In de alg zit alles, nu moet het er nog uit

10-11-2014
Door: Kaya Bouma
Bron: OneWorld
Pieter Machielsen NFP photography
Nu is het nog vooral een luxeartikel, verwerkt in superfoods of als krachtvoer voor renpaarden. Maar als het aan de medewerkers van de eerste algenraffinaderij ter wereld ligt, komt daar snel verandering in. De alg is namelijk hét landbouwgewas van de toekomst. ‘Veel duurzamer dan dit wordt het niet.’
Reportage – 

Het eureka-moment van TNO-onderzoeker Corjan van den Berg vond een paar jaar geleden plaats, toen hij een tabel bestudeerde. ‘Daarop was de groeisnelheid van algen te zien.’ En die was indrukwekkend. Om niet te zeggen: héél indrukwekkend. ‘Ter vergelijking: als je een hectare grond gebruikt om suikerbieten te verbouwen, en je gebruikt die zelfde ruimte om algen te kweken, dan levert de alg tien keer zoveel op aan eiwit.’

Tel daarbij op dat het gewas het hele jaar door kan groeien, geen vruchtbare grond nodig heeft en veel CO2 opneemt, en je begrijpt dat het duurzame mogelijkheden biedt. Voor Van den Berg reden genoeg om zich verder in het gewas te verdiepen.

Maar wat zijn die duurzame mogelijkheden precies? Wat kun je zoal met een alg? Van den Berg: ‘Sommige onderzoekers draaien het om: wat kun je er niet mee?’ Het gewas bevat ondermeer eiwitten, koolhydraten, kleurstoffen en vetten. Een greep uit de mogelijkheden: vleesvervangers, veevoer, verf, bio-plastics of zelfs brandstof, allemaal op basis van algen.

Het enige probleem: de techniek is nog niet helemaal zover. Om door te dringen in al het moois dat in de alg verscholen ligt, moet de taaie celwand van het minuscule plantje namelijk eerst worden opengebroken. Dat is in een laboratorium al mogelijk, maar op industriële schaal nog niet.


Om die reden is VALORIE in het leven geroepen, een proeffabriek waar algen gekweekt en ‘gekraakt’ worden. In september ging de raffinaderij open, wereldwijd de eerste in zijn soort. TNO heeft de fabriek opgezet samen met algenkweker ‘Algae Food & Fuel’, zij leveren de algen aan en onderzoeken de omstandigheden waaronder de alg het beste gedijt. Zes grote bedrijven, waaronder een verffabriek, een petrochemisch bedrijf en ingenieursbureau Royal HaskoningDHV, zien kansen en hebben daarom ook geïnvesteerd in de fabriek.

‘De boerderij van de toekomst’, zoals Van den Berg de algenraffinaderij noemt, staat in de polder vlakbij Lelystad, op een wetenschappelijk proefterrein van de Wageningen Universiteit. Als onderzoeker bij TNO is Van den Berg een van de initiatiefnemers van het project. Hoewel zijn werk zich grotendeels op kantoor in Zeist afspeelt, komt de onderzoeker regelmatig even een kijkje nemen bij de algenfabriek.

Veel overeenkomsten met een ouderwetse boerderij, heeft die fabriek op het eerste gezicht niet. In twee grote vijvers –een buiten en een binnen– worden de algen gekweekt. ‘We onderzoeken waar de algen het beter doen’, licht Van den Berg toe. Het verrassende resultaat tot nu toe: in de winter groeien de algen buiten harder. ‘Je zou verwachten dat ze het juist in de zomer buiten beter doen. Hoe het kan dat dit precies andersom werkt, weten we nog niet.’

Om de paar dagen worden de algen geoogst. Ze worden opgepompt en belanden in een centrifuge die de minuscule plantjes van het overtollige water scheidt, tot er een soort groene pap overblijft. ‘Algenyoghurt’, noemt Van den Berg dat.

Dan begint het echte werk. In een donkergroene zeecontainer staat een apparaat gevuld met kleine kogeltjes. Die breken de algen open. Dat moet niet te hard gebeuren, want dan worden ook alle eiwitten, koolhydraten en vetzuren die er in zitten vermorzeld tot een grote brij. Van den Berg: ‘De algenproducten die nu te koop zijn, bevatten dat soort fijngemalen alg. Maar wij willen de alg juist openbreken en opsplitsen in verschillende voedingsstoffen.’ Die techniek moet het gewas interessant maken voor industriële toepassingen.


Zo kunnen de eiwitten uit algen bijvoorbeeld sojabonen vervangen, die nu in grote hoeveelheden uit tropische gebieden geïmporteerd worden. Dat scheelt niet alleen in CO2 uitstoot, maar voorkomt ook dat er nog meer tropisch regenwoud gekapt wordt voor de productie van soja. ‘Veevoer, maar ook vleesvervangers kunnen prima van algen gemaakt worden.’ Van den Berg heeft ook hoge verwachtingen van een vegetarische variant op visolie, uiteraard op basis van algen. ‘Zo maak je de voedselketen korter. Nu eet de vis algen en vangen wij die vis om er visolie van te maken. Dat is zonde.’

Op welke termijn deze producten in de schappen van de supermarkt belanden, valt nog niet met zekerheid te zeggen. Het hangt er maar net vanaf hoe snel grote bedrijven de stap naar de eerste commerciële algenfabriek aan durven. ‘Ik schat in dat dat ergens in de komende vijf jaar gaat gebeuren’, zegt Van den Berg. ‘We zijn er bijna.’

Reacties