte de belagers van het gebouw van The Black Archives op Twitter. Dat gebeurt vaak; racisme wijten aan een gedragsstoornis bij individuen. Afgezien van het feit dat dit validistische taalgebruik extreem beledigend is voor mensen met een mentale beperking, verdoezelt het ook dat racisme geen kwestie is van individueel gedrag, maar voortkomt uit een misdadig systeem. Maar wie hartstochtelijk een racistische karikatuur verdedigt, kun je toch niet anders dan ‘racist’ noemen? In die zin is de kop in Trouw gewoon feitelijk juist en zou die geen applaus moeten krijgen. Maar waarom valt het woord ‘racist’ dan zo weinig?

Zelfcensuur

Omdat het gevolgen heeft. In Nederland is het riskant om racisme te benoemen waar je dat ziet. Eens wilde ik een politicus in een column een ‘racist’ noemen. Een meelezende vriendin raadde me dat sterk af; het kon me op een aanklacht wegens smaad en/of laster komen te staan. De persoon in kwestie had vele, duidelijk racistische uitspraken en denkbeelden met de wereld gedeeld. Maar ik haalde het weg en maakte er ‘racistisch’ van – uiteraard wel zonder aanhalingstekens. Ook op sociale media plegen ik en anderen om die reden vaak zelfcensuur.

In 2016 werd het Zoetermeerse SP-raadslid Lennart Feijen in hoger beroep veroordeeld tot een boete van 350 euro nadat hij mede-raadslid en ex-LPF’er Hilbrand Nawijn op Twitter ‘racist’ had genoemd. Aanleiding was Nawijns verzet tegen de komst van een islamitische school in Zoetermeer. Later besloot de Hoge Raad dat de zaak over moest, maar de slepende kwestie geeft wel aan hoeveel gevolgen het heeft als je iemand racist noemt.

Het lijkt wel of racisten beter worden beschermd dan de mensen die onder racisme lijden

Recent werd dat nog eens bevestigd toen hoogleraar Piet Emmer NOS-verslaggever Gerri Eickhof aanklaagde, die hem in een interview met de Volkskrant ‘racistisch’ had genoemd. Eickhof voelde zich genoodzaakt zich nader te verklaren en zei het te betreuren dat de hoogleraar zo aangegrepen was: ‘Bij nader inzien was het verstandiger geweest te spreken van ‘de hoogleraar Piet Emmer die uitspraken doet die naar mijn persoonlijke mening racistische implicaties hebben en ook lijken te suggereren dat de slavernij wel meeviel’.’ Gesterkt door Emmer besloot ook columnist Max Pam aangifte te doen van belediging, nadat zijn columns door journalist Sybren Kooistra ‘racistisch’ waren genoemd.

Iemand een racist noemen kan dus gevolgen hebben. Het slinkse boemerang-argument is steevast dat racisme zo’n ernstige kwestie is dat een verwijt of beschuldiging van racisme dat óók is. Tel daarbij op dat racisme bewijzen in de rechtszaal bijna nooit lukt en we zouden kunnen concluderen dat racisten in Nederland beter worden beschermd dan mensen die onder racisme lijden.

Laten we daar, beginnend met ons taalgebruik, collectief verandering in brengen. Want taal verandert de realiteit. Zodra je dingen benoemt, bestaan ze. Racisme bestaat, dus racisten ook. Laten we ze dan ook zo noemen.

Naamloos-3

Na dertig jaar weten zij: een gesprek over racisme wordt nooit makkelijk

'Niemand hoort graag dat-ie onbewust racistisch is.'

illu-3a

Waarom gaan racisten in Nederland zo vaak vrijuit?

In 2019 kwam nog geen 5 procent van de discriminatiemeldingen bij het OM terecht.