Clichébeeld indiaan moet bijgesteld

26-07-2000
Door: OneWorld Redactie
Bron: IPS/doris

Alvaro Bello en Marta Rangel, twee Eclac-bevolkingsexperts, onderzochten de oorzaken van de sociale uitsluiting van inheemse en zwarte bevolkingsgroepen in Latijns Amerika. Etnische minderheden vertegenwoordigen samen bijna 40 procent van de totale bevolking van Latijns Amerika.

Uit hun rapport 'Etniciteit, ras en gelijkheid in Latijns Amerika en de Cariben’ blijkt dat de sociaal-economische situatie van indianen in Guatemala het slechtste is. 86,6 Procent leeft onder de armoedegrens, in vergelijking met 53,9 procent van de niet-indiaanse bevolking.

De ongelijkheid tússen de etniciteiten is het grootst in Mexico. Daar leeft 80,6 procent van de indiaanse bevolking in extreme armoede, tegen 17,9 procent van de ‘witten’. In Peru en Bolivia zijn de verhoudingen iets minder extreem.

De zwarte en inheemse bevolking in de meeste landen leeft in armoede en heeft geen toegang tot onderwijs dat aandacht besteedt aan hun culturele en religieuze gewoonten, talen en dialecten.

Bovendien zijn ze in veel landen beroofd van de middelen van bestaan, zoals hun land en natuurlijke hulpbronnen. Het gevolg daarvan is dat ze de laatste twee decennia massaal naar de steden zijn getrokken, waar ze kwalitatief slecht en laagbetaald werk doen.

Dus, merken Bello en Rangel op, het stereotiepe beeld van de arme indiaanse campesino' (boer) gaat nog op voor een deel van de inheemsen op. Dezelfde trend is waarneembaar onder Afro-Amerikanen, zij het wellicht sterker omdat zij niet zozeer verbonden waren aan het land.

Indianen zichtbaarder en weerbaarder
De armoedegordels rond Mexico-Stad, Bogotá, Santiago, Lima en andere grote steden hebben zich de laatste decennia dan ook ontwikkeld tot grotendeels indiaans gebied.

Toch concluderen de onderzoekers dat de migratie van het platteland naar de stad niet synoniem is voor het verlies van culturele identiteit. ‘De gemeenschapsbanden en traditionele verwantschapssystemen worden in de stad vernieuwd en vaak verdiept. In een (vijandelijke) stedelijke omgeving vormen ze een belangrijke troef voor de migranten,’ schrijven Bello en Rangel.

De doorsnee indiaan van het jaar 2000 is met andere woorden steeds meer een stadsindiaan.

Er is een andere kant aan het verhaal van de verstedelijking. De etnische minderheden zijn de laatste jaren veel weerbaarder en zichtbaarder geworden, merken de auteurs op.

Naar hun eisen wordt zowel in hun eigen land als op de internationale fora beter geluisterd. Dat heeft met de veranderende internationale en nationale context te maken, maar ook met de ‘verstedelijking’ van de inheemse en zwarte protestbewegingen.

Opmerkelijk vinden de Eclac-experts de groeiende eis van ‘territoriale autonomie en een meer autonoom beheer van de natuurlijke rijkdommen’ in gebieden die door minderheden worden bewoond.

In verscheidene landen van Latijns Amerika kunnen separatistische bewegingen in de toekomst een bedreiging gaan vormen, waarschuwen de auteurs.
‘Intern kolonialisme’
Toch slaat Latijns Amerika een slecht figuur in vergelijking met de ‘indrukwekkende stappen’ die elders op de wereld zijn gedaan op het vlak van het respect voor rechten van minderheden en de gelijke behandeling van etnische groepen, aldus het rapport.

Integratie en emancipatie van zwarten en indianen zijn in de regio ‘vooral symbolisch van aard (…), maar worden in de praktijk genegeerd’. Indianen zijn in de regel veel slechter opgeleid en ongezonder dan hun niet-indiaanse medeburgers.

In hun verklaring voor het dubbele beeld van ‘ophemeling van de indiaan’op papier enerzijds en brutale discriminatie anderzijds, verwijzen de auteurs naar het begrip ‘intern kolonialisme’. Het Spaanse en Portugese kolonialisme is door de meerderheid van niet-inheemsen ‘verinnerlijkt’.

Volgens de auteurs is meertalig en ‘bicultureel’ onderwijs een belangrijke sleutel tot positieve verandering. Bolivia, Chili en Guatemala krijgen op dit punt een pluim.

Persbericht van Eclac

Reacties