Beauties of colour: ik wil er meer van

04-01-2017
Door: Janice Deul
Bron: OneWorld
Opinie – 

De modellen in internationale modebladen waren vorig jaar ‘diverser’ dan ooit, blijkt uit cijfers van The FashionSpot, de Amerikaanse organisatie die dat wereldwijd in kaart brengt. Het coverbeleid van Nederlandse topglossies stond echter haaks op deze trend.

Ook in 2016 propageerden onze fashionmagazines met name het beeld van jong, blank en slank. ‘Kleur’ was maar mondjesmaat te bekennen op de toonaangevende modebijbels: Harper’s Bazaar en ELLE hadden beide één gekleurd covermodel. Vogue had er zelfs geen een. Model Damaris Goddrie prijkte op het novembernummer van Harper’s en Beyoncé blikte fierce de camera in op het meinummer van ELLE. Nu is ‘Bey’ natuurlijk geen model, dus dat telt maar half. Van plussize (grofweg vanaf maat 42) of plus-age (40+-modellen) was evenmin sprake. Om van transgendercoversterren maar te zwijgen.

Een teleurstellende uitkomst. Toch blijf ik magazine-minnend. Heus niet alleen vanwege de jurken en jassen, de tassen en trends, of de glitz en glam die de bladen ons voorschotelen. Mijn fascinatie gaat verder. Mode als maatschappelijk verschijnsel, de psychologie erachter, de kracht van de magazines, dat interesseert me het meest. Wat doet het met je als je steeds hetzelfde type vrouw in modebladen ziet? Welke gevolgen heeft dat voor je zelfbeeld? En voor je visie op anderen? Ik geloof dat bladen er aan kunnen bijdragen dat we gelukkiger worden, blijer met onszelf en met elkaar. Simpelweg door een minder homogeen beeld van beauty te laten zien.

Wie niet coverproof wordt geacht, is het letterlijk niet waard om gezien te worden


Titels als ELLE, Vogue en Harper’s Bazaar registreren niet alleen hoe wij denken over schoonheid, zij regisseren dit beeld ook. Wat (of wie) in of op zo’n glanzend modeblad verschijnt, is mooi, stylish, fashionable. En wie niet coverproof wordt geacht, niet in het geijkte plaatje past, is het letterlijk niet waard om gezien te worden. Dat is althans de impliciete boodschap die de lezers meekrijgen. Dit lijkt gechargeerd, maar we moeten de macht van mode en media niet onderschatten. Heel veel jonge vrouwen (en mannen) spiegelen zich aan wat ze in de bladen en op de catwalks zien.

Wellicht ken je het decennia-oude ‘white doll/black doll’-experiment, onlangs wederom uitgevoerd voor Sunny Bergmans laatste docu. Een groep jonge kinderen wordt geconfronteerd met een aantal poppenfiguren, in huidskleur variërend van wit tot zwart, waarbij aan de zwarte pop alle mogelijke negatieve kwalificaties worden toegekend. Zwart is onbetrouwbaar, niet slim, niet gehoorzaam. En: niet mooi. Opvallend is dat ook de zwarte kinderen in grote lijnen negatief over de donkere poppen denken. Een hartverscheurende uitkomst, zij het niet onverwacht. Ook die zwarte kinderen leven immers in een wereld waarin wit de norm is en als aantrekkelijker, intelligenter, beter, superieur wordt beschouwd. Een wereld waarin zwarte rolmodellen op velerlei gebied ondervertegenwoordigd zijn en waarin de schoonheid van zwarte en gekleurde vrouwen maar mondjesmaat wordt gevierd. We hebben behoefte aan gevarieerde positieve beelden. Iconen van beauty waarin we onszelf allemaal kunnen herkennen.

Lifestyleglossy Marie Claire plaatste in december het model Aminanta Minte op de cover. Een beeldige jonge vrouw met een donkere huid en het ultrakorte afrokapsel, dat lang niet door iedereen als token of beauty wordt beschouwd. Modellen als zij sieren niet vaak high-end glossies. Hopelijk zullen de bladenmakers van Nederland in 2017 meer diversiteit laten zien. Fabuleuze veertigplussers, beauties of colour, volle vrouwen, transmodellen. Ik wil meer, meer, meer.

Reacties