Farmaceutisch concern onthoudt Afrikanen van goedkoop aidsmedicijn

05-12-2000
Door: OneWorld Redactie
Bron: doris

Glaxo blokkeerde de import van een kopie van Combivir, een aidscocktail dat het bedrijf had ontwikkeld. Het farmaceutisch bedrijf beweert dat zij hun medicijn Combivir al tegen een speciale prijs op de Ghanese markt aanbiedt.

De goedkope versie was gemaakt in India. Wat de prijs van dit alternatieve medicijn was, is niet bekend. Het is echter vaak een fractie van de pil waar patent op is aangevraagd, in dit geval het medicijn van Glaxo.

Bedrijven als Glaxo-Wellcome verdedigen hun prijsbeleid met het argument dat zij de ontwikkelingskosten van het medicijn moeten terugverdienen. Maar Artsen zonder Grenzen beweert in The Guardian dat de bestanddelen van Combivir, AZT en 3TC, zijn ontwikkeld met behulp van publieke fondsen uit de Verenigde Staten. Glaxo zou reeds miljoenen dollars aan het medicijn hebben verdiend. ‘Ze hebben hun investeringen er al lang uit,’ zegt een woordvoerder van Artsen zonder Grenzen.

Het bericht komt op een moment dat er een discussie gaande is over de bijdrage van farmaceutische bedrijven aan de ontwikkeling en productie van levensreddende medicijnen tegen ziekten in arme landen. In Nederland initieerde minister Herfkens van Ontwikkelingssamenwerking een dergelijke discussie over vaccins voor ziekten die jaarlijks honderdduizenden slachtoffers maken, vooral onder kinderen. Het gaat om hepatitis B, gele koorts, hersenvliesontsteking, nekkramp.

De minister meent dat samenwerking tussen publieke instellingen (o.a. het ministerie, organisaties van de Verenigde Naties, universiteiten) en private instellingen (o.a. farmaceutische bedrijven) een oplossing voor de medicijnenkwestie kan bieden.

Mooie brochures
Critici willen eerst duidelijk hebben hoe dat gaat werken. Zij willen ook duidelijke gedragsrichtlijnen voor bedrijven. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) heeft die reeds opgesteld.

Glaxo zegt dat zij zich ‘maatschappelijk verantwoord gedragen’. Zij wijzen als bewijs daarvoor naar voorlichtingsprogramma’s op het gebied van aids die zij financieren.

Maar volgens Wemos, een organisatie voor internationale gezondheidsvraagstukken, toont het voorbeeld van Glaxo juist aan waar de schoen wringt. Want tegelijk met die projecten blijft het bedrijf lobbyen om goedkope levensreddende medicijnen van de markt te weren. ‘En dat staat niet in hun mooie brochures,’ zegt Nicole Metz, projectmedewerker van Wemos.

Metz: ‘Ontwikkelingslanden willen goedkope, merkloze medicijnen uit landen als India en Brazilië importeren. Farmaceutische bedrijven dwarsbomen dat. Westerse overheden zouden van hen moeten eisen dat zij afzien van dit soort lobbypraktijken, hoe moeilijk dat ook te controleren is.’

Bedrijven als Glaxo lobbyen ook om hun economisch belang in de nieuwe patentwetgeving in ontwikkelingslanden veiliggesteld te krijgen. In het kader van de afspraken over de wereldvrijhandel moeten die landen vóór 2006 hun wetgeving hebben aangepast. Maatschappelijke organisaties vrezen dat de gezondheidsbelangen hierdoor worden geschaad.

‘De regeringen van de Verenigde Staten en Europa steunen deze lobby omdat er zoveel economische belangen mee gemoeid zijn,’ aldus Metz.
Aanvaardbare prijzen
Maar maatschappelijke druk heeft invloed op de houding van farmaceutische concerns, blijkt in Zuid-Afrika. Het concern Pfizer besloot het medicijn Fluconazole gratis te leveren, nadat actievoerders een veel goedkopere versie ervan op de markt hadden gebracht. Fluconazole werkt tegen infecties zoals meningitis, dat dodelijk gevolgen kan hebben voor mensen wier immuunsysteem is verzwakt door het aidsvirus HIV.

De actievoerders redeneren dat ontwikkelingslanden elk middel moeten aangrijpen om een betaalbaar medicijn te vinden dat de dood van zoveel mensen kan voorkomen.

De Britse regering, en andere westerse overheden, menen echter dat bedrijven het recht hebben hun medicijn te beschermen tegen lagere prijzen omdat zij anders hun ontwikkelingskosten niet terugverdienen.

Volgens de westerse overheden zou onderhandelen met die bedrijven over aanvaardbare prijzen beter zijn dan het op de markt brengen van goedkopere medicijnen. Maar tegenstanders beweren dat zelfs de ‘aanvaardbare prijzen’ voor de zieken veel te hoog is.

Zo zou volgens gegevens van Artsen zonder Grenzen het medicijn Fluconazole van Cipla uit India ongeveer 1, 60 gulden kosten. Pfizer rekent in Zuid-Afrika ruim 20 gulden en in Kenya zelfs 26 gulden voor dit medicijn.

Nu Pfizer het medicijn gratis op de markt brengt, vraagt Wemos zich wel af hoe duurzaam die levering is.

Website van Wemos
Discussie over medicijnen voor armen van minister Herfkens

Reacties