Geachte minister Koenders

07-04-2007
Door: Erik van der Sleen, zelfstandig adviseur onderwijs en ontwikkeling

Beste Bert,

Als PvdA-lid neem ik de vrijheid je te tutoyeren en je welgemeend te feliciteren met je benoeming tot minister voor Ontwikkelingssamenwerking. De reden van het schrijven van deze brief is dat ik bezorgd ben over de passage over Ontwikkelingssamenwerking in het recente regeerakkoord én over een opmerking die je zelf maakte tijdens een forumdiscussie over Latijns Amerika op 30 januari in debatcentrum Tumult Utrecht.

Ik zet vraagtekens bij de centrale plaats van de Millenniumdoelen in het regeerakkoord. Niemand op de wereld heeft bezwaar tegen het terugdringen van extreme armoede, kinder- en kraambedsterfte, ongelijkheid tussen man en vrouw, et cetera. Maar deze doelen zijn gegijzeld door de internationale financiële instellingen (ifi's) om er een ahistorische en asociale invulling aan te geven. Daar mogen we niet intrappen!

Onderontwikkeling is een uitvloeisel van de onvoltooid verleden tijd en heeft actuele maatschappelijke (politieke, culturele, economische en sociale) wortels. Het fanatiek nastreven van de Millenniumdoelen met technische middelen en geld, zonder daarbij te trachten de historische en maatschappelijke wortels te snoeien, is tot mislukking gedoemd. Een strategie die zich richt op de directe bestrijding van de armoede en niet op haar oorzaken leidt tot niets. Toch is dit de strategie die onder leiding van de ifi's wordt gevolgd.

Nu geeft het hoop dat je tijdens de genoemde discussie in Tumult en ook in de nota Een goede ontwikkeling zo expliciet stelde dat de strijd tegen de armoede in wezen een politieke strijd is. De consequentie van deze stelling is dat het Nederlandse ontwikkelingsbeleid van de laatste acht jaar fundamenteel moet worden gewijzigd: in plaats van met man en macht de actuele en directe technische belemmeringen voor ontwikkeling weg te masseren, is op internationaal, nationaal en lokaal niveau politieke strijd nodig.

In Tumult zei je verder dat het geen pas geeft om hulp te geven aan een land als Guatemala, waar de regering niet meer dan 9 procent van het BBP aan belasting ophaalt. Ik interpreteer dit als: indien een regering zelf te weinig doet om financiën te genereren om aan zijn sociale verplichtingen (onderwijs, gezondheidszorg, sociale bescherming, enzovoorts) te kunnen voldoen, dan dient deze natuurlijk geen steun van Nederland te krijgen. Dat klinkt plausibel, maar het weerspiegelt, bedoeld of onbedoeld, de apolitieke en asociale visie van de ifi's.

Met zo'n standpunt laat je namelijk de verpauperde Indígena- en Ladino-bevolking, samen veel meer dan de helft, in de kou staan. Je zou juist de lokale organisaties van die specifieke doelgroepen in hun strijd op economisch (landrechten!), sociaal (volksklinieken!), cultureel (tweetalig basisonderwijs!), en politiek (tegen de interne verdeeldheid!) gebied met raad en geld moeten bijstaan. Als die emancipatorische strijd succes heeft, zul je zien hoe de vertegenwoordiging van deze specifieke doelgroepen in het parlement en de regering toeneemt en belastingopbrengst voor sociale doeleinden stijgt - en de Millenniumdoelen verwezenlijkt worden.

Ik hoop dat je het met me eens bent. Vol verwachting zie ik uit naar het nieuwe beleid.

Reacties