Een baan in de gezondheidszorg bij VSO. Wat trok je daar in aan?
Ik heb de tropenopleiding gevolgd, en ben sinds 2013 tropenarts. Na mijn studie wilde ik een tijdje in een ontwikkelingsland gaan werken. Met beperkte middelen aan de slag gaan in een onbekende cultuur, dat maakt dit werk uitdagend, wat mij betreft. Na een missie met Artsen zonder Grenzen stuitte ik op VSO. Een prachtkans. Ik ben hier samen met mijn partner, Hilbert- Jan, die ook in het ziekenhuis werkt.

Tegen welke uitdagingen loop je aan?
‘Een heleboel! Maar dat is ook eigenlijk wel de bedoeling. In het ziekenhuis in Hosanna ben ik de farengi (‘blanke’) tussen al mijn Ethiopische collega’s. Ik moet wennen aan het ritme hier, haast en efficiency zijn onbekende begrippen. Weinig mensen spreken Engels. Er gaat bijna geen dag voorbij zonder problemen met stroom, water, en internet. ‘Power cuts’ komen regelmatig voor. Dan komt de elektricien om de generator aan te zetten. De operatiekamer en IC hebben dan weer stroom, maar de andere afdelingen vaak niet.

Wasbakken zijn schaars, net als zeep. Ga mensen dan maar eens handhygiene bijbrengen. Internet is hier ook een ramp. Net als andere mensen hebben artsen en verpleegkundigen nauwelijks toegang tot internet. En dus zijn ze niet op de hoogte van recente publicaties en inzichten. Beslissingen zijn dus vaak gebaseerd op verouderde informatie.’

Wat is jouw rol?
‘Ik werk op de afdeling Obstetrie & Gynaecologie in een groot ziekenhuis met 250 bedden. Op de afdeling bevallen gemiddeld 10 tot 15 vrouwen per dag. Dit is al aardig wat, maar de meerderheid van de vrouwen in Ethiopie bevalt nog thuis en komt alleen met problemen naar het ziekenhuis. Ik houd me bezig met organisatie en kwaliteitsverbetering op de verloskamer. Ook probeer ik verloskundigen en studenten kennis en kunde bij te brengen. Ik geef bijvoorbeeld reanimatietrainingen voor pasgeborenen.’

Welke verschillen tussen Ethiopie en Nederland vallen je op?
‘In Nederland is echt alles goed geregeld en georganiseerd. We vinden dit vaak vanzelfsprekend, maar dat is het zeker niet. En dat besef je hier maar al te goed. Gebrek aan organisatie en structuur resulteert in chaos en inefficient werken. Papieren en medicijnen liggen hier nooit op dezelfde plek. Of zijn niet voorradig. Er is geen overzicht en iedereen is altijd op zoek naar alles. Daarmee gaat veel kostbare tijd verloren. Vooruitplannen, daar doen ze hier ook niet aan. Is er een vergadering? Dat hoor je soms pas een uur van tevoren. Ik verbaas me er dan elke keer weer over hoeveel mensen er toch nog op komen dagen. De meeste beslissingen worden trouwens niet tijdens de vergadering genomen. Maar bij het koffiedrinken. Wil je hier iets gedaan krijgen? Dan kan je maar beter van koffie houden.’

Mooiste resultaat?
‘Een kast op de afdeling. Een kast klinkt misschien simpel, maar na veel mislukte initiatieven is het een klein succesje in de strijd tegen de chaos. In de grote laden bewaren we medicijnen, spuiten, infuusnaalden, enzovoort. Alles netjes bij elkaar. Dat is toch een mooi begin van organisatie.’

Ga ook

VSO zoekt meer professionals zoals Nanda. Mensen die net als haar de situatie in ontwikkelingslanden willen verbeteren.

Ga ook >

Of steun financieel zodat professionals als Nanda hun kennis kunnen delen.

bewlg3-0543

Over de auteur

Chef Magazine

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief