Een verloren Eritrese generatie viert kwart eeuw onafhankelijkheid

19-05-2016
Door: Klara Smits
Bron: OneWorld
Vluchtelingen worden gered.
Op 24 mei viert Eritrea dat het land zich 25 jaar geleden afscheidde van Ethiopië door de hoofdstad Asmara te heroveren. Voor een groep Eritrese vluchtelingen in Nederland is er echter weinig te vieren. Zij dreigen te worden teruggestuurd naar Italië en vrezen daar op straat terecht te komen.
Achtergrond – 

“Ik heb al vijf maanden niet geslapen,” zegt Miela, “help ons alsjeblieft.” Miela is de frontman van een groep van veertig tot vijftig Eritreeërs die via Italië en Zwitserland naar Nederland zijn gekomen. Ze wonen in Nederland verspreid over verschillende asielzoekerscentra. Vele van hen krijgen in Nederland te horen dat, volgens de Dublin-conventie, Zwitserland verantwoordelijk is voor hun asielaanvraag, omdat ze daar hun aanvraag eerder hadden gedaan. Zwitserland reageert daarop door Italië, als het land waar bijna alle Eritreeërs aankomen, verantwoordelijk te stellen, hoewel ze hier geen aanvraag hebben gedaan.

Zwitserland maakt hierbij gebruik van het overbelaste systeem van Italië. Ze sturen een ‘overname-verzoek’ waarop Italië vaak niet reageert. Daardoor gaan ze ‘fictief akkoord’. De asielzoekers kunnen vaak niet in beroep gaan tegen dit besluit, omdat ze de advocaat zelf moeten betalen. Nederland accepteert dit en laat vervolgens aan de Eritrese asielzoekers weten dat ze worden teruggestuurd naar Italië. Nederland kijkt hierbij niet naar individuele situaties. De groep voelt zich hierdoor een speelbal tussen verschillende landen, zegt Miela.

Situatie in Italië

De Eritreeërs maken zich zorgen over Italië.  Ze zijn bang dat ze op straat komen te staan en geen toekomst kunnen opbouwen. Die angst is niet ongegrond; een activist uit Italië zegt dat de asielzoekers die aankomen wel worden geregistreerd, maar vervolgens moeten wachten tot het proces start. Ze komen dan op straat te staan en moeten van noodopvang naar noodopvang, op zoek naar slaapplekken. Ondertussen wordt de wachttijd steeds langer omdat Italië wordt overspoeld door het grote aantal asielzoekers.

De Dublin-conventie ligt al langer onder vuur omdat mensen asiel moeten aanvragen in het land waar ze aankomen; in de praktijk zijn dat vooral Griekenland en Italië. De situatie in Griekenland werd in 2011 ‘onmenselijk’ geacht en dus worden er geen mensen meer teruggestuurd. Dit geldt niet voor Italië, omdat er niet genoeg bewijs is dat de situatie hier ernstig genoeg is. Als oplossing voor de hoge druk heeft de Europese Commissie een herverdelingsplan opgesteld om 160.000 asielzoekers te verdelen van Griekenland en Italië over andere EU landen, maar tot op heden zijn er pas minder dan 2000 herverstigd.  

De nationale dienstplicht is vergelijkbaar met slavernij


Miela zegt dat de groep zich vooral zorgen maakt dat ze in Italië geen toekomst kunnen opbouwen. “We hopen dat Nederland zich van zijn menselijke kant laat zien en onze zaken in behandeling neemt.”

Vluchten uit Eritrea

In Eritrea wordt het leven compleet beheerst door de overheid, waarbij velen in de nationale dienstplicht voor onbepaalde tijd arbeid moet verrichten voor een zeer laag loon. Het gaat niet alleen om militair werk, maar bijvoorbeeld ook om werk in landbouw en constructie. De VN Commissie die onderzoek heeft gedaan naar mensenrechten in Eritrea stelde in haar rapport van juni 2015 dat de nationale dienstplicht vergelijkbaar is met slavernij. Men leeft in Eritrea in constante angst om opgepakt te worden en zonder proces in één van de honderden gevangenissen terecht te komen. Hoewel de vluchtelingen weten dat het levensgevaarlijk is om naar Europa te vluchten, wagen velen de oversteek toch. Onderweg lopen ze onder andere het risico om slachtoffer te worden van mensenhandelaren, terroristische organisaties in Libië of te verdrinken in de Middellandse Zee.

“In Eritrea heb je geen leven,” zegt Miela, “dus je moet het risico nemen.”Miela heeft 15 jaar in de militaire dienstplicht van Eritrea gezeten. De meeste Eritreeërs vluchten vanwege deze dienstplicht en de mensenrechtenschendingen die er plaatsvinden. Vorige week maakte een Zwitserse delegatie bekend dat ze geen vooruitgang in de situatie zagen. De Eritrese overheid heeft afgelopen februari bekend gemaakt de dienstplicht niet te zullen beperken tot 18 maanden, ondanks eerdere beloftes.  

Hoe kunnen Eritreeërs in Europa ontkennen wat het regime doet?

Miela heeft drie kinderen en een vrouw die nog in Eritrea zitten. Hij is halsoverkop gevlucht nadat hij uit de gevangenis ontsnapte. Zijn vrouw heeft hem gesmeekt om niet meer te bellen, omdat ze bang is om gevangen te worden gezet vanwege Miela’s open oppositie tegen het Eritrese regime. Zij heeft al eens een maand lang in de gevangenis gezeten, maar ze is ook met een van de kinderen een aantal dagen vastgehouden. De kinderen, geboren in een ‘vrij Eritrea’, worden op deze manier slachtoffer van de lange arm van het dictatoriale regime.

Misdaden tegen de mensheid  

Op 21 juni zal de ‘VN-onderzoekscommissie van Mensenrechten in Eritrea’ een nieuw rapport presenteren in de VN Mensenrechtenraad. Hieruit zal moeten blijken of de Eritrese overheid schuldig is aan misdaden tegen de mensheid.

Er zijn ook mensen van Eritrese afkomst die zich tegen de VN Commissie uitspreken. Zij zeggen dat de situatie in Eritrea veel te negatief wordt afgebeeld. Miela en een andere vluchteling die anoniem wil blijven, verbazen zich hierover. “Wij hebben jarenlang in dienstplicht gezeten en we kennen de situatie. Hoe kunnen Eritreeërs in Europa ontkennen wat het regime doet?”

 

Klara Smits

Klara Smits werkt bij Europe External Policy Advisors (EEPA) in Brussel, waar...

Lees meer van deze auteur >

Reacties