In de ban van de buurman

17-06-2010 Bron: IS Online

Wat bepaalt op 9 juni wat wij stemmen? Zijn dat rationele overwegingen, of zijn het emoties? Kiezen wij op grond van argumenten, of volgen wij ons gevoel? Politicologen wijzen doorgaans op argumenten, want die kun je tenminste keurig in kaart brengen. Dat is anders bij emoties, daarover valt alleen maar te speculeren en daar hebben wetenschappers meestal geen zin in. Toch zijn er politicologen die zich op het drassige terrein van de emoties begeven. Een van hen is de Fransman Dominique Moïsi. In zijn boek 'De geopolitiek' van emotie betoogt hij dat emoties onze politieke keuzes bepalen. Veel westerlingen, aldus Moïsi, laten zich in hun politieke keuzes leiden door angst.  

Angst speelt ook een belangrijke rol in Nederland. Door de moorden op Van Gogh en Fortuyn, door 9/11 en het uitbreken van de economische crisis zijn Nederlanders angstiger dan in de jaren tachtig of negentig. Maar in onze politieke keuze speelt nog een tweede emotie een grote rol: empathie. Dat is ons vermogen om ons in andere mensen in te leven, met hen mee te voelen en het voor hen op te nemen. Empathie beperkt zich niet tot onze naasten of onze landgenoten. Films, kabeltelevisie, en internet brengen ook sloppenwijkbewoners van Kinshasa of slachtoffers van de aardbeving in Haïti in onze huiskamers. En wie hen eenmaal heeft ontmoet, al is het maar via het televisiescherm, beseft dat ook zij recht hebben op een menswaardig bestaan.

Buurman
Angst en empathie staan feitelijk tegenover elkaar: wanneer je bang bent voor iemand, dan scherm je je van hem af en ben je niet geneigd iets voor hem te doen. Wanneer je echter met iemand meevoelt, dan stel je je voor hem open en heb je ook iets voor hem over. Toch zijn maar weinig mensen uitsluitend angstig of empathisch. Hoe bang velen sinds 9/11 ook zijn voor mannen met baarden, gehuld in muts en djellaba, wanneer zo’n vrome moslim met zijn fiets onderuit gaat, zullen ook de grootste angsthazen toeschieten en hem overeind helpen. Want op zo’n moment van kwetsbaarheid herkennen we hem niet meer als mos-lim, maar als een mens van vlees en bloed. Andersom kan het natuurlijk ook. Wie tot 9/11 naast een orthodox moslimgezin woonde, hun kinderen een snoepje gaf en op het Suikerfeest baklava cadeau kreeg, bespeurde in de dagen na de aanslagen wellicht en voor het eerst een gevoel van angst. Wie kon immers ga-randeren dat buurman geen brieven met antrax in elkaar knutselde?

Wereldbol
Angst en empathie vloeien niet alleen in elkaar over, ze hangen ook af van toevallige gebeurtenissen. Hoe moeilijk emoties ook in kaart zijn te brengen, de uitkomsten van emoties zijn beter zichtbaar. Wie angstig is, kiest al snel voor zijn eigen veiligheid. Hij beperkt zijn contacten tot de mensen die hij kent en stemt het liefst op krachtige politieke leiders van wie hij verwacht dat ze hem zullen beschermen. Wie empathisch is, kiest ook voor de veiligheid van anderen. Diegene staat open voor contacten met onbekenden en stemt op leiders die ook het belang van anderen in de gaten houden. De angstige stemmer is al snel geneigd tot nationalisme, de empathische stemmer tot kosmopolitisme.
Dat zijn termen die gebruikt worden door Mark Bovens. Deze bestuurskundige wees er afgelopen maanden op dat zich in Nederland een nieuwe politieke tegenstelling ontwikkelt. Ging het in de jaren vijftig nog om de tegenstelling ‘confessionelen en seculieren’ en in de jaren zeventig en tachtig tussen ‘links en rechts’, vandaag draait het volgens Bovens om ‘nationalisten’ en ‘kosmopolieten’. Terwijl nationalisten het belang van Nederland vooropstellen, willen kosmopolieten ofwel wereldburgers ook rekening houden met mensen aan de andere kant van de we-reldbol. Kosmopolieten voelen meer voor de multiculturele samenleving, nationa-listen meer voor de monoculturele. Kosmopolieten staan welwillend tegenover migratie, nationalisten wijzen migratie doorgaans af. Kosmopolieten menen dat we ons moeten inspannen om iets te doen tegen armoede in het Zuiden, nationalisten menen dat we ontwikkelingsgelden beter kunnen gebruiken voor het bestrijden van armoede in eigen land.

Poolse schilder
Toch is het geen simpele tegenstelling tussen links en rechts, meent Bovens. De meest nationalistische partijen zijn de linkse SP en de rechtse PVV. De meest kosmopolitische partijen zijn GroenLinks en D66. Het CDA en de VVD neigen naar nationalisme, maar zijn op dit punt verdeeld. Door de PvdA loopt zelfs een diepe scheur. Enerzijds zijn er PvdA-intellectuelen als Paul Scheffer, auteur van het essay ‘het multiculturele drama’, of Rene Cuperus, auteur van het boek De wereldburger bestaat niet, die scherpe nationalistische standpunten uitdragen. Anderzijds presenteren PvdA-politici als oud-minister Bert Koenders en Tweede-Kamerlid Diederik Samson zich als uitgesproken kosmopolitisch.
Volgens Bovens moeten we proberen te begrijpen waarom mensen op een kos-mopolitische of nationalistische partij stemmen. Veel stemmers op GroenLinks en D66 kunnen het zich simpelweg veroorloven om kosmopoliet te zijn. Ze zijn ho-ger opgeleid, wonen in een rijke buurt, studeerden in het buitenland en laten hun huis opruimen door een Antilliaanse schoonmaakster of in de verf zetten door een Poolse schilder. Wie nationalistisch stemt, is veelal lager opgeleid, moet op de kleintjes letten, woont in een snel verkleurende buurt, kent het buitenland vooral van tv en wordt als schoonmaakster of schilder door Antillianen en Polen weggeconcurreerd. Terwijl de nationalist volop reden heeft om angstig te zijn, heeft de kosmopoliet alle ruimte om empathisch te zijn.

Afstand
Toch vindt ook de kosmopoliet dat zijn eerste verantwoordelijkheid niet ligt in Port-au-Prince of Kinshasa. Die eerste verantwoordelijkheid ligt voor elke mens bij zijn eigen gezin en familie, gevolgd door zijn onmiddellijke buurt, zijn stad en zijn land. Pas daarna is hij verantwoordelijk voor de wereld, inclusief de slop-penwijken van Kinshasa.
Tot zover lijken het kosmopolitisme en het nationalisme nog samen op te trekken. Het verschil is echter dat de verantwoordelijkheid van de nationalist nooit verder zal reiken dan zijn ‘eigen’ mensen. De kosmopoliet probeert daarentegen uit te vinden wat het beste is voor ‘alle’ mensen, waar deze ook mogen wonen. Het belang van de ‘wereld’ vertegenwoordigt voor de kosmopoliet nu eenmaal een ‘hoger’ principe dan het belang van het eigen land. In zijn zoektocht wat het beste is voor iedereen, houdt de kosmopoliet dan ook enige afstand tot zijn concrete land. Niet omdat zijn eigen land hem niet aan het hart gaat, maar omdat zijn politieke engagement ten goede moet komen aan alle mensen, inclusief de mensen van zijn eigen nationaliteit.

Bekrompen
Het zijn niet alleen rationele keuzes die mensen op een nationalistische of kos-mopolitische partij doen stemmen. Uiteindelijk zijn het emoties als angst en em-pathie die bepalen of we ons terugtrekken binnen de grenzen van Nederland, of dat we ook de belangen meewegen van mensen elders ter wereld. Partijen met een kosmopolitische agenda doen er goed aan om deze emoties serieus te nemen. Om angstige Nederlanders niet weg te zetten als bekrompen, dom, racistisch of xenofoob. Om de zorgen van mensen met een lage opleiding, een slechte concurrentiepositie en in arme buurten uiterst serieus te nemen. Kosmopolieten doen er goed aan te benadrukken dat het ook hún eerste verantwoordelijkheid is om op te komen voor Nederlanders. Want empathie krijgt pas een kans wanneer de angst afneemt.

Ralf Bodelier

Ralf Bodelier is freelance journalist, debatleider, schrijver en onderzoeker....

Lees meer van deze auteur >

Reacties