Globalisering gaat te hard

11-02-2008
Door: Jim Lobe
Bron: IPS

"Over die wijdverbreide perceptie van oneerlijkheid zouden leiders bezorgd moeten zijn", zegt Steve Kull. Hij is directeur van het Programma voor Internationale Beleidsattitudes (PIPA) aan de Universiteit van Maryland, dat heeft geholpen aan deze jaarlijkse opiniepeiling. Kull benadrukt dat het onderzoek nog voor de recente crisis op de financiële markten is uitgevoerd.

worldTe snelle globalisering
De helft van de 34.500 ondervraagden vindt dat "economische globalisering, inclusief handel en investeringen" te snel vordert. Vooral in Spanje, de Verenigde Arabische Emiraten, Egypte, Australië en China was de overgrote meerderheid van de respondenten kritisch of zeer kritisch.

Voor gemiddeld 35 procent - en alleen in Turkije, de Filipijnen, Portugal, Indonesië en Brazilië een meerderheid - kan de globalisering juist niet snel genoeg gaan.
"Weinig mensen willen op de rem van de globalisering gaan staan," zegt Kull, "maar veel mensen willen het rempedaal wel zachtjes indrukken".

Eerlijke verdeling
Het onderzoek vindt geen correlatie tussen de kritiek op globalisering en de perceptie van eerlijke verdeling. In de landen die een snellere globalisering willen, zijn mensen vaak net heel ontevreden over de huidige verdeling in eigen land. In andere landen gaat de kritiek op globalisering en op een oneerlijke verdeling gelijk op of gelooft men dat de verdeling goed is, maar de globalisering te snel gaat.

Vertrouwen in economie
In 21 landen is een grote meerderheid van de ondervraagden sceptisch over de economische trends. In de rijke landen zijn vooral Italianen (86 procent), Amerikanen, Portugezen en Fransen negatief of zeer negatief. In ontwikkelingslanden zijn dat vooral Indonesiërs, Filipijnen, Midden-Amerikanen, Mexicanen, Israëli's, Turken en Zuid-Koreanen.
In tien landen vindt de meerderheid daarentegen dat hun economische situatie verbeterd is, met name in China (84 procent) en Canada (72 procent).

In Afrika zijn alleen Ghanezen, Nigerianen en Kenianen ondervraagd, maar daar tekent zich geen duidelijke meerderheid voor de groep van tevredenen of ontevredenen af.

Uit de peiling blijkt wel een sterke correlatie tussen optimisme over de economie en tevredenheid met de verdeling van de welvaart. In alle Latijns-Amerikaanse landen, bijvoorbeeld, is de meerderheid van de respondenten pessimistisch over de economie en nog negatiever over de welvaartsverdeling. In China en Rusland geldt dat niet: men vindt er de verdeling niet eerlijk, maar het gaat volgens de meeste respondenten wel beter met de economie dan in het verleden.

Reacties