Schoner werken in de kledingfabriek

Dit artikel krijg je cadeau van OneWorld. Word abonnee

Ververijen zijn waterslurpers. Natuurlijk wisten we dat ook in Bangladesh wel. Maar tot een aantal jaren geleden hadden we geen idee van hoe we in de branche water konden besparen.” Ondertussen weten ze dat bij Yasin Knittex Industries Ltd. wel en past het bedrijf water- en ook energiebesparende technieken toe bij het verven en de kledingproductie Algemeen manager Mohammed Imtiaz Iqbal is in Nederland om kledingmerken en inkopers hier te informeren over hoe Yasin Knittex dat aanpakt. Hij is hier op uitnodiging van Solidaridad.

Schoner verven

Sinds 2011 neemt Yasin Knittex deel aan het Bangladesh Water PaCT for Cleaner Textiles, dat Solidaridad met de International Finance Company (onderdeel van de Wereldbank) en met steun van de Nederlandse regering heeft opgezet om de textielververijen te verduurzamen. De organisaties werken in dit vijfjarenprogramma samen met merken als H&M, C&A en G-Star. De Nederlandse regering betaalt zo’n 5,5 miljoen dollar mee. De modebedrijven, deelnemende fabrieken en andere deelnemers aan de partnerschap brengen hetzelfde bedrag op. Eén van de doelen van het programma: dat er in 2016 200 fabrieken in Bangladesh aan deelnemen.

Duwtje van de klant
De fabriek van Yasin Knittex staat in Savar, een voorstad van Dhaka, waar ook Rana Plaza was gevestigd, het kledingfabriekscomplex dat in april 2013 instortte. Maar het verschil met het onfortuinlijke Rana Plaza kan niet groter zijn. “Mijn directeur Abdus Sobhan, die textielingenieur is, wilde van het begin af aan dat zijn bedrijf duurzamer ging produceren. Hij kreeg daarbij wel een duwtje van een belangrijke klant. Het Deense Bestseller, producent van merken als Jack & Jones, Only en Vero Moda, vroeg daar ook om.”

[[{“fid”:”32037″,”view_mode”:”file_styles_artikel_halve_breedte”,”fields”:{“format”:”file_styles_artikel_halve_breedte”,”field_file_image_alt_text[und][0][value]”:””,”field_file_image_title_text[und][0][value]”:”Operators bij de verfmachines”},”type”:”media”,”link_text”:null,”attributes”:{“class”:”styles file-styles artikel_halve_breedte media-element file-file-styles-artikel-halve-breedte”,”id”:”styles-4-0″}}]]

Simpele ingreep, groot effect
Vervolgens kwam Yasin Knittex in contact met Solidaridad, dat met International Finance Corporation een proefproject had opgezet voor zuiniger en milieuvriendelijker procédés in fabrieken in Bangladesh. Imtiaz: “Mensen van Solidaridad en IFC toonden ons het enorme effect van alleen al eenvoudige ingrepen. Dat trok ons over de streep.”

Simpele maatregelen als de kraan dichtdraaien hebben al enorm effect. Dat trok ons over de streep

Een simpele maatregel als alle kranen dichtdraaien van waterslangen en het isoleren van stoompijpen zette meteen flink zoden aan de dijk. Imtiaz: “Ook het inkopen van duurzame textielverf scheelde enorm. Bij reguliere verf neemt textiel zo’n 50 tot 60 procent op; de rest wordt na het verven uitgespoeld. De verf die we nu gebruiken wordt voor 85 procent in de stof opgenomen. Daarnaast hebben we de verfmachines anders ingesteld waardoor we minder water nodig hebben en de tijd hebben kunnen verkorten, waardoor we grotere hoeveelheden kunnen verven op één dag.”

Meer T-shirts, zelfde aantal kilowatts
Het waterverbruik daalde van 220 liter per kilogram textiel naar tussen de 100 en 120 liter per kilo. Voordat Yasin Knittex de schonere technologie van Cleaner Textiles begon toe te passen, produceerde het bedrijf 5500 kilo textielstof per dag, nu is dat 8500 kilo. Een voorbeeldje van energiebesparing is het gebruik van LED-lampen. “In Bangladesh krijgen we per fabriek een afgemeten hoeveelheid elektriciteit. Dankzij het nieuwe lichtsysteem met LED-lampen kunnen we veel meer produceren met dezelfde hoeveelheid energie. We maakten 25.000 T-shirts per dag, nu produceren we er 60.000.”

Grote maten voor Nederland

Bij Yasin Knittex en zusterbedrijf Oekotex Group in Dhaka, werken 4000 werknemers. Het bedrijf dat bestaat sinds 2002, beschikt over een ververij, een brei-afdeling en naaiatelier.

De fabriek maakt T-shirts voor vooral de Europese markt. Afnemers naast het Deense Bestseller zijn het Britse Regatta, Peek & Cloppenburg Duitsland en het Nederlandse Mexx. Imtiaz: “Voor de Nederlandse markt maken wij speciale maten; Nederlanders zijn zo groot!”

Bruggen en doorgangen
Dat is allemaal fijn voor het milieu, maar het levert de fabriek natuurlijk ook voordeel op. Zeker, maar de winst, stelt Imtiaz, wordt weer geïnvesteerd in het bedrijf, en vloeit voor een deel, 5 procent, naar de werknemers. Hij benadrukt dat duurzaam produceren niet los kan worden gezien van sociaal ondernemerschap. “Onze werkneemsters komen uit arme gezinnen en weten weinig van hun eigen gezondheid; ze lijden aan verborgen kwalen. Als bedrijf bieden we hen bijvoorbeeld maandverband aan tegen 15 eurocent per pakje; in de winkel kost dat 40 eurocent.” Rijst en zeep worden gratis uitgedeeld en het bedrijf financiert deels scholing en pelgrimages naar Mekka. Ook kunnen arbeiders in geval van nood heel snel de fabriek verlaten. “Overal hebben we bruggen en doorgangen aangelegd.”

Een beter loon
Maar wat werkneemsters ook en vooral helpt is een hoger loon. Het minimumloon voor de laagste graad in de kledingindustrie in Bangladeshis nu zo’n  € 55. Yasin Knittex betaalt op dit basisloon  gemiddeld 10 procent meer. Het grote verschil zit ‘m in de secundaire arbeidsvoorwaarden: behalve de winstdeling bijvoorbeeld ook de bonussen voor aanwezigheid en feestdagen, gratis gezondheidszorg en maandelijks 5 kilo rijst en twee stukken zeep.
Tast dat de concurrentiepositie van het bedrijf niet aan? Imtiaz: “Nee, we kunnen beter betalen juist doordat we zuiniger productiemethoden toepassen, en omdat we goede afspraken hebben gemaakt met spinnerijen. Bovendien helpt dit het personeelsverloop en ziekteverzuim laag te houden en meer ervaren werknemers vast te houden. Dat draagt bij efficiënte productie – meer T-shirts per dag – én er worden minder fouten gemaakt.”

[[{“fid”:”32038″,”view_mode”:”file_styles_artikel_halve_breedte”,”fields”:{“format”:”file_styles_artikel_halve_breedte”,”field_file_image_alt_text[und][0][value]”:””,”field_file_image_title_text[und][0][value]”:”Werkneemsters in het naai-atelier op de ‘finishing’ afdeling waar de kledinglabels aan de producten gehecht worden”},”type”:”media”,”link_text”:null,”attributes”:{“class”:”styles file-styles artikel_halve_breedte media-element file-file-styles-artikel-halve-breedte”,”id”:”styles-4-0″}}]]

Ze worden jongens onder elkaar, die meteen in het rond bellen als ze een handige duurzame tip hebben

Imtiaz komt oorspronkelijk uit de ICT. Hij is autodidact in duurzame textielprocédés. “Ik heb alles geleerd via internet, getriggered door wat ik in projecten als PaCT heb geleerd.” Ondertussen is hij ook in Bangladesh de man die duurzame tips en tools verspreidt, vooral ook voor nieuwe deelnemers aan Cleaner Textiles. “Ik zie dat fabrikanten, die in eerste instantie matig geïnteresseerd zijn in schonere productiemethoden, stapje voor stapje meer belangstelling krijgen en onderling allerlei ideeën uitwisselen. Ze worden jongens onder elkaar, die meteen in het rond bellen als ze een goeie duurzame tip hebben.”
 

Ook al pakt Cleaner Textiles voordelig uit voor fabrieken, het programma blijft een druppel op de gloeiende plaat van 5500 fabrieken in Bangladesh, beseft Imtiaz. “Maar je moet ergens beginnen. Met de nadruk op ‘moet’ – voor de industrie die zo belangrijk is voor Bangladesh, maar ook en vooral voor de komende generaties.”

Openingsbeeld: Mohammed Imtiaz Iqbal van Yasin Knittex en Marieke Weerdesteijn van Solidaridad. Foto: Jos Kuklewski. Overige foto’s: Solidaridad

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust met OneWorld en draag bij aan een rechtvaardige wereld.

Dat kan al vanaf 6 euro per maand

Ontvang onze beste verhalen in je mailbox

Volg ons