Exportsubsidies: eregevecht om de kruimels

14-05-2004
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld

Exportsubsidies betekenen oneerlijke concurrentie voor boeren in ontwikkelingslanden, daarover is iedereen het wel eens. Europese en Amerikaanse boeren krijgen in verschillende vormen steun om hun productieoverschotten te kunnen afzetten.

Veel Europese landbouwproducten kunnen op de wereldmarkt alleen concurreren als ze ver onder de prijzen verkocht worden die in Europa gelden. Voor producten als rundvlees, zuivel en suiker past de Europese Commissie het verschil bij, zodat exporteurs toch nog winst maken.

De VS geven hun boeren geen directe exportsteun, maar helpen hun door kopers voordelige kredieten aan te bieden. Volgens Europese cijfers gaven de VS vorig jaar 3,2 miljard dollar (2,7 miljard euro) uit aan exportkredieten in de landbouwsector.

Jamaica veeboerDaarmee drukken ze de wereldprijzen en ruïneren zij de toch al zwakke inkomenspositie van kleine boeren in Ghana, Vietnam of Jamaica. Dumping van melkpoeder heeft een bloeiende veeteelt op Jamaica om zeep geholpen. Afschaffing van deze subsidies is hoe dan ook winst.

Voor wat hoort wat

Maar wat is nieuw? In 2001 tijdens de conferentie van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in Doha sprak de EU al over 'uitfasering van de exportsubsidies'. Die belofte wordt dus nog eens herhaald.

Die belofte is echter niet onvoorwaardelijk. De EU is niet van plan eenzijdige stappen te zetten. Voorwaarde is onder meer dat andere WTO-leden - en met name de VS, Canada, Nieuw-Zeeland en Australië - gelijktijdig even ver gaan met afschaffing van hun (soms verkapte vormen van) exportsteun. Ook zij moeten water bij de wijn doen in de onderhandelingen over handelsverstorende landbouwsubsidies en markttoegang.

Europa wil onder meer dat de VS ophouden overschotten onder het mom van voedselhulp te dumpen in ontwikkelingslanden. Bovendien moeten ze de 3 tot 4 miljard dollar aan subsidies voor hun katoenboeren schrappen. Die hebben de internationale katoenprijzen doen kelderen tot frustratie van grote West-Afrikaanse producenten als Benin of Mali. Overigens zijn de VS daarover onlangs door de WTO op de vingers getikt.

Van Canada, Australië en Nieuw-Zeeland eist de EU dat ze een einde maken aan het bestaan van genationaliseerde handelsfirma's die de in- en uitvoer van gevoelige landbouwproducten controleren. Ook van sommige grote ontwikkelingslanden verlangt de EU tegenprestaties: India en Brazilië zouden bijvoorbeeld de invoer van landbouwproducten en levensmiddelen uit andere landen moeten vergemakkelijken. Rond al die punten moeten er voor de EU 'aanvaardbare' resultaten uit de bus komen binnen de WHO - anders is afschaffing van exportsubsidies niet eens bespreekbaar.

Kruimels

De EU wil dus heel wat terugzien voor haar inzet. En dat terwijl die inzet -exportsubsidies- in de afgelopen 10 jaar is gedaald van zo/n 10-15 miljard euro tot 2,8 miljard euro nu. Die 2,8 miljard euro is een luttele 5 procent van de totale uitgaven van het Europese landbouwbeleid (45 miljard euro).  Kruimels bovendien als je bedenkt dat boeren in ontwikkelingslanden gezamenlijk zo'n 22 miljard dollar mislopen als gevolg van alle handelsverstorende mechanismen.

Duopolie

Eurocommissarissen Lamy en Fischler roepen dat ze met hun initiatief de onderhandelingen over de verdere liberalisering van de internationale handel weer op gang willen brengen. Sinds de WTO-conferentie in Doha in 2001 verliepen die al moeizaam.

WTO noSinds de wereldhandelstop van Cancún in september 2003 zitten die zelfs muurvast. Europa en de Verenigde Staten werden overdonderd door een groep van grote ontwikkelingslanden (G20) die harde toezeggingen eisten ten aanzien van de afschaffing van subsidies en  andere protectionistische maatregelen in de landbouwsector, zoals verlaging van tariefmuren.

De G20 heeft de duopolie van de Verenigde Staten en de Europese Unie doorbroken. Beide grote handelsblokken komen waarschijnlijk vaker tegenover elkaar te staan. Zo is de EU bijvoorbeeld zeer gedreven bezig om vrijhandelsovereenkomsten te bereiken met Mercosur, het handelsblok in Latijns en Zuid-Amerika. Op hun beurt zijn Amerikanen niet altijd even ongelukkig met bilaterale handelsakkoorden omdat ze daarin veel meer invloed kunnen uitoefenen.

Weerstand

Behalve met de belangen van grote tegenspelers worstelen Lamy en Fischler ook nog met wat interne weerstand tegen hun plannen binnen de uitgebreide Unie. Frankrijk, Ierland, België en Hongarije stellen dat de Commissie niet gemachtigd is om onderhandelingen aan te vangen over een tijdschema voor de afbouw van de exportsubsidies. Volgens sommige bronnen zouden ook Italië, Slowakije en Cyprus ongelukkig zijn met het initatief.

De Franse landbouwminister Hervé Gaymard noemde de ideeën van Lamy en Fischler maandag 'gevaarlijk': de Europese Unie zou er verkeerd aan doen toezeggingen te doen voordat de andere WHO-leden hun standpunten hebben bekend gemaakt. Donderdag dreigde handelsminister Loos zelfs dwars te gaan liggen zolang andere handelsblokken niet evenredige concessies zouden doen.

Ook Europese boerenorganisaties zien niets in het voorstel en vrezen inkomensverlies voor de boeren. De Nederlandse LTO heeft geen trek in 'eenzijdige ontwapening' en wil eerst daden van de Amerikanen zien. Maatschappelijke organisaties daarentegen willen onvoorwaardelijke stappen van de EU en een datum, waarop de EU haar woorden in daden omzet.

Verschuilen

De kans dat EU en VS zich achter elkaar blijven verschuilen is niet gering. De Amerikaanse handelsgezant Robert Zoellick beloofde dat de VS het initiatief zullen onderstenen door binnen de WTO in te stemmen met onderhandelingen over een 'parallelle' afbouw van Amerikaanse exportkredieten en regels die moeten vermijden dat voedselhulp de markt in arme landen verstoort. De Amerikaanse steun is de laatste jaren echter alleen maar toegenomen. Bovendien naderen de presidentsverkiezingen rap en zal het ijzer snel moeten worden gesmeed, als het de VS menens is.

Beleefdheidshalve heeft de G20 positief gereageerd op het voorstel van de EU maar eraan toegevoegd, dat het landbouwprotectionisme in verregaande mate moet worden afgebroken. 'Dit weekeinde krijgen we wellicht een helder idee van de Europese en Amerikaanse voorstellen,' reageerde de Argentijnse handelsminister Bielsa. 'We moeten zien of we een raamwerk kunnen bereiken voor verdere onderhandelingen in juli. Als we op het gebied van landbouw niet verder komen, liggen alle besprekingen vast.

Bielsa doelt onder meer op de zogenaamde Singapore-onderwerpen, zoals concurrentieregels, de bescherming van investeringen en openbare aanbestedingen. Lamy en Fischler hebben echter al aangegeven dat de EU die onderwerpen hoe dan ook vooruitschuift.

Tariefmuren

Hoopgevender lijkt het EU-voorstel om de negentig armste WTO-leden meer markttoegang te bieden zonder dat daar een tegenprestatie tegenover zou staan. Voor de EU maakt dat overigens niet eens zoveel verschil. Zo'n 77 arme ontwikkelingslanden (voormalige kolonieën) hebben voor de meeste producten (behalve bananen, rijst en suiker) al tarfievrij toegang tot de Europee markt.

suiker2

Duidelijk is wel dat verdere afbraak van de tariefmuren de ontwikkelingslanden veel meer zou opleveren dan de afschaffing van de exportsubsidies. Oxfam berekende dit jaar dat Mozambique, Malawi en Ethiopië sinds 2001 al 200 miljoen euro zijn misgelopen door de Europese invoerbeperkingen voor suiker, het meest beschermde landbouwproduct. Brussel geeft jaarlijks 1,3 miljard euro uit aan exportsubsidies voor suiker, de zes grootste suikerbedrijven van Europa kregen 819 miljoen euro daarvan. De suikerimport naar Europa uit de armste landen bedraagt op dit moment 1 procent (!) van de Europese consumptie. Het huidige suikerbeleid loopt pas op 1 juli 2006 af.

Overigens dreigen niet prijsverstorende factoren maar zogenaamde non-tarifaire belemmeringen een steeds grotere rol te gaan spelen. Behalve kinderarbeid en milieuvriendelijke productie zijn vooral de fyto-sanitaire eisen een nieuwe obstakel voor de markttoegang. De eisen voor voedselveiligheid zijn na de gekkekoeienziekte en mond- en klauwzeer zo zeer aangescherpt dat ontwikkelingslanden daaraan vrijwel niet tegemoet kunnen komen.

Stoelendans

Al met al lijkt de Europese Unie rijkelijk laat en te zuinig met haar huidige voorstellen. Niet alleen het Amerikaanse presidentschap staat op het spel, ook de stoelendans in de Europese Commissie staat op het punt van beginnen. De enige die denken dat zij op de valreep nog positieve geschiedenis maken, zijn vermoedelijk Lamy en Fischler zelf.

Oxfam

EUBusiness

Investmentwatch  

Europese Commissie

Europa in de wereld-website

 

Reacties