Toen ik afgelopen maandag hoorde dat het kabinet excuses aanbood voor de sterilisatie-eis in de oude Transgenderwet, voelde het alsof eindelijk erkend werd dat mijn ervaring als vrouw niet afhankelijk is van mijn geslachtsdeel. Tot 2014 verplichtte de overheid transgender personen nog zich te laten steriliseren als zij in aanmerking wilden komen voor een geslachtsbevestigende operatie. Dat schond hun lichamelijke integriteit en vormde een symbool van maatschappelijke afwijzing, zo zeiden ministers Sander Dekker (Rechtsbescherming) en Ingrid van Engelshoven (Emancipatie) maandag.

De excuses zijn gerust historisch te noemen: de overheid brak maandag namelijk met een decennialange, schadelijke manier van denken waarin iemands genderidentiteit1 wordt teruggebracht tot de geslachtskenmerken waarmee diegene werd geboren. Door excuses te maken, geeft het kabinet toe dat transgender personen zelf bepalen wie zij zijn.

Gewillig op de slachtbank

In 2013 stond ik voor een impasse: om officieel als vrouw te worden erkend en in aanmerking te komen voor een geslachtsbevestigende operatie, moest ik me eerst permanent onvruchtbaar laten maken. Weigerde ik, dan zou ik in mijn paspoort nooit vrouw zijn. Toegeven voelde echter als erkennen dat mijn geboortegeslacht een ‘foutje’ was. Dat wás het niet: wat de eerste eenentwintig jaar tussen mijn benen zat heeft me nooit minder vrouw gemaakt.

Maar om mijn leven als vrouw te ‘mogen’ beginnen, moest ik dus eerst mijn mannelijke geslachtsdeel wegwerken. De vernedering van gewillig op de slachtbank gaan liggen reikte verder dan een aanpassing van vlees: ze dwong me een deel van mijzelf en mijn herinneringen te ontkennen. Ik heb allerlei mooie momenten meegemaakt vóór de operatie, die ik niet wil vergeten maar wil vieren als onderdeel van mijn vrouwelijke identiteit. Ik heb me mooi gevoeld, mijn eerste BH gekocht en gevoosd met de knappe buurjongen. Dat mijn geslacht toen niet overeenkwam met mijn genderidentiteit, deed niets aan die ervaringen af.

Begrijp me goed: ik wilde de operatie zielsgraag, maar de onnodige tussenstap van sterilisatie voelde alsof ik alles daarvoor eerst moest zeggen: ‘Vrouwen hebben geen piemel.’

Uiteindelijk ontsprong ik de dans. In samenspraak met mijn psycholoog, die zich afvroeg of ik er klaar voor was, besloot ik om mijn operatie en de sterilisatie uit te stellen. Een jaar later werd de wet aangepast. Het moment dat ik hoorde dat ik de gevreesde keuze helemaal niet meer hoefde te maken, voelde alsof er een olifant mijn borst af werd getild. Een olifant met zowel roze strikjes als grote mannelijke poten. De morele afweging tussen erkenning van mijn eigen legitimiteit en maatschappelijke acceptatie werd opgeheven.

Biologisch essentialisme

De Transgenderwet van 1985 stond de verandering van geslachtsvermelding in de geboorteakte voor het eerst toe, maar stelde daar zoals gezegd een aantal eisen tegenover, waaronder dat transgender personen een onomkeerbare sterilisatie ondergingen. De wetgever vond het namelijk niet ‘wenselijk’ dat er verwarring zou ontstaan over de vraag wie nou de moeder en wie de vader van een kind was. Sterilisatie was het antwoord: geen kinderen, geen verwarring.

De zaaddonor in de conceptie van een kind werd door de overheid niet als moeder erkend

De wetgever besloot daarop de zinsnede in het originele wetsvoorstel ‘lichamelijke aanpassing voor zover als medisch mogelijk’ aan te passen naar ‘…. voor zover medisch en psychologisch verantwoord’2. Met die aanpassing in 1985 smolt de wetgever geslacht en gender samen. Het kabinet vond immers dat het medische geslacht niet te ver kon afwijken van iemands mentale genderidentiteit. Het gevolg: de zaaddonor in de conceptie van een kind kon door de overheid niet als moeder worden erkend.

Het idee dat iemands uiterlijke biologische kenmerken bepalen wie diegene in essentie is, heet biologisch essentialisme. Er zit een aanname achter dat iedereen standaard cisgender is, wat inhoudt dat ieders genderidentiteit overeenkomt met diens geslachtskenmerken. In deze zienswijze bestaan transgender personen niet, bepalen je chromosomen wat je bent en kun je daar zelf niets tegen inbrengen.

iStock-1097388238

J.K. Rowling en de Orde van de TERFs

Waar komen de gevaarlijke ideeën van zelfbenoemde 'genderkritische feministen' vandaan?

De Transgenderwet was een voorbeeld van hoe dit biologisch essentialisme diep in de politiek geworteld was en is. Zogeheten trans-uitsluitende radicale ‘feministen’ (in het Engels ‘trans-exclusionary radical feminists’; ook wel TERF’s genoemd), beargumenteren dat biologie van brugklasniveau de beslissende factor is in de vraag of iemand een man of een vrouw is. Hoe jij femininiteit en masculiniteit of juist het wegblijven daarvan ervaart reduceren zij tot je chromosomen.

Het ontkennen van die ‘basale biologie’ zou de ervaring van vrouwen uitwissen, zegt bijvoorbeeld ook schrijver J.K. Rowling. Die redenering halen TERF’s ook aan om transgender vrouwen te weren uit toiletten, kleedkamers en andere gescheiden ruimtes. Extreemrechtse en christelijk-conservatieve partijen nemen de opvatting in toenemende mate over: zij beschrijven het loskoppelen van gender en sekse als een ideologie die het traditionele gezin bedreigt.

Niet gewenst in de maatschappij

In 2014 schafte de politiek de Transgenderwet af vanwege praktische en grondwettelijke redenen. Een sterilisatie zou voor bureaucratische rompslomp zorgen en een verplichte operatie is in strijd met artikel 11 van de grondwet, de onaantastbaarheid van het lichaam3. Over genderidentiteit en de erkenning van de transgender ervaring bleef het stil. Om toch excuses af te dwingen spande het Transgendercollectief in 2019 een zaak aan en afgelopen maandag heeft het kabinet dan eindelijk toegegeven met excuses en schadevergoedingen.

Alleen als je in het binaire hokje van man-en-vrouw paste, mocht je een kinderwens vervullen

Dat is van groot belang, want met het wegvallen van de sterilisatie-eis werd het collectieve trauma dat de gedwongen sterilisatie de transgendergemeenschap opleverde, nog niet erkend. Transgender personen die te horen kregen dat het onwenselijk was dat zij ooit kinderen zouden verwekken, ervoeren dat als ongewenst zijn in de maatschappij als de persoon die zij zijn. Dat transgender mensen geen ouders mogen worden wist bovendien de ervaringen van transgender personen uit: alleen als je in het binaire (en biologisch essentialistische) hokje van man-en-vrouw past, mag je een kinderwens ten uitvoer brengen.

De excuses van het kabinet van afgelopen maandag moeten dus worden gezien als een eerste stap in het genezen van die decennialang toegebrachte maatschappelijke wonden. Terwijl de wetgeving transgender personen eerder nog reduceerde tot hun uiterlijke geslachtskenmerken, stellen de excuses hun ervaringen nu eindelijk centraal. Dat biedt mensen de ruimte om mentaal te helen en een eigen ruimte in te nemen in, tussen of buiten de hokjes ‘man’ en ‘vrouw’.

Eindelijk erkenning

Dat de overheid maandag erkende dat het verkeerd was om mij op mijn achttiende voor zo’n levensgroot dilemma te plaatsen, greep me aan. Hoewel ik ‘de dans ben ontsprongen’, heeft het ontkennen van mijn identiteit namelijk ook bij mij littekens achtergelaten. Als ik me probeer voor te stellen hoe het is om als transgender persoon ooit kinderen te hebben, loop ik nog steeds tegen een mentale blokkade aan: ‘dat mag jij niet’.

De excuses geven toekomstige generaties ook de ruimte om nieuwe vragen te stellen, zoals: is een geslachtsbevestigende operatie voor mij überhaupt nodig om een gelukkig leven te leiden? Voorheen leek dat een keuze met maar één mogelijkheid: het was immers de enige weg naar overheidserkenning. En dat was fout, gaf diezelfde overheid maandag toe. En ze gaf ook toe, aan mij persoonlijk: ook jij was vrouw, al vanaf je geboorte.

People pattern backround

Waarom zijn we bang voor non-binaire mensen?

'Kennelijk zijn sommige cis mensen bang iets te verliezen.'

Coco’s fav_IMGL8231

‘Waarom noemen we een man in pak ‘professioneel’?’

Remco Boxelaar maakt het bedrijfsleven een veilige plek voor lhbti+'ers.

  1. De ervaring van iemands gender los van diens lichaam. ↩︎
  2. Alex Bakker, Transgender: een buitengewone geschiedenis in Nederland, pagina 177-178. ↩︎
  3. Alex Bakker, Transgender: een buitengewone geschiedenis in Nederland, pagina 251. ↩︎