Column: De voetbalcuisine

03-07-2002
Door: OneWorld Redactie
Bron: Elias Makori

Wat een geweldig diner kregen we zondagavond voorgeschoteld: Italiaanse pasta met Franse wijn. Maar uiteindelijk bleek de Franse wijn toch het aangenaamst te smaken.

De 2-1 'sudden death' overwinning van Frankrijk was winst voor het aanvallende voetbal, ten koste van de defensieve variant. Het was een prima finalewedstrijd en wat mij betreft verdient Roger Lemerre's elftal een pluim op de hoed.

Ik heb 31 wedstrijden gezien en voor mij is de conclusie duidelijk: het spelniveau in Afrika ligt niet ver achter bij wat hier gepresteerd wordt.

Het probleem is alleen dat de Afrikaanse voetbalbonden niet over dezelfde middelen beschikken als hun Europese collega's. En daar moet ik tot mijn spijt aan toevoegen dat het beetje geld dat er is vaak verkeerd wordt gebruikt.

Wat trainings-faciliteiten en financiën betreft, hebben de Afrikaanse elftallen nog een hele afstand te overbruggen. En natuurlijk zijn er aardig wat lessen te trekken uit de soepele manier waarop het hele toernooi in Nederland en België is georganiseerd.

De fans van de 16 elftallen hebben zich in de regel goed gedragen. Behalve dan de Engelsen, maar die vormen nu eenmaal altijd een uitzondering. Petje af voor de Franse fans die hun overwinning hoogst bescheiden hebben gevierd. Geen vervelende toestanden na het laatste fluitsignaal in Rotterdam, en ook niet op de Parijse Champs Elysees. Het traditionele overwinningsfeest zag er overweldigend uit.

Ik denk dat ik het meest ben teleurgesteld door het vertrek van Frank Rijkaard als coach van het Nederlands elftal. Hij had moeten blijven en het team door de kwalificatieronde van de WK 2002 moeten loodsen.

Rijkaard was altijd de rust zelve als hij vragen van journalisten moest beantwoorden en zijn optreden tijdens persconferenties was indrukwekkend. Wat mij betreft had hij beter verdiend. Maar hij is nog jong en heeft nog een fraaie toekomst voor zich als trainer.

Oranje-fans ondergaan hun lot
Ik was zeer ingenomen met de houding van de Nederlandse fans tijdens het toernooi. Ze zijn er bekaaid afgekomen met de penalty-afgang van het nationale elftal. In Afrika was Frank de Boer door de modder gehaald na het missen van twee penalty’s tegen de Italianen. Maar de Nederlandse fans ondergingen het bijna als hun lot.

Ik ging ‘s avonds vaak ergens een biertje drinken, meestal in de Amsterdamse Rosse Buurt, en dan waren er altijd makkelijk aanspreekbare Nederlandse fans te vinden. Onderwerp van gesprek: voetbal natuurlijk.

De fans hadden verschillende en heel vaak goede verklaringen voor de manier waarop het elftal speelde. Ze konden goed uitleggen waarom bijvoorbeeld Paul Bosveldt werd opgesteld in plaats van Michael Reiziger of waarom Clarence Seedorf het grootste deel van het toernooi op de reservebank doorbracht. Ze waren allemaal gek van hun team.

Mocht voor dat laatste nog bewijs nodig zijn, dan hoefde je alleen maar naar het oranje in de straten, de treinstations en de restaurants te kijken.


Ik was ook behoorlijk onder de indruk van de manier waarop de Nederlandse politie zich opstelde. Hier liggen lessen voor de Keniaanse politie. Agenten waren altijd bereid te helpen. Ze wezen mensen de weg en beantwoordden alle vragen, van de meest intelligente tot de meest stompzinnige.

De politie had ook een brochure uitgegeven over wat wel en niet mocht, speciaal voor de voetbalfans. Ik vond dat schitterend. Ik wist bijvoorbeeld helemaal niet dat er zware boetes stonden op urineren in het openbaar of het nuttigen van alcohol op straat.

En zo zijn er meer dingen die wij in Kenia kunnen leren van de Nederlandse politie, zodat mensen in alle rust van het leven kunnen genieten en niet in zeven sloten tegelijk lopen.


De media-organisatie was overweldigend goed en de informatiestroom uitermate betrouwbaar. Ik durf te wedden dat er geen journalist rondloopt die iets te klagen heeft.


Nog een enkel woord over de organisatie door twee landen. Het is op zich geen slecht idee, denk ik, maar volgens mij is het qua logistiek toch gemakkelijker om de organisatie van een toernooi als dit aan één land over te laten.

Zowel de Belgen als de Nederlanders hadden ieder voor zich een succesvol toernooi op kunnen zetten. Dan was ook duidelijker geweest van wie Euro 2000 nu eigenlijk was: was het een Nederlands of een Belgisch succes? Nu is dat onduidelijk.

Ik heb een hoop geleerd in de afgelopen drie weken. Het is alleen jammer dat ik nog geen Nederlands spreek. Misschien heb ik daarmee een excuus om nog een keer terug te komen.

Jammer genoeg hebben de meeste Afrikaanse media-bedrijven geen geld om journalisten op pad te sturen voor grote kampioenschappen zoals Euro 2000. Het zijn tenslotte uitgelezen gelegenheden om je eigen kennis en kunde te verbeteren.

Vandaar dat mijn eeuwige dank uitgaat naar de Dick Scherpenzeel Stichting en de NCDO, die me de kans hebben gegeven om Euro 2000 mee te maken. Zo heb ik kunnen genieten van de warme gastvrijheid van de Nederlanders, en van het koele Nederlandse bier.

Elias Obanyi Makori (1970) is plaatsvervangend chef sport van het dagblad The Daily Nation. Hij versloeg diverse Afrikaanse toernooien (cricket, volleybal, voetbal) en internationale wedstrijden (Japan, Nederland). Hij levert regelmatig journalistieke bijdragen aan de BBC Radio en Deutsche Welle. Elias Makori is samen met drie andere Afrikaanse sportjournalisten uit Uganda, Ghana en Liberia op uitnodiging van de NCDO en de Dick Scherpenzeel Stichting te gast in Nederland om hun kijk op de EK te geven.

Link naar de Keniase krant The Daily Nation

Reacties