Arme landen profiteren nauwelijks van WTO-regeling aidsmedicijnen

10-03-2004
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld

Sinds de 146 lidstaten van de WTO in augustus vorig jaar overeenkwamen dat ontwikkelingslanden geneesmiddelen tegen aids, malaria en tuberculose mochten importeren van goedkope producenten uit Brazilië en India, is er volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) niets veranderd. ‘Voor zover wij weten heeft nog geen enkel ontwikkelingsland een aanvraag gedaan voor een vergunning om de medicijnen te importeren,’ verklaart Daniela Bagozzi van de WHO het uitblijven van de import van goedkope medicijnen. In het verdrag is namelijk afgesproken dat de landen een dergelijke vergunning moeten aanvragen.

Een functionaris van het Aidsprogramma van de Verenigde Naties die liever anoniem wil blijven, zegt juist dat het WTO-verdrag te ingewikkeld is opgesteld. Dat zou de reden zijn waarom de arme landen nog geen stappen hebben ondernomen. De anonieme beambte beschuldigt ook de Verenigde Staten ervan dat zij kleine landen in Midden-Amerika en Marokko onder druk zetten om geen gebruik te maken van de overeenkomst.

Het heeft een tijd geduurd voordat het WTO-akkoord tot stand kwam omdat de farmaceutische industrie flink dwars lag en Washington voor zijn karretje wist te spannen. Het argument van de pillendraaiers was dat zij zo het geld dat zij in de ontwikkeling van de medicijnen hadden gestoken, niet zouden terugverdienen. Bovendien vreesden zij dat de goedkope medicijnen uit arme landen ook op de westerse markt terecht zouden komen. Om dit te voorkomen moesten er allerlei regels aan het verdrag worden toegevoegd.

Ideale zondebok

Volgens een woordvoerder van de Europese vereniging van farmaceutische bedrijven (Efpia) was deze angst echter ongegrond. ‘Het patent van zeker 95 procent van de medicijnen die op het WTO-lijstje staan is al verlopen. Die medicijnen mogen toch wel worden nagemaakt of er nu wel of geen WTO-verdrag is. Het probleem zit hem er gewoon in dat de arme landen geen geld hebben en doorgaans ook geen ziekenhuizen, dokters, distributiesystemen en drinkwater.’

Een directeur van een farmaceutisch bedrijf voegt hieraan toe dat zijn bedrijfstak de ideale zondebok is. ‘Regeringen gebruiken ons als excuus om niet in de gezondheidszorg te investeren.’

‘Afgezien van wie de schuldige is, is wel zeker dat de geneesmiddelenfabrikanten niet lijden onder de huidige situatie,’ reageert Jennifer Bryant van Oxfam op de hele discussie. Zij vindt het noodzakelijk om het WTO-verdrag anders te formuleren. ‘Alleen door concurrentie met de producenten van de goedkope medicijnen, zullen de prijzen echt scherp dalen.’

UNAids
Efpia
Efpia

Reacties