‘Eigen land eerst’ is een gevaar voor eigen land

12-03-2017
Door: Jan Gruiters
Bron: PAX
Foto: J.M. Luijt / Google Images
We zouden het bijna vergeten, maar naast zorg, inkomen en hoeveel vluchtelingen Nederland al dan niet zou moeten opvangen, is het buitenland bij de komende verkiezingen een belangrijk thema.
Opinie – 

De Volkskrant is zich daar gelukkig van bewust en zette vorige week politieke partijen tegen elkaar af op een schaal met twee polen. ‘Eigen land eerst’ vormt het ene uiterste, de tegenpool kreeg het label ‘zendingsdrang’. De pleitbezorgers voor afschaffing van internationale samenwerking verdienen dat label ‘eigen land eerst’ echter niet. Wie weigert te investeren in diplomatie, preventie en ontwikkeling is in deze tijd niet alleen een wereldvreemde fantast, maar zelfs een gevaar voor eigen land.

‘Eigen land eerst’-adepten PVV en VVD pleiten voor afschaffing van internationale samenwerking vanuit een positie die zij politiek realisme noemen. De door hen als naïef bestempelde zendelingen zoals GroenLinks, op enige afstand gevolgd door PvdA en D66, willen juist investeren in internationale samenwerking. SP, CDA en de christelijke partijen nemen volgens de Volkskrant een onbestemde middenpositie in.
 

Amerikaanse generaals laten zich horen

Het is interessant om eens te kijken naar een opinie uit een heel andere hoek. Vorige week lieten 120 drie- en viersterren generaals in de Verenigde Staten van zich horen. Het zijn ijzervreters waar de pleitbezorgers van ‘eigen land eerst’ graag naar verwijzen als bewijs van hun politiek realisme. Maar de boodschap van deze houwdegens is verrassend anders. Zij pleiten in een brief aan de regering met een hartstochtelijke zendingsdrang niet voor afbraak maar juist voor investeringen in ontwikkelingssamenwerking en diplomatie.

“Wij weten op basis van onze ervaring in uniform dat voor veel van de crises waarmee ons land wordt geconfronteerd militaire oplossingen niet volstaan. Dat geldt voor de bestrijding van gewelddadig extremisme zoals ISIS in het Midden-Oosten en Noord-Afrika (…) en voor de stabilisering van zwakke en fragiele staten die kunnen leiden tot meer instabiliteit. Er zijn 65 miljoen ontheemden vandaag, meer dan sinds de Tweede Wereld Oorlog. De consequenties (…) bedreigen de strategische bondgenoten van Amerika in Israël, Jordanië, Turkije en Europa.”

Deze generaals stellen dat diplomatie, ontwikkelingshulp en civiele organisaties van groot belang zijn “in de strijd tegen de aanjagers van extremisme: gebrek aan kansen, onveiligheid, onrecht en gebrek aan hoop.”

En voor wie het niet kan geloven, nog enkele citaten. “Onze veiligheid zal toenemen door in de toekomst internationale hulp te blijven voortzetten in plaats van daarop verder te bezuinigen,” stelt generaal Petraeus. Internationale samenwerking “kan op de lange termijn evenveel doen voor het voorkomen van conflict als het afschrikkend effect van een militaire interventiemacht.” stelt luitenant-generaal Allen. “Steun voor ontwikkeling is een vitaal onderdeel van Amerika’s nationale veiligheidsstrategie,” stelt generaal Jones.

Symptoombestrijding volstaat niet meer

Deze generaals leggen de vinger op de zere plek. Militaire symptoombestrijding volstaat niet meer. Het recept tegen gewelddadig extremisme kan niet enkel bestaan uit militair geweld. De komst van wanhopige vluchtelingen stopt niet door marinefregatten en nieuwe deals met despoten, zoals de vluchtelingendeal met Turkije. De radeloosheid van jonge migranten zonder hoop bestrijd je niet met grensbewaking.

Daarom moeten we veel meer oog hebben voor de aanjagers en diepere oorzaken van extremisme, ontheemding en migratie. We moeten onrecht, onveiligheid, gebrek aan kansen en hoop aanpakken. En juist daarom pleiten de Amerikaanse generaals voor strategische investeringen investeringen in diplomatie en ontwikkelingshulp.

Tot slot de tegenpolen die de Volkskrant hanteert. De pleitbezorgers voor afschaffing van internationale samenwerking verdienen het label ‘eigen land eerst’ niet. Ze kunnen niet langer aanspraak maken op politiek realisme. De van zendingsdrang betichte pleitbezorgers van diplomatie, preventie en ontwikkeling verkeren in het gezelschap van ijzervreters en houwdegens. Hun gedeelde pleidooi is niet langer wereldvreemd, niet enkel door waarden gedreven, maar realistisch en urgent. Dat heeft met zendingsdrift niets te maken.

Jan Gruiters

Jan Gruiters is algemeen directeur van de Nederlandse vredesorganisatie PAX.

Lees meer van deze auteur >

Reacties