Koffiecrisis zorgt voor banenverlies en armoede in Midden-Amerika

15-04-2002
Door: OneWorld Redactie
Bron: IPS

De studies zijn verricht door de Economische Commissie voor Latijns-Amerika en het Caribisch gebied (Eclac). De onderzoekers onderzochten de gevolgen van de koffiecrisis voor werkgelegenheid, lonen en lokale economie. Colombia, Costa Rica, El Salvador, Guatemala, Honduras en Nicaragua zijn het ergst getroffen.

De algehele oorzaak is de ineenstorting van de internationale koffieprijs. Op de beurs van New York ging de prijs vorig jaar nooit over de 50 cent per pond. Dat is de laagste prijs in 50 jaar.

‘De productie oversteeg de wereldwijde consumptie van koffie, die slechts met één procent steeg,’ aldus de Eclac. Zodoende ontstond een overaanbod van 10 miljoen zakken koffie van 60 kilo per zak. De koffiereserves in de invoerende landen stegen tot 25,5 miljoen zakken.

In 2001 verloren de Midden-Amerikaanse landen 713 miljoen dollar aan koffie-inkomsten. Dat is 1,2 procent van hun Bruto Nationaal Product (BNP). Voor El Salvador telt de koffieproductie voor 2,5 procent van het BNP, voor Nicaragua is dat zelfs 7,2 procent en voor Honduras 8,2 procent.

Snoeien

Zo’n 300.000 koffieproducenten probeerden te overleven door te snoeien in de lonen. Buiten Colombia sneuvelden 170.000 banen in de koffiesector en ongeveer 160 miljoen euro aan lonen is nooit uitbetaald. ‘Zeker 1,6 miljoen mensen zijn zwaar getroffen en leven in armoede,’ aldus de auteurs van het rapport.

In Colombia zijn meer dan een half miljoen families afhankelijk van de koffieproductie. De Colombiaanse koffieproductie is goed voor twee procent van het BNP en 22 procent van het landbouw-BNP. Het land was dan ook tot voor kort na Brazilië het grootste koffieproducerende land ter wereld. Die plaats is nu echter overgenomen door Vietnam.

‘De koffiecrisis is verantwoordelijk voor het verdwijnen van 257.000 banen in 2001 in Colombia,' waarvan 181.000 in de koffiesector zelf, zegt economist Luz Amparo Fonseca, de auteur van een van de studies.

Eén van de grootste problemen is dat de productiekosten in Colombia vrij hoog zijn. Om Colombiaanse koffieproductie winstgevend te maken, moet de prijs rond de 90 cent liggen. Daar ligt de prijs nu dus zwaar onder.

De Vereniging van Koffieproducerende Landen (ACPC) legde zich onlangs neer bij de neerwaartse prijzenspiraal. De ACPC vroeg zijn 15 leden, waaronder Brazilië en Colombia, om 20 procent te minderen op hun productie. De poging mislukte omdat de armere koffieproducerende landen hun productie bleven opdrijven.

Website Eclac

Reacties