Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Goed nieuws: liefde voor goed voedsel zit in de lift. Duurzame voedselboeren vinden steeds vaker hun weg naar krant en tv, grote supermarktketens en muziekfestivals. Een bewuste supermarktketen als Marqt blijft groeien, het kookboek van eindbaas der vegetariërs Yotam Ottolenghi ligt in de bonus bij de Albert Heijn.

Groter bewustzijn van de voedselcultuur, check. Maar hoe zorgen we dat dit bewustzijn niet blijft haken in het domein van ‘elitaire hipsterfestivalletjes’ en dat de grote problemen daadwerkelijk opgelost worden?

Hipsterfestivalletjes
Laatst was ik op een te gek en goedbezocht food festival in Gent. Een ongemakkelijk gevoel maakte zich toch van mij meester. Ik organiseer al jaren dit soort festivals, met als doel mensen bij elkaar te brengen en over de belangrijke (voedsel)dingen na te laten denken. Een generatie die bijeenkomt op basis van liefde voor voedsel, gedreven door nieuwsgierigheid en de gedeelde wil om onze consumptiecultuur blijvend te veranderen. Maar vanaf de zijlijn zag ik een bacchanaal van blanke, rijke jongeren, die de hele dag zaten te eten en drinken.

Naast het afstruinen van food festivals moeten we weten waar we mee bezig zijn: welke voedselproblemen bevechten deze festivalgangers? En welke oplossingen in eigen leven horen bij de complexe voedselvraagstukken? Het begint natuurlijk met liefde voor voedsel, maar de wereld verandert alleen met daadkracht en een duidelijk beeld van de problemen.

Eco of Techniek?
De wetenschap is ten eerste enorm verdeeld. In 2007 ontdekte ik al bij het schrijven van mijn scriptie dat het oplossen van grote vraagstukken als wereldwijde honger en de ontwikkeling van een duurzame voedselproductieketen wordt beperkt door twee grote conflicterende zienswijzes in de wetenschap. Twee paradigma's lijken vaak lijnrecht tegenover elkaar te staan. Je hebt de mensen die geloven in de ecologie en de mensen die geloven in de vooruitgang middels techniek. Tim Lang (Professor Food Policy, City University London) benoemt de twee paradigmas het Life Sciences en Ecological paragima. Onder andere doordat wetenschappers de wereld proberen te verklaren vanuit deze verschillende paradigma’s ontstaat er een groot gebrek aan begrijpelijkheid en transparantie van informatie voor ons, de consumenten. Inmiddels zijn we 6 jaar verder, met 500.000.000 mensen meer.

Wat is er sindsdien veranderd?

Het afgelopen jaar was ik bij allerlei projecten betrokken, maar een van de leukste was mijn rondgang langs verschillende experts en wetenschappers voor Foodlog.nl. We bespraken met hen de staat van ons voedselsysteem. De gesprekken met Aalt Dijkhuizen en Jan Douwe van de Ploeg lieten nog eens zien: de botsende paradigma's staan nog steeds als een huis. Beiden verbonden aan de Wageningen Universiteit, maar vertegenwoordigers van een andere wereldorde lijkt het wel.

Wat is duurzaam?
Ik merk hoe verwarrend ik het vind om naar verschillende aannemelijke verhalen te luisteren die dezelfde wereld zo anders beschrijven. Aalt Dijkhuizen zegt dat monocultuur de duurzaamste weg is om te bewandelen. Grootschalige en efficiënte landbouw zorgen voor de laagste milieudruk. Maar hoe wordt dat gemeten en hoe werkt dat als we ons landbouwsysteem een aantal eeuwen op deze aardbol loslaten? We doen dit immers pas sinds de jaren '50 van de vorige eeuw terwijl de planeet al miljarden jaren bestaat.

Aalt Dijkhuizen zegt dat duizenden kippen in een stal beter is voor het milieu dan een honderdtal buiten in de wei, maar ik vind het persoonlijk belangrijk dat de kip een enigszins goed leven heeft gehad, geen antibiotica krijgt en ergens naar smaakt. Maar als ik dan appels uit Nieuw Zeeland in de biologische winkel zie dan krab ik me toch ook achter mijn oren. Waar de heer Dijkhuizen zegt dat vooruitgang volgt uit technische ontwikkeling en intensivering van de landbouw, legt van de Ploeg uit hoe dit ook rampzalige gevolgen kan hebben voor de lokale bevolking in landen in ontwikkeling. Want intensivering betekent niet alleen een olieafhankelijke en dus dure landbouw. Het betekent ook dat het werk van de bevolking die vaak afhankelijk is van de arbeidsintensieve landbouw wordt vervangen door machines. Zij trekken naar de steden waar hen zonder werk en uitzicht op een betere toekomst het leven in een sloppenwijk rest. Is dat dan een duurzaam perspectief?

Wat moeten wij nou doen?
We zijn er blijkbaar nog niet over uit wat precies duurzaam is. Of is er hoop? We weten namelijk heel goed dat we minder vlees moeten eten, dat er te veel voedsel wordt weggegooid en dat sommige landbouwsystemen beter werken dan andere. Aalt Dijkhuizen weet heus dat de grootschalige landbouw op veel plekken nog teveel schade aanricht aan de omgeving en niet constructief is voor de wereld. Als hij het over grootschalige landbouw heeft met weinig impact, dan heeft hij het over systemen die mogelijk zijn. En van de Ploeg weet ook wel dat we in het Westen niet terug gaan naar kleinschalige landbouw. Maar de paradigma’s botsen en blijven elkaar bestrijden met veel onduidelijkheid tot gevolg.

Hierin moet de overheid volgens mij een meer sturende rol op zich nemen. We hebben er ooit voor gekozen om het voeden van burgers over te laten aan bedrijven, maar dat is maar ten dele een geslaagd project. Als paradigma’s blijven botsen kan de overheid de consument helpen door meer duidelijkheid te creëren op de kernthema’s en duurzame voedselproductie te stimuleren.

Feit is; we produceren genoeg voedsel voor 12 miljard mensen, dus al zijn we met 9 miljard mensen in 2050 is dat een oplosbaar probleem. De verandering die nodig is moet gedragen worden door consumenten, gesteund zijn door de overheid, kennisinstellingen en bedrijfsleven. Gelukkig behoort iedereen die dit leest tot minstens een van die groepen!

Samuel Levie richtte in 2008 de Youth Food Movement en de YFM Academie op en is mede-oprichter van voedselvraagstuk-adviesbureau Foodcabinet. Samuel studeerde af op Sustainable Food Production (Bestuur en Beleid) aan de Universiteit van Amsterdam. In 2010 werd Samuel benoemd tot Maatschappelijk ondernemer van het jaar en in 2012 tot Food Trendwatcher van het jaar.

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)