Foster Parents spreekt beschuldigingen commissie tegen

27-08-2001
Door: OneWorld Redactie
Bron: onzeWereld

Een driekoppige, onafhankelijke commissie onder leiding van oud-minister Margreeth de Boer moest onderzoeken of het geld van donateurs werkelijk in de Haïtiaanse wijk Cité Solei was geïnvesteerd. Volgens de klacht, namens de krottenwijkbewoners ingediend door de Nederlandse advocaat Tomlow, zou zonder overleg met de bewoners de afgelopen 25 jaar ruim veertig miljoen gulden in onrendabele en zinloze projecten zijn gestoken.

FPP stelt op haar website dat ‘alle beschuldigingen van advocaat Tomlow weerlegd’ worden door de commissie. Maar commissie-voorzitter Margreet de Boer zegt dat die samenvatting ‘niet juist’ is.

Het rapport schetst het beeld van een organisatie die in een spagaat zit: wel donateurs werven met romantische beelden van kinderen die direct worden geholpen. Maar in werkelijkheid bestaat de band met die kinderen niet.

‘De organisatie moet een keuze maken,’ aldus commissielid Paul Hoebink, ontwikkelingsexpert van de Katholieke Universiteit Nijmegen. Als de organisatie zo doorgaat met werven ? toch de aantrekkingskracht voor veel donateurs ? moeten foster-kinderen in ieder geval een basiszorg krijgen.

Volgens de commissie is er in Haïti noch in Nederland sprake van fraude of andere onregelmatigheden. Wel stelt de commissie dat de helft van het budget besteden aan campagnes, operationele kosten en relation building wel erg veel is. De Boer: ‘Maar wij zijn natuurlijk geen accountants.’

De commissie-De Boer zegt dat ondanks de beste bedoelingen vanaf het begin in 1973 de FPP-aanpak voor de wijkbewoners weinig heeft opgeleverd. De Boer geeft wel aan dat ter plekke duidelijk werd dat ‘de levenssituatie in Cité Soleil uiterst moeilijk en gewelddadig is’.

FPP: ’Communicatie onvoldoende en verwarrend’
Maar volgens Hoebink rechtvaardigt de organisatie met de soms gewelddadige sfeer ten onrechte haar vertrek uit de wijk. ‘De onvrede over FPP bestond al voor het vertrek.’

Het rapport concludeert dat Plan international, de uitvoerende tak in Londen, een managementsprobleem heeft. Het laat zich teveel in met allerlei projecten die niet uitgaan van de basisbehoeften in de wijk, en er is geen duurzame ontwikkeling gerealiseerd.

Foster Parents erkent dat de communicatie ‘onvoldoende en verwarrend is gebleken, ter plaatse zijn beleidsveranderingen niet goed overgebracht aan Foster Parents-families en in Nederland kregen de Foster Parents niet altijd tijdige en juiste informatie over de organisatie en het door hen ondersteunde kind en zijn leefomgeving’ .

Of de Haïti-zaak symptomatisch is voor FPP zegt de commissie niet met zoveel woorden. Duidelijk is wel dat die kenmerkend is voor de stedelijke (lees krottenwijk) programma’s van FPP, gebieden waar een hoog analfabetisme heerst.

FPP stelt dat foster-ouders weten dat hun steun niet direct het kind ten goede komt. Hoebink draait het om: ‘Het inschrijven van kinderen in ontwikkelingslanden schept verwachtingen bij hen en hun families.’ Daar zegt de hulporganisatie niets over.

FPP kreeg de afgelopen jaren veel kritiek van foster-ouders die het leefgebied van ‘hun’ adoptiekind bezochten en teleurgesteld waren over de geringe resultaten van hun steun. Verschillende actiegroepen met als enige missie om FPP aan te klagen zagen het licht.

Rapport van de commissie-De Boer
Reactie van Foster Parents Plan op rapport

Reacties