Burgemeesters

01-05-2005
Door: Tekst: Annick Weijntjes


In een gemeente in het afgelegen noordoosten werd ik hartelijk ontvangen door een dynamisch ogende man van een jaar of veertig. Hij was onderwijzer van beroep, maar tegelijkertijd bezig aan zijn doctoraat over de traditionele ijzerproductie in zijn gemeente rond het begin van de twintigste eeuw. Met het geld van zijn beurs verbleef hij drie maanden per jaar in Brussel om onderzoek te doen, en dat schoot al aardig op. Als alles meezat, zou hij nog voor het einde van zijn mandaat kunnen promoveren en daarna verder kunnen in de wetenschap. Met twinkelende ogen vertelde hij me over zijn uitstapjes naar Parijs en Frankfurt en over z'n hoop dat zijn gemeente er op een dag ook zo uit zou zien.

Maar daarvoor is nog een lange weg te gaan. Momenteel is er nog geen elektriciteit en de telefoon doet het slechts sporadisch, om van mobiele dekking maar te zwijgen. Dat is de werkelijkheid waar de burgemeester voor heeft gekozen, en ik vraag me af waarom. Wat beweegt een goed opgeleide man om zich voor een salaris van niets vijf jaar lang in te zetten voor de ontwikkeling van zijn gemeente? 'l'Esprit de sacrifice', noemt men het hier, en daar heeft deze burgemeester duidelijk een flinke dosis van meegekregen. Maar wat gebeurt er als hij het straks na vijf jaar voor gezien houdt? Is er dan voldoende institutioneel geheugen opgebouwd om verder te gaan, of komt de gemeente stil te liggen als het doek valt voor deze 'onemanshow'? Die kans bestaat helaas en de huidige burgemeester maakt zich er duidelijk zorgen over.

In een gemeente iets verder naar het zuiden kreeg ik een voorproefje van een mogelijk scenario. Enigszins verlegen werd ik er door het districtshoofd ontvangen, omdat de burgemeester en de wethouder beiden verhinderd waren. Door alle workshops en trainingen die er worden gegeven, komt dat hier om de haverklap voor, dus ik zocht er verder niets achter. Maar bij navraag bleek er in dit geval toch meer aan de hand te zijn. De heren zaten namelijk in de gevangenis, op verdenking van medeplichtigheid - door nalatigheid - aan de moord op de plaatselijke koning. Inmiddels zaten ze al vier maanden vast en de gemeente lag op zijn gat. Niemand leek goed te weten hoe het nu verder moest. En ik eerlijk gezegd ook niet.



Reacties