Liberia mag van VN nog geen diamanten en hout exporteren

14-06-2004
Door: OneWorld Redactie

Volgens de VN is de vrede in Liberia ‘nog te breekbaar en wordt nog niet voldoende aan de voorwaarden voor opheffing van de sancties tegemoetgekomen,’ aldus een verklaring van de Veiligheidsraad. Handhaving van de sancties moest niet worden gezien als straf voor de nationale overgangsregering of de Liberiaanse bevolking maar als verzekering dat de vrede onomkeerbaar is.

De VN-sancties dateren van 2001 toen de toenmalige leider Charles Taylor de inkomsten uit de export van diamanten en hout vooral gebruikte voor de aanschaf van wapens. Deze wapens waren niet alleen munitie voor binnenlandse conflicten maar werden ook verkocht aan rebellerende groepen in buurlanden als Sierra Leone en Ivoorkust.

Onder toenemende westerse druk koos Taylor in augustus 2003 eieren voor zijn geld en werd Bryant benoemd tot voorzitter van de overgangsregering. Bryant moet Liberia naar de verkiezingen in 2005 leiden.

Werkloos

Volgens Bryant heeft Liberia de extra inkomsten uit hout- en diamantenexport hard nodig om de door jarenlange conflicten verwoeste economie overeind te helpen. Volgens hem is 85 procent van de 3 miljoen Liberianen werkloos, liggen de meeste scholen en ziekenhuizen in het land in puin en is de economische infrastructuur verlamd.

Bryant benadrukte tegenover de Veiligheidsraad dat de door de VN-vredesmacht UNMIL ontwapende strijders snel een baan moet worden geboden, voordat zij weer door rebellengroepen worden gerekruteerd. Overigens moet de 15 duizend man sterke troepenmacht van UNMIL nog een behoorlijk deel van het land ‘ontwapenen’. Rebellen die wapens en munitie inleveren krijgen 300 dollar en trainingen in ambachtelijke vaardigheden.

Corruptie

De Veiligheidsraad heeft zich voor haar besluit vooral gebaseerd op een inspectie van onafhankelijke experts, die onder meer melding maakte van corruptie binnen de overgangsregering en het onvermogen van de machthebbers om de rust in de binnenlanden te bewaren.

De experts vonden geen bewijzen van illegale exporten van hout of diamanten of smokkel van wapens, maar volgens hen is de overgangsregering onvoldoende in staat het spoor van diamanten en hout te controleren, met name in het binnenland.

Bryant verwacht dat een opbloeiende houtproductie al snel zo’n 7000 banen kan opleveren. Ooit bracht de houthandel 50 procent van alle exportinkomsten in het laatje. Om weer hout te kunnen exporteren bood Bryant aan om het verbod op diamantenexport vrijwillig te handhaven, zolang Liberia’s diamantenhandel nog niet is gecertificeerd.De internationale verificatie-procedure Kimberley Proces is opgezet om de verkoop van diamanten waarmee gewelddadige conflicten worden gefinancierd te voorkomen.

color=red>

UNMIL
LIberia-pagina van de Universiteit van Pennsylvania

Reacties