'Besturen moeten voor de helft uit vrouwen bestaan'

08-06-2000
Door: OneWorld Redactie
Bron: onzeWereld

De lobbygroep Women's Environment and Development Organisation (Wedo) uit New York eist samen met een aantal andere vrouwengroepen dat overheidsbesturen vrouwelijker worden.

In 2003 moet 30 procent van de bestuurders in nationale regeringen en lokale besturen vrouw zijn. In 2005 moet er een evenwicht tussen beide seksen zijn, zegt Wedo.

De organisatie lanceert een wereldwijde campagne met de slogan '50/50 in 2005: breng de balans in evenwicht!' Ongeveer 45 niet-gouvernementele organisaties steunen de campagne.

'Vijf jaar na de historische Vrouwenconferentie in Peking zijn vrouwen nog steeds ondervertegenwoordigd in hoge bestuursfuncties, in de privé-sector, de media, de rechtspraak en academische instellingen,’ stelt Wedo.

Regionale en internationale organisaties zijn er niet in geslaagd voor gelijke kansen tussen de geslachten te zorgen. Dit geldt ook voor instellingen als de Wereldbank en de Verenigde Naties, die gelijkheid tussen man en vrouw juist pogen te bevorderen. Zij kennen amper vrouwelijke topbestuurders.

Quota noodzakelijk, geen garantie
Uit gegevens en schattingen van de VN blijkt dat landen die een quotasysteem invoerden, nu heel wat meer vrouwen in hun regering hebben.

In West-Europa is Scandinavië de koploper. Zweden staat op de eerste plaats met bijna 43 procent, daarna volgen Denemarken en Noorwegen met respectievelijk 37 en 36 procent.

In Frankrijk moeten volgens een grondwetswijziging uit 1999 het parlement voor de helft uit vrouwen bestaan. Partijen die meer mannen dan vrouwen op hun lijst hebben staan, krijgen een boete.


In Zuid-Afrika bekleedden vrouwen de laatste jaren heel wat meer bestuursfuncties. Het land klom van nummer 141 in 1994 naar de achtste plaats in 1999 op de lijst van landen met de meeste vrouwen in het parlement. Deze stijging is deels te danken aan de introductie van een verplicht quotum van 30 procent vrouwen op elke lijst.


Ook India, Nepal, Peru, Argentinië, Bolivia en Ecuador kennen quota.

Volgens Wedo zijn dergelijke quota noodzakelijk. Maar ze bieden geen garantie dat vrouwen actief en gelijkwaardig deelnemen aan de economische, sociale en politieke besluitvorming.

Toch is volgens Wedo bewezen dat wanneer vrouwen goed vertegenwoordigd zijn in bestuursorganen, thema's als kinderopvang, geweld tegen vrouwen en onbetaalde arbeid sneller boven aan de politieke agenda.
Moeizame onderhandelingen in New York
De onderhandelingen in New York over een slotdocument ('Further actions and initiatives to implement the Beijing Declaration and the Platform for Action') verlopen erg moeizaam. Vertegenwoordigers van veertig staten bespreken in twee werkgroepen de effecten van de conferentie in Peking van 1995 en wat er moet gebeuren om het uitblijven van effecten te verbeteren.


Tijdens de onderhandelingen waren er verschillen van mening over onderwerpen als 'familie, gezondheid en gewapende conflicten'.


Ook over thema’s als seksuele vrijheid en zelfbeschikking over voorplanting ontstonden weer de gebruikelijke problemen. Amerikaans religieuze organisaties kregen steun van de Afrikaanse afgevaardigden om een tekst over de rechten van homoseksuelen uit de slottekst te weren.

'Vrouwen op deze conferentie moeten niet over lesbische relaties debatteren,’ zei een Nigeriaanse parlementariër. ‘We moeten échte issues bespreken, zoals de vervrouwelijking van armoede,' zei Susan Roylance van de conservatieve Amerikaanse organisatie United Families International. 'Dat is wat Afrikaanse landen ook willen. Maar de agenda over seksuele vrijheden wordt gepushed door de Europese lidstaten.'

Amnesty International stelde dat een ongebruikelijke ‘alliantie’ van het Vaticaan, Iran, Algerije, Syrië, Libië, Marokko, Pakistan en Nicarargua de rechten van vrouwen rond seksuele vrijheid en voorplanting weer probeert terug te draaien. Vijf jaar geleden in Peking werd hierover na moeizame onderhandelingen juist overeenstemming bereikt.

Alles over de conferentie in New York

Reacties