Bedoeïenen in Israël bedreigd door nederzettingenpolitiek

29-07-2004
Door: OneWorld Redactie
Bron: IPS/OneWorld

De status van de bedoeïenen is al sinds de stichting van de staat Israël in 1948 onderwerp van discussie. De bedoeïenendorpen worden niet officieel erkend en zijn daarom al jarenlang onderwerp van bestuurlijke strijd. De dorpen staan niet op de kaart en komen ook niet voor in de statistieken. Omdat ze niet erkend zijn, hebben ze zelfs geen recht op de basisvoorzieningen. Het land heeft volgens de overheid een agrarische bestemming, wat betekent dat bouwen illegaal is.

Ongeveer 70.000 bedoeïenen leven in niet-erkende dorpen met nauwelijks voorzieningen, de rest in zeven, door de overheid gestichte, erkende dorpen. Met het Negev Ontwikkelingsplan wil de regering-Sharon de zes grootste bedoeïendorpen erkennen, met de bedoeling dat alle bedoeïenen zich daar vestigen. Voor het nomadenvolk is dat onacceptabel, omdat ze daarmee de in hun ogen historische rechten op het land kwijtraken.

Volgens Jafar Farah, directeur van het Mossawa Centrum, een van de 29 organisaties die het 'Samen Forum' voor bedoeïenenrechten vormen, worden de bedoeïenen systematisch van hun traditionele land verdreven. Tegelijkertijd komen er in het gebied wel nieuwe joodse nederzettingen bij. 'Het wordt tijd dat de internationale gemeenschap de Israëlische regering hierop aanspreekt,' aldus Farah.

Afgaand op de vele partijen die zich bemoeien met de kwestie, van niet-gouvernementele organisaties tot politici en journalisten, kan de aandacht voor de bedoeïenen leiden tot betere voorzieningen in de dorpen. Anderen zijn somberder gestemd, zij voorspellen zelfs een opstand onder de bedoeïenen.

De bedoeïenen moeten het niet alleen stellen zonder water, elektriciteit, onderwijs en gezondheidszorg, delen van hun land worden ook vervuild door de Israëlische chemische industrie. Dat is onder meer het geval bij Ramat Hovav, waar Israël chemisch afval opslaat. Er leven ongeveer 4.000 mensen in de omgeving van het fabrieksterrein. De vervuiling veroorzaakt onder meer hoge kindersterfte en verhoogt het risico op kanker. Uit overheidsonderzoek, dat na jarenlange druk werd gepubliceerd, bleek dat er onder bedoeïenen veel aangeboren afwijkingen voorkomen.

Ariel Dloomy van het Negev co-existentie forum heeft als joods burger het recht om te wonen waar hij wil. Maar Bedoeïenen hebben geen keus, volgens Dloomy. Ze kunnen of illegaal blijven waar ze zijn, of verhuizen naar een nederzetting waar de sociaal-economische omstandigheden beroerd zijn. Dloomy’s organisatie richt zich op de dialoog tussen joden en Bedoeïenen. ‘We roepen de regering op om te onderhandelen met de bedoeïenen en ze te behandelen als gelijkwaardige burgers, niet als tweederangsburgers’, zegt hij.

color=red>

Reacties