Dominicaanse 'Hof Van Eden' model voor voedselsoevereiniteit

13-10-2008
Door: IPS
Bron: IPS

Net als op de andere Caraïbische eilanden is suikerriet het belangrijkste landbouwexportproduct van de Dominicaanse Republiek. Maar weinig andere landen produceren 85 procent van hun voedsel zelf. Nu de prijzen voor voedsel en brandstof de pan uit rijzen, trekt de hoogtechnologische Hof van Eden in Costanza heel wat geïntereseerde bezoekers.

Japanse migranten

constanza
Het gebied Constanza foto:CC

Het gebied werd in de jaren vijftig gecultiveerd door vijftig Japanse families, die waren uitgenodigd door de toenmalige dictator Raphael Trujillo. Het resultaat is een reusachtige groententuin met aardappelen, knoflook, wortelen, aardbeien, koriander, uien, tomaten, bonen, mais, broccoli, pepers, komkommers, sla, prei, bieten, kool en bloemen. Ruim genoeg om de honger te stillen van de negen miljoen Dominicanen en de toeristen in de hotelcomplexen. Dan nog blijft een stuk over voor de export.

Virgilio Rosado, landbouwadviseur van een lokale ngo die werkt voor de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank, zegt vol trots: "We hebben een unieke plek in de Caraïben, tien jaar geleden hadden we 754 hectare landbouwgrond in productie. Intussen is dat nog maar 440 hectare, maar die worden veel intensiever bewerkt, met volledige irrigatie en geavanceerde rotatie- en bemestingssystemen. We produceren meer voedsel op minder land dan tien jaar geleden."

bananen_dominicaanse_republiek.jpg
Bananenboer op de
Dom. Republiek foto:CC
Tijdens een bezoek aan de vallei legt Rosado het irrigatiesysteem uit. "We krijgen nog altijd hulp van de Japanse regering", zegt hij. "Zij waren de eersten om kanalen te graven en wachtbekkens aan te leggen. Dankzij de irrigatie kan een familie overleven met een stuk grond van 1800 vierkante meter. Een goed irrigatiesysteem kost 100 euro voor 200 meter en gaat ongeveer tien jaar mee. De boer kan het zelf installeren, met onze technische hulp."

Ruimte voor expansie
De enige rem op de ontwikkeling lijkt voorlopig de hoge brandstofprijs, die het pompen duurder maakt en ook het transport en de meststoffen. Hugo Arriasa Morales van de ngo NRECA International ziet daarom een mooie toekomst voor zonne-energie. "Momenteel bouwen we een kleine waterkrachtcentrale in Constanza. Als twintig boeren willen samenwerken voor een systeem op zonne-energie, kunnen we ook hiermee de productiekosten verlagen."

Reacties