Littekens Rwandese vrouwen helen niet

30-03-2009
Door: Verona Maclean
Bron: OneWorld

Anne-Marie de Brouwer (33), universitair hoofddocent internationaal strafrecht aan de Universiteit van Tilburg, viel het tijdens haar studie op dat slachtoffers van seksueel geweld in Rwanda niet echt serieus werden genomen. "Verkrachting werd lange tijd gezien als een bijproduct van de oorlog. De daders van deze misdaden werden niet eens gezocht of vervolgd," vertelt ze.

(c) SAMER MUSCATI MCSAMER@GMAIL.COM
Een van de slachtoffers uit het boek
copyright Samer Muscati
Vandaag de dag lijden veel van de slachtoffers op uiteenlopende manieren nog aan de gevolgen. "Door de traumatische ervaringen hebben velen van hen psychische problemen. Deze vrouwen hebben voor hun ogen gezien hoe hun man en kinderen in koele bloede werden vermoord. Dat beeld krijgen zij nooit meer van hun netvlies."

Daarnaast leven velen van hen in een armoedige situatie. Tijdens de genocide werden huizen en bezittingen ingenomen of vernietigd. "Daarbij kwam ook nog het nadeel dat vrouwen in die tijd niets mochten erven. Nadat hun man was vermoord, moesten zij dus ook alle overgebleven bezittingen afstaan aan zijn familie. Deze vrouwen bleven letterlijk met niets achter. Met veel moeite moesten ze zien rond te komen voor zichzelf, hun kinderen en wezen waar veel vrouwen na de genocide voor gingen zorgen. Door deze situatie zagen veel vrouwen na de genocide geen kans meer om terug te gaan naar school. De meeste vrouwen werken in de landbouw en zijn daardoor min of meer zelfvoorzienend; anderen verkrijgen inkomsten door het maken van  manden en kaarten. De vrouwen kunnen vaak maar net in hun basisbehoeften voorzien. Zij hebben hierdoor geen mogelijkheid om hogerop te komen, laat staan te sparen. "Velen van hen zijn heel bang wat er met hun kinderen zal gebeuren als zij er niet meer zijn," vertelt De Brouwer.

HIV/aids
               Rwandese genocide, 
               enkele gegevens
 1

 Periode: 6 april 1994 tot half juli 1994

 2 Het merendeel van de moorden en verkrachtingen werd gepleegd door 2 extremistische Hutu milities, de Interhamwe en de Impuzamubambi
 3

De tweedeling tussen Hutu's arme meerderheid (90%) en rijkere Tutsi minderheid (10%) werd door België extra aangewakkerd door de invoering van paspoorten met daarin een vermelding van de etniciteit (Hutu, Tutsi, Twa), volgens De Brouwer

 4 Overal stonden wegversperringen waar men zich moest identificeren
 5 Circa 25.000 tot 500.000 vrouwen en meisjes, met name Tutsi vrouwen, zijn verkracht
 6 500.000 tot 1 miljoen Tutsi's en gematigde Hutu's zijn vermoord
 7 Circa 70 procent van de overlevenden van seksueel geweld is besmet met HIV of aids.
Maar ook lichamelijk worden de vrouwen herinnerd aan de nare periode. Tijdens de honderd dagen durende genocide in Rwanda zijn 250.000 tot 500.000 vrouwen en meisjes verkracht. "Door de verkrachtingen hebben veel vrouwen na al die jaren nog regelmatig last van vaginale bloedingen," zegt De Brouwer. "Bovendien heeft een schokkende 70 procent van de overlevende slachtoffers, HIV of aids opgelopen. Veel van deze slachtoffers zijn nu zo ziek dat ze niet kunnen werken. Vooral voor het zware werk in de landbouw zijn velen van hen te zwak."

Tevens hebben veel vrouwen te maken met stigma's. "Het lijkt alsof de besmette vrouwen de daders zijn in plaats van de slachtoffers. Alsof de vrouwen die tot seksuele slaaf zijn gedwongen en de genocide hebben overleefd, op die manier medeplichtig zijn aan de verspreiding van HIV en aids. Want, zo wordt er door sommigen gedacht, 'deze vrouwen hebben vast met de daders samengewerkt om zelf in leven te blijven'. Verder krijgen besmette vrouwen moeilijker een baan of ziektekostenverzekering. Bovendien zijn veel vrouwen die HIV of aids hebben opgelopen, door hun man verlaten en buitengesloten door hun gemeenschap.
(c) SAMER MUSCATI MCSAMER@GMAIL.COM
v.l.n.r. Anne-Marie de Brouwer, Pascasie
en mede auteur Sandra Ka Hon Chu
copyright Samer Muscati
"Samen met mijn vriend Freek Dekkers, heb ik stichting Mukomeze (empower haar) vorig jaar opgericht. Ik wilde iets betekenen voor de slachtoffers van de genocide."

De stichting zet zich in om de levensomstandigheden te verbeteren van meisjes en vrouwen die verkrachting en andere vormen van seksueel geweld tijdens de genocide hebben overleefd. "De stichting richt zich zowel op 1 op 1 sponsering als op grootschalige sponsering door bedrijven. "Rwandese vrouwen vinden de persoonlijke sponsering heel leuk. Ze hebben contact met hun sponsor en wisselen foto's en brieven uit. Hierdoor krijgen slachtoffers het gevoel dat er mensen zijn die om hen geven. Zelf heb ik een vrouw gesponsord die hierdoor haar universitaire opleiding kon afmaken. Het was echt heel leuk om te zien hoeveel hoop en kracht deze sponsoring en onze vriendschap haar, en zeker ook mij, bracht. Ondanks de ellende die deze overlevenden hebben meegemaakt gaan ze toch door en dat is bewonderenswaardig."

Gedwongen moord
Mukomeze werkt samen met de Rwandese organisatie Solace Ministries. Deze organisatie wordt gerund door overlevenden van de genocide. De slachtoffers van de genocide komen regelmatig bij elkaar voor steun. "Solace Ministries wil tevens de stigma's verdrijven. De organisatie probeert HIV besmette mensen te laten verzorgen door mensen die niet besmet zijn. Hierdoor krijgen ze meer begrip voor elkaar. De verzorgers horen wat deze mensen hebben meegemaakt, zien hoe ziek ze zijn en hoe weinig kracht zij hebben om te werken. Omgekeerd horen de vrouwen die besmet zijn, verhalen van de daders. Veel van hen zijn gechanteerd en zo tot hun daden aangezet."

  Na de genocide is er veel veranderd in Rwanda
  • In de grondwet staat nu dat minimaal 30% van het parlement uit vrouwen moet bestaan
  • Inmiddels is 56% van de parlementsleden vrouw, dit is het hoogste percentage ter wereld
  • Verkrachting valt nu in de categorie van de zwaarste misdrijven; zo'n 7.000 verdachten van verkrachting zijn of worden in Rwanda vervolgd
  • Vrouwen hebben tegenwoordig erfrecht
  • Veel vrouwen zijn zelfstandig geworden en 41% van het Rwandese bedrijfsleven wordt door vrouwen bestierd
  • In Rwanda wordt alleen nog maar gesproken over Rwandezen; niet meer over Hutu's of Tutsi's
 "Bij Solace Ministries vinden de overlevenden van de genocide een nieuwe familie. Iedereen weet wat er speelt en hoe het is geweest. Er zijn ook veel groepssessies waarbij er regelmatig iemand op staat om haar of zijn verhaal te vertellen. Hierdoor voelen de anderen zich ook gesterkt om voor de groep hun persoonlijke verhaal te vertellen. Dit helpt velen van hen goed bij hun verwerkingsproces." Verder zorgt Solace voor gezondheidszorg, individuele counseling en inkomsten genererende projecten, waardoor de vrouwen zelfstandig meer geld kunnen verdienen.

"Ik heb het boek 'The Men Who Killed Me' uitgebracht om de slachtoffers van de genocide een stem te geven. Ik merkte in mijn omgeving dat maar weinig mensen op de hoogte zijn van wat deze slachtoffers hebben doorstaan. Ook de problemen waar zij tegenwoordig nog steeds tegenaan lopen zijn bij veel mensen onbekend. Veel Rwandeze vrouwen hebben er behoefte aan dat hun verhaal naar buiten wordt gebracht. Ze hebben het gevoel dat de wereld hen in 1994 de rug heeft toegekeerd. En ze willen erkenning voor wat hen is overkomen." Zo is ook de titel afkomstig van één van de zeventien getuigenissen. De vrouw, 17 jaar ten tijde van de genocide, vertelt dat de daders die haar herhaaldelijk verkrachtten waardoor ze nu HIV positief is, haar dromen, wensen en daarmee ook haar leven hebben ontnomen en noemt hen daarom ook; 'the men who killed me'.

 Voorbeeld getuigenis uit het boek:
           
slachtoffer Pascasie

'Toen Pascasie haar verhaal vertelde, zat ze een gedeelte van haar verhaal te rillen,' vertelt De Brouwer. 'De laatste twee weken van de genocide zat zij opgesloten in een huis en in die periode was het heel erg koud en regende het veel. Dit terwijl zij slechts ondergoed aan had. Gedurende die weken werd zij steeds door verschillende mannen verkracht. Het vertellen over deze periode deed haar tevens die kou herbeleven.

Voordat Pascasie in het huis terecht was gekomen, was ze al verkracht door een groep van vijftig mannen. Deze mannen lieten haar allerlei denigrerende dingen doen, zoals in haar ondergoed in de handstand staan. Deze vrouw heeft zelfs meegemaakt dat een man in haar neus ejaculeerde en vandaag de dag heeft ze daar nog steeds fysieke klachten van.' 

Het boek geeft een goed beeld van wat de Rwandese genocide inhield en wat de gevolgen voor de overlevenden zijn geweest. Verder bevat het boek getuigenissen en dertig zwart-wit foto's van 1 man, 15 Tutsi vrouwen en één Hutu vrouw. "We hebben voor deze verdeling gekozen, omdat deze mensen symbool staan voor de 250.000 tot 500.000 verkrachte Rwandezen die door het conflict zijn geraakt."

Op 7 april vindt in het Zwijsen gebouw aan de Universiteit van Tilburg de vijftiende herdenking van de Rwandese genocide plaats. Op deze dag start tevens de foto-expositie van 20 foto's van overlevenden van seksueel geweld uit het boek 'The Men Who Killed Me' en zal het boek worden gelanceerd. Ook in Rwanda is er tijdens deze periode jaarlijks een week van rouw. De mensen vinden het belangrijk bij de genocide stil te staan. "Wij willen dat de wereld zich bewust blijft van deze nare periode, zodat de geschiedenis zich niet zal herhalen," besluit De Brouwer.

Kijk voor meer informatie over het boek en het programma van de 15e herdenkingsdag op 7 april 2009 in Tilburg op de site 'the men who killed me'.

Reacties