Giftig afval reist de wereld over

11-09-2006
Door: Willemien Groot
Bron: Radio Nederland Wereldomroep

Ivoorkust is al weken in de ban van een groot gifschandaal, veroorzaakt door de dumping van vervuilde olierestanten. Het Franse bedrijf Trafigura Beheer BV, met het hoofdkantoor in Nederland, huurde de olietanker Probo Koala dat de lading naar het West-Afrikaanse land vervoerde.

Volgens Trafigura bestond de lading uit water waarmee olietankers zijn schoongemaakt: zogenoemd slop. Het afvalwater was eerder in Amsterdam aangeboden voor verwerking. Het overpompen van de lading ging echter gepaard met een overweldigende stankoverlast.

Afvalverwerker Amsterdam Port Services weigerde daarop de opdracht, omdat het de klus niet alleen afkon. De olietanker is vervolgens vertrokken en via Estland in Ivoorkust terechtgekomen.

Afvalexport
Volgens Mirjam de Rijk van de Stichting Natuur en Milieu gebeurt het vaker dat gevaarlijk afval wordt aangeboden in ontwikkelingslanden. "In Nederland wordt per jaar een miljoen ton afval geproduceerd", zegt De Rijk.

 

"Een deel daarvan wordt in eigen land of binnen Europa verwerkt, maar een behoorlijk deel wordt als het ware over de heg gekieperd. Bijvoorbeeld naar West-Afrikaanse landen." Volgens De Rijk exporteert Nederland jaarlijks 15 procent, ongeveer 150.000 ton, gevaarlijk afval naar het buitenland.

Gifhandelaren
De export van gevaarlijk industrieel afval heeft sinds het einde van de jaren tachtig een enorme vlucht genomen. Strengere veiligheids- en milieueisen voor afvalverwerking in het westen leidden tot een flinke kostenstijgingen. Op zoek naar goedkopere oplossingen zochten netwerken van handelaren in gif nieuwe afzetmarkten in ontwikkelingslanden en Oost-Europa.

In de Conventie van Basel van 1992 werden de giftransporten aan banden gelegd, maar handelaren weten de regels nog altijd te omzeilen. Ook ontwikkelingslanden zelf halen, bewust of onbewust, gevaarlijk afval binnen de grenzen.

Verantwoordelijkheid
Volgens Natuur en Milieu zijn ontwikkelingslanden al snel bereid om giftig afval te accepteren, omdat de verwerking ervan veel geld oplevert. Daarbij nemen ze het niet al te nauw met de regels. De huidige wetgeving legt de verantwoordelijkheid bij het ontvangende land, mits dat de lading accepteert, op de hoogte is van het soort afval, en er een bedrijf is dat het gif veilig kan opruimen.

 

Maar die afspraken zijn niet waterdicht. De milieuorganisatie wil dat de Europese Unie voortaan zelf zijn gevaarlijke afval opruimt. De Rijk: "Dat mag je niet exporteren naar derdewereldlanden als je bijna zeker weet dat het niet op een goede manier wordt getransporteerd of verwerkt."

Europese inspectie
Europarlementariër Dorette Corbey van de Partij van de Arbeid is geschrokken van het ongeluk in Ivoorkust. Maar gezien de grote hoeveelheden afval die Europa exporteert, vreest ze dat het niet de laatste keer zal zijn. De Europese Unie moet daarom strenger toezien op buitenlandse afvalverwerking, vindt ze. "Bedrijven die giftig afval verwerken, moeten door Europese inspecteurs zijn geaccrediteerd. De inspecteurs moeten ter plekke kunnen zien dat het op een goede, veilige en gezonde manier wordt verwerkt.

Om het de buitenlandse afvalverwerkers makkelijker te maken, moet volgens Corbey de verwijderingsbijdrage die in Europa wordt geheven op huishoudelijke apparatuur, elektronica en auto's, worden afgedragen. Het geld kan ter plekke worden gebruikt voor goede apparatuur en verbetering van de kennis. Nu blijft dat geld in Europa achter.

Eigen rommel opruimen
De Europarlementariër wil bovendien dat Europa de wetgeving op het gebied van afvalverwerking aanscherpt. Als dat niet kan, moet het zijn eigen rommel maar opruimen, vindt Corbey.

"In dat geval moeten we terughoudender zijn met de export van gevaarlijk en giftig afval", zegt zij. "De milieuorganisaties hebben wat dat betreft gelijk. En laten we in ieder geval de gevaarlijke stoffen voor onze rekening nemen. Wij hebben hier de deskundigheid en de ervaring. Als we met gevaarlijke stoffen willen werken, moeten we ook betalen voor een veilige afvoer als we ze niet meer nodig hebben."

Dit artikel is overgenomen met toestemming van de Wereldomroep.

Reacties