‘Je hebt de saté laten aanbranden, een doodzonde, begin opnieuw’, ‘Je moet als dwangarbeider meewerken aan de Postweg. Sla 1 beurt over’ of ‘Een Europese heerser erkent je als zijn kind, hierdoor krijg je Europese rechten. Ga 4 stappen vooruit’: de opdrachten op deze ‘Indo-versie’ van ganzenbord lijken in niets op de herberg of de put uit het originele spel dat de meesten uit hun jeugd kennen. Dit is Indo Bord, een spel ontwikkeld door de 37-jarige fotograaf en maker Joyce de Vries die hoopt dat mensen spelenderwijs meer leren over Indonesische hun achtergrond.
Het bord heeft een kleurrijke kant, waarop je leert over de leuke aspecten die horen bij een Indonesische achtergrond, zoals wayangpoppen voor een schimmenspel, nasi kuning of Poco Poco (een soort linedance). Als je het bord omdraait, leer je over de donkere kant van de geschiedenis – de Nederlandse koloniale overheersing en de Japanse bezetting.
Deel dit
Niet iedereen leest boeken over de onderdrukking door Nederland
Om te bepalen welke historische gebeurtenissen op het Indo Bord zouden belanden, werkte De Vries samen met historici, psychologen en praatte ze met familie, vrienden en bekenden met een Indische achtergrond. “Ik heb gekozen voor grote historische gebeurtenissen die nog altijd invloed hebben, zoals de oprichting van de VOC of de Puputan 1.” Niet alle onderwerpen zijn geschikt voor kinderen, of voor oudere mensen die sommige gebeurtenissen zelf hebben meegemaakt, beseft De Vries. “Daarom staat in de spelregels dat het geschikt is voor kinderen vanaf 10 jaar, of dat je naar eigen inzicht kunt bepalen welke vakjes geschikt zijn.” Bij het spel hoort een website, waar je per opdracht uitleg vindt over de historische context.
Over de leuke kant van ‘Indo zijn’ had de Vries al meer producten ontwikkeld. In haar Indos Shop verkoopt ze naast het Indo Bord ook kwartetspellen, wenskaarten en doeboeken over Indo zijn – allemaal door haar gemaakt. Ook vind je er de kinderboekenserie over Lotje, die opgroeit in het Nederlands-Indië van voor de Tweede Wereldoorlog. De verhalen zijn gebaseerd op het leven van haar oma, en zijn geïllustreerd door de Vries en geschreven door haar moeder, Gerda Hartkamp.
Maar over de ‘minder leuke kant’, 350 jaar lang onderdrukking door het Nederlandse koloniale bewind, las ze alleen maar in non-fictieboeken en volwassenenliteratuur. “Maar niet iedereen leest die boeken. Veel mensen spelen wel graag spelletjes, dus zo kwam ik op het idee om over onze geschiedenis te vertellen via het spel. En ook al zijn het geen leuke onderwerpen, ik wilde toch zorgen dat ik en andere ouders ook dié kant van de geschiedenis kunnen meegeven aan hun kinderen – ook als ze niet zoveel lezen.”
Woordkeuze
Joyce de Vries gebruikt het woord Indo om haar culturele identiteit mee uit te drukken. Om die reden keert de term terug in haar fotoproject, de producten die ze ontwikkelt en de stichting die ze heeft opgericht. “Ik gebruik het woord ‘Indo’, omdat het al een mengeling van Indonesisch en Europees inhoudt. Ik vind het moeilijk dat de term ‘Indisch’ door sommigen als koloniaal wordt beschouwd en daarom niet meer gebruikt zou moeten worden. Maar de term Indonesisch klopt ook niet, want het huidige Indonesië is niet hetzelfde als Nederlands-Indië. Ook de cultuur is anders. Ik pleit ervoor om de term Indisch wél te gebruiken voor de periode van de koloniale overheersing en voor de mensen en de cultuur die daaruit geboren zijn.” In dit interview hanteert OneWorld de woordkeuze van De Vries zelf.
De donkere kant van de geschiedenis kreeg De Vries zelf niet van huis uit mee. “Toen in 2020 mijn oudste zoontje werd geboren, ging ik nadenken over wat het betekent om Indo te zijn”, vertelt ze. “Ik ben opgegroeid in Friesland en mijn familie woont verspreid door het hele land. Als ik bij mijn oma op bezoek ging, waren er altijd allemaal lekkere hapjes – saté of geschaafd ijs. En na een familiefeestje ging iedereen met bakjes eten naar huis. Maar mijn moeder deed dat veel minder, die benadrukte vooral hoe Nederlands we zijn. Dus ik vroeg me af hoe ik toch mijn cultuur kon meegeven aan mijn zoon.”
Verkeerd begrepen
Om het spel te kunnen ontwikkelen begon De Vries een crowdfunding op Voordekunst.nl. “De actie stond nog geen twaalf uur online of er kwamen al allerlei haatberichten onder”, vertelt ze. “Mensen vonden dat ik het kolonialisme verheerlijkte of dat ik er lacherig over deed, maar voor mijn gevoel hadden ze het doel van het spel niet goed begrepen. Toch deed het pijn, mijn hart en ziel zit erin.” Uiteindelijk lukte het De Vries toch om het benodigde bedrag bij elkaar te krijgen en kon het spel gemaakt worden. “Het was nog een uitdaging om een drukker te vinden die het bord op de juiste manier dubbelzijdig kon bedrukken, maar het is gelukt!”
De Vries is afgestudeerd als autonoom beeldend kunstenaar aan de Willem de Kooning Academie (WDKA) in Rotterdam. “Tijdens mijn studie wilde ik iets doen met het begrip ‘halfbloed’, wat toen nog veel gebruikt werd. Ik dacht altijd: ‘Niemand is toch halfbloed?’ Om die term te onderzoeken wilde ik voor mijn afstuderen een fotoproject maken over mijn afkomst. Hoe zit het als je dubbelbloedig bent en hoe ga je daarmee om?”
Deel dit
Veel Indische mensen zitten met vragen over hun veelgelaagde achtergrond
Maar haar docenten schoten het idee af, in 2016. Volgens hen zat niemand op zoiets te wachten. De Vries besloot een ander project te kiezen, ‘iets feministisch’, om toch te kunnen afstuderen. “Ik begreep niet waarom ze het niks vonden, maar ik wilde ook niet het risico nemen dat ik studievertraging zou oplopen. Dus heb ik het onderwerp laten rusten, totdat ik vier jaar later zwanger werd. En inmiddels word ik benaderd door studenten van de WDKA, die mij vragen hoe ik tegen mijn afkomst aankijk.”
Niet alleen de studenten, maar ook mensen in haar eigen omgeving bleken – net als de Vries zelf – met allerlei vragen te zitten over hun veelgelaagde achtergrond. Dus besloot ze een stichting in het leven te roepen om de ‘Indo-identiteit te versterken en te waarborgen in de Nederlandse samenleving’. “Vanuit de stichting organiseer ik bijeenkomsten waar we samen kunnen praten over onze cultuur, of hoe we onze culturele identiteit kunnen doorgeven en taboes kunnen doorbreken.”
Want taboes zijn er nog volop, bijvoorbeeld over elkaar. Het Nederlandse koloniale bewind zette verschillende bevolkingsgroepen tegen elkaar op. Zo bestond het Koninklijk Nederlands-Indische leger2 voornamelijk uit Molukkers, Javanen en Sundanezen die meevochten om het koloniale systeem in stand te houden. De Vries merkt dat deze verdeel-en-heersstrategie nog altijd verdeeldheid veroorzaakt tussen verschillende Indonesische gemeenschappen. “Ik zeg altijd grappend dat de Nederlandse regering goed werk heeft verricht, want soms staan verschillende Indonesische gemeenschappen lijnrecht tegenover elkaar. De spanningen kunnen behoorlijk oplopen, maar we delen een belangrijk deel van onze geschiedenis: waarom kunnen we elkaar niet optillen en samen groeien?”
Niet Nederlands hoeven zijn
De Vries merkt dat haar generatie én die van haar oma, daar samen verandering in kunnen brengen. “Zelf kan ik heel goed met mijn oma over haar verleden praten en dat hoor ik ook van anderen met een Indische achtergrond”, legt ze uit. “Zulke open gesprekken over onze culturele identiteit lukken met onze eigen moeders minder goed, net als tussen mijn moeder en haar moeder. Ik denk dat er tussen ons en onze oma’s of opa’s genoeg afstand is, waardoor er meer ruimte ontstaat voor een open gesprek. Wanneer bezoekers van onze bijeenkomsten hun grootouder meenemen, dan gebeuren er heel mooie dingen.”
Open gesprekken, kennis over de leuke en vervelende kanten van ‘Indo zijn’ én representatie, dat zal de identiteit versterken, gelooft De Vries. “Aan het einde van de Kinderboekenweek mochten kinderen verkleed als hun favoriete personage naar school. Een dochter van een bekende ging als Lotje, het Indo-meisje uit onze kinderboekenserie, met sarong3, kebaya4 en knotje. Toen dacht ik: wow, deze kinderen voelen niet meer de noodzaak om zo Nederlands mogelijk te zijn. Dat is waar ik het voor doe.”
- Puputan is een rituele zelfmoord waarbij een radja (vorst) en zijn gevolg zelfmoord verkiezen boven overgave aan een overheerser. In 1849 en 1906 gebeurde het bijvoorbeeld toen de Nederlanders Balinese vorstendommen aan hun gezag onderwierpen. ↩︎
- Het koloniale leger. ↩︎
- Een lap stof die wordt gedragen als wikkelrok. ↩︎
- Een traditioneel Indonesische blouse. ↩︎
Verder lezen?
Rechtvaardige journalistiek verdient een rechtvaardige prijs.
Maak jij OneWorld mogelijk?
Word abonnee
- Digitaal + magazine — € 8,80 / maand
- Alleen digitaal — € 6,60 / maand








