“Wij hebben nooit gezegd dat we ‘kansen gaan creëren’”, zegt Yasir Syed (42), oprichter van Culture Clash4U, een stichting die – kort gezegd – kansen creëert voor jongeren in en rond Den Haag. “Maar kansen creëren was nooit het plan. Er waren taboes rondom cultuur en religie, en die wilden we doorbreken. Als jongeren iets te zeggen hadden, organiseerden we debatten. Wilden ze zingen, dan gaven we ze een podium. Niet praten, gewoon doen.”

Dagelijks zetten mensen zich in voor een betere buurt, school, of werkomgeving. De Verenigde Naties en miljoenen betrokken burgers spraken hiervoor duurzame werelddoelen af (SDG’s), die we binnen nu en tien jaar moeten halen. Denk aan géén armoede, gendergelijkheid, betaalbare en duurzame energie en kwaliteitsonderwijs voor iedereen. Deze Goal Getters gaan daar nu al voor. Wie zijn zij?

Door middel van culturele activiteiten zorgt zijn stichting, kortweg CC4U, ervoor dat jongeren – met name uit achterstandswijken – hun talent kunnen ontplooien en een carrière kunnen opstarten. Ook organiseert de stichting debatten en evenementen zodat jongeren van allerlei culturele achtergronden het samen kunnen hebben over inclusie, ongelijkheid en discriminatie. Al vijftien jaar wordt de stichting gerund door Syed, die zelf opgroeide in de Schilderswijk en nog altijd in Den Haag woont.

Ondanks het succes van CC4U heeft Syed een opvallend nuchtere, bescheiden en praktische houding. In politieke discussies mengt hij zich niet; ook niet toen de Schilderswijk afgelopen weken weer onderwerp van debat was, nadat er rellen uitbraken onder jongeren.

“Er was geen duidelijke aanleiding voor die onrust. Jongeren vervelen zich, ze kunnen niet uitgaan, hebben geen opvang, ze worden door politie in de gaten gehouden, zijn agressief en hun hormonen spelen op. Dan kun je ze wel herrieschoppers noemen, maar je kan ook proberen te begrijpen waarom ze zo doen. Ik wacht niet op politieke verandering, dan kun je eeuwig wachten. Ik doe het wel op mijn manier.”

‘Als je niet wil praten, rap maar’

CC4U bestaat sinds 2005, maar het idee voor de stichting ontstond al twee jaar eerder, toen Syed nog bedrijfskunde studeerde aan de Haagse Hogeschool. Het was een tijd van politieke spanningen, zo vlak na 11 september en de moorden op Van Gogh en Fortuyn, en ook op de Hogeschool waren jongeren erg verdeeld langs culturele lijnen. “Je had een Marokkaans groepje, een Turks, een Nederlands en ga zo maar door. Ik ben zelf Pakistaans; ik had geen groepje, ik was de enige”, lacht hij.

Syed kwam op eenjarige leeftijd met zijn ouders naar Nederland en bracht de eerste jaren door in de Schilderswijk. Toen hij negen was, ging hij weer terug naar Pakistan. “Daar waren meerdere redenen voor, maar één was dat ik me altijd een buitenlander voelde; zelfs onder jonge kinderen, ook binnen de Schilderswijk, was er veel discriminatie”, zegt Syed. “Eenmaal in Pakistan merkte ik dat ik ook geen Pakistaan was. Dus van jongs af aan vroeg ik mezelf af: wat is mijn identiteit eigenlijk?”

Gastarbeiders werden in aparte wijken gestopt, hun kinderen naar aparte wijken gestuurd

Het was nooit Syeds doel om een stichting op te richten, maar na terugkomst in Nederland – hij wilde hier studeren – raakte hij steeds meer geïnteresseerd in (het gebrek aan) inclusie. Een van de eerste keren dat hij wél ergens bij hoorde, was op de taalschool in Den Haag, waar hij zijn Nederlands bijspijkerde. Dat was nodig om in Nederland verder te studeren. Daar kwam hij in contact met jongeren van over de hele wereld, die ondanks het taalgebrek één grote mengelmoes van vrienden vormden.

Het contrast met de afgescheiden groepjes op de Haagse Hogeschool was groot. Hoe dat komt? “Tsja, de Hogeschool is de Nederlandse maatschappij,” zegt Syed lachend – al is hij serieus. “Ik kijk er niet van op; gastarbeiders werden altijd in aparte wijken gestopt, hun kinderen naar aparte wijken gestuurd, dit krijg je ervan.”

Yasir-15indetekst
Yasir Syed Beeld door: Coco Olakunle

Samen met twee vrienden van de hogeschool begon hij debatten onder studenten te organiseren over culturele vooroordelen en taboeonderwerpen, zoals interculturele huwelijken, lhbti+-acceptatie of seks in de moslimgemeenschap. “Het viel ons al snel op dat er elke keer dezelfde jongeren op afkwamen: types zoals ik, die graag praten en goed debatteren. We wilden meer mensen betrekken, dus probeerden we iets anders: ‘debattheater’.” Door middel van rollenspellen en improvisatie zouden ze dezelfde thema’s aankaarten. Dat was zo’n succes, dat ze tegen 2005 volle zalen met bijna honderd jongeren trokken.

Jongeren veranderen, het systeem niet

Veel mensen die ooit bij CC4U begonnen, hebben inmiddels naam voor zichzelf gemaakt. Zoals rappers Frenna en F1rstman, of zangeres Shary-An: allen deden ooit mee aan het project Street Life, een talentenjacht van de stichting die al tien jaar bestaat. Maandelijks organiseert CC4U een podium waar jongeren via dans, muziek, stand-up comedy of een andere kunstvorm over het leven op de straat vertellen. De winnaars van vorige jaren coachen nieuwe deelnemers.

“Ik vind het zo mooi om te zien hoe ver zij zijn gekomen; Shery-An was bijvoorbeeld heel verlegen toen ik haar voor het eerst ontmoette, nu is ze enorm bekend. Dáár doe ik het voor, dat geeft een boost.”

En dat is maar een van de projecten van de stichting. Via educatieprogramma’s kunnen jongeren hun eigen ideeën en startups ontwikkelen, waar al veel sociale en duurzame ondernemingen uit zijn voortgekomen. CC4U zit bijvoorbeeld ook achter het The Hague Film Festival, waar filmmakers uit de regio hun werk kunnen laten zien. En de laatste vijf jaar wordt steeds meer ingezet op internationale uitwisselingen, meestal binnen Europa, waarbij jongeren uit verschillende landen samen culturele activiteiten opzetten rond het thema diversiteit en inclusie.

Als ze bij vertrek ‘probleemjongeren’ zijn, dan zijn ze dat na terugkomst vaak niet meer

Syed: “We sturen dan niet de jongeren die uit zichzelf al snel een uitwisseling zouden doen via de universiteit. Via ons gaan jongeren die met problemen kampen zoals uitsluiting en ongelijkheid. Zij komen oog in oog te staan met leeftijdsgenoten die hetzelfde, of erger ervaren. En laat ik het zo zeggen: als ze bij vertrek ‘probleemjongeren’ zijn, dan zijn ze dat na terugkomst vaak niet meer. Hier voelen ze zich onzichtbaar, worden ze herrieschoppers genoemd; daar worden ze in de eerste plaats gezien als Nederlander, en als gelijkwaardig. Dat heeft een enorme impact.”

De debattheaters zijn sinds een paar jaar komen te vervallen, maar de stichting faciliteert nog altijd groepsdiscussies tijdens evenementen en diners, waar jongeren zélf aan het woord komen, in plaats van onderwerp van gesprek zijn. “Ik merk dat het veel jongeren stoort dat er slechts af en toe een incident of opleving is waardoor iedereen het even over discriminatie en inclusie heeft – zoals Black Lives Matter. Want het systeem waarin ze leven verandert ondertussen niet: mensen worden in aparte hokjes gehouden, in aparte wijken en op aparte scholen. En op school wordt niets geleerd over racisme, diversiteit of mensenrechten.”

Syed deelt die frustratie; in grote lijnen heeft hij zelf ook weinig zien veranderen de afgelopen vijftien jaar. “Het probleem met de politiek is de helikoptervisie, veel Haagse ambtenaren zijn überhaupt nog nooit in de Schilderswijk geweest. Empathie is het toverwoord voor verandering: ga écht in gesprek, probeer te begrijpen wat er speelt. Dan pas kun je ‘kansen creëren’ – als je het zo wil noemen.”

_MG_5421.JPG

Zij geven docenten een spoedcursus ‘racisme’

Racisme wordt verplichte lesstof. Hoe zorg je ervoor dat docenten hier klaar voor zijn?

Untitled_Artwork

Hoe de antiracisme- en queerbeweging elkaar (opnieuw) vinden

Welke geschiedenis kent de solidariteit tussen antiracisme en de lhbti+ beweging?

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Over de auteur

Redacteur

Roxane Soudagar studeerde Politicologie (Internationale betrekkingen) en volgde een master in Conflict Studies & Human Rights.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief